Tentoonstelling brengt hulde aan Goethe en zijn tijdgenoten

Aan de Via del Corso 18 vind je het Casa di Goethe, wellicht stapte je hier ooit al wel eens binnen voor een bezoek aan de woning waar de Duitse dichter tijdens zijn Italiaanse reis in Rome een hele tijd verbleef. Tot 1 februari 2015 kan je hier een tentoonstelling bekijken die het verhaal brengt van de Duitse landschapsschilders in Rome. Het gaat om vrienden of tijdgenoten van Goethe, die ons met hun werk en hun biografieën laten kennismaken met het Rome zoals het er in de achttiende eeuw uitzag. De expo “Il cielo sopra Roma, pittori tedeschi e paesaggio italiano” is niet alleen een eerbetoon aan de Duitse schilders uit die periode, maar probeert ook duidelijk te maken waarom de stad Rome in al die eeuwen zoveel kunstenaars heeft geïnspireerd. Heeft het echt te maken met die blauwe lucht en dat unieke licht of zit er meer achter?

Casa Moscatelli was een gewoon pensionnetje aan de Via del Corso, toen Goethe (1749-1832) er van eind oktober 1786 tot einde april 1787 verbleef. Sindsdien is het nauwelijks veranderd. Rechts op de gevel lezen we ‘in questa casa immagino e scrisse cose immortali Volfango Goethe’. In 1990 werd de eerste verdieping van het gebouw aangekocht door Daimler-Benz en ingericht als museum. De jongste jaren lokt het Casa di Goethe steeds meer belangstellenden.

De toen 37-jarige Goethe noemde in zijn ‘Italiänische Reise’ zijn verblijf in Rome de gelukkigste en productiefste tijd van zijn leven, hij beleefde in ‘de oudste hoofdstad ter wereld’ naar eigen zeggen een wedergeboorte. Zijn reisjournaal omvat 671 bladzijden waarvan er 55 gewijd zijn aan Rome.

We lezen er ondermeer: ‘Ik kan zeggen dat ik alleen in Rome heb gevoeld wat eigenlijk een mens is. Tot die hoogte, tot zulk een geluksgevoel ben ik later nooit meer gekomen; vergeleken met wat ik in Rome voelde ben ik daarna eigenlijk nooit meer vrolijk geweest’. En nog: ‘Rome is als de zee, hoe verder je erin gaat, hoe dieper het wordt’ en ook: ‘Wij passeerden allerlei hoogst interessante bouwwerken waaraan wij echter ditmaal weinig aandacht schonken, maar veeleer onze blijdschap en goede luim de vrije teugel lieten’.

Als reclame voor Rome kan dat wel tellen. Maar de volgende dag schrijft Goethe: ‘Wat aanvankelijk een zorgeloos genot bracht toen men het oppervlakkig in zich opnam, dat blijkt naderhand allerlei moeilijkheden mee te brengen, wanneer men tot het inzicht komt dat zonder grondige kennis toch ook het ware genot ontbreekt’. ‘ich tue nur die Augen auf und seh’ und geh’ und komme wieder, denn man kann sich nur in Rom auf Rom vorbereiten’.

De tijden zijn niet veranderd. Lang vóór zijn bezoek aan Rome schreef Goethe in 1770 ‘Parijs zal mijn school zijn, Rome mijn universiteit. Want het is echt een universiteit; wie Rome heeft gezien, heeft alles gezien’.

Om maar te zeggen dat Goethe niet alleen echt verliefd was geraakt op Rome, hij droomde er ongetwijfeld al lange tijd van om de stad te kunnen bezoeken. Hij logeerde in Rome samen met zijn vriend de schilder Johann Tischbein (1751-1829). Van Tischbein kennen we het beroemde schilderij uit 1787 ‘Goethe in de Romeinse Campagna’ nu te bekijken in het Städelsches Kunstinstitut in Frankfurt. Goethe zelf heeft het werk nooit voltooid gezien. De versie die Andy Warhol van dit werk maakte hangt in Rome bij de ingang van het museum.

Tischbein, die wegens zijn vriendschap met Goethe door zijn vrienden gemeenzaam ‘Goethe Tischbein’ werd genoemd, schilderde in hun Romeinse pension een portret van Goethe waarbij we deze ruggelings zien terwijl hij door het raam naar de mensen in de Via del Corso kijkt.

Het dagboek ’Italienische Reise’ verscheen pas in 1816-1817 op het ogenblik dat Canto IV, de lofzang op Italië van Byron (‘welk land draagt zijn verval zo elegant?’ IV,26,5) waarmee het kan vergeleken worden furore maakte.

Byron zette zijn reizen om in verzen op het moment dat hij reisde, Goethe heeft zijn reis dertig jaar later in proza neergeschreven. Beiden stonden aan de wieg van het negentiende-eeuwse toerisme, tot uiteindelijk een eeuw later de democratisering van de ooit zo verre en dure reis echt toesloeg.

OVER GOETHE

Goethe was de zoon van de keizerlijke raad Johann Caspar Goethe en diens twintig jaar jongere vrouw, de burgemeestersdochter Katharina Elisabeth Textor. Zijn intellectuele vorming werd door zijn strenge, rationalistisch denkende vader ter hand genomen, maar zijn moeder vormde door haar vrolijkheid, eenvoudige vroomheid en groot verteltalent een sterk tegenwicht. Op zestienjarige leeftijd liet Goethe zich in Leipzig als student in de rechten inschrijven, maar hij volgde de colleges vrijwel nooit. Wel nam hij veel tekenlessen en stortte zich ’s avonds in het uitgaansleven.

Zijn gedichtjes voor de vlotte, maar nuchtere Kätchen Schönkopf zijn vol anacreontische speelsheid maar in enkele ervan kondigt zich toch wel de latere ‘Erlebnislyrik’ aan. Op zijn negentiende verjaardag keerde hij – ernstig ziek – terug naar Frankfurt, waar hij verzorgd werd door zijn moeder en haar piëtistische vriendin Susanna von Klettenberg (de ‘schöne Seele’ uit Wilhelm Meisters Lehrjahre). Hij las veel godsdienstige, mystieke en natuurfilosofische geschriften, ging in 1770 in Straatsburg rechten studeren en deed anderhalf jaar later zijn licentiaatsexamen.

Invloedrijke gebeurtenissen uit zijn Straatsburgse tijd waren: de ontmoetingen met de Sturm-und-Drang-dichters, o.a. Lenz, Wagner en Jung-Stilling, voorts de vriendschap met Herder, door wie hij zich van zijn roeping tot dichter bewust werd en die zijn belangstelling zowel voor de ongekunstelde oude volkspoëzie als voor de bijbel, Homerus en Shakespeare wekte, en ten slotte zijn liefde voor Friederike Brion, die hem tot de hartstochtelijkste liefdesliederen inspireerde (o.a. Willkommen und Abschied, Mailied). Hij verliet Straatsburg zonder afscheid van haar te hebben genomen.

In 1772 was hij gedurende vier maanden jurist bij het gerechtshof in Wetzlar. Een niet beantwoorde liefde voor Charlotte Buff (Lotte uit Die Leiden des jungen Werthers), de verloofde van een collega, was de aanleiding tot zijn spoedig vertrek. Zijn onevenwichtigheid, zijn verachting voor conventie en gezag, zijn overgave aan de irrationele krachten in de natuur en aan de demon in zichzelf, blijken uit zijn prachtige, in vrije ritmen geschreven hymnen (o.a. Wanderers Sturmlied, Prometheus, Ganymed).

Zijn genie omvatte alle componenten van de Sturm und Drang: de extraverte exponent, de verheerlijking van de mens vol besef en vertoon van eigen kracht (de titanische ‘Kerl’) is te vinden in zijn Shakespeareaans treurspel Götz von Berlichingen (1773), de introverte exponent, de cultus van sentimentaliteit en zelfbeklag, in Die Leiden des jungen Werthers (1774), een roman in brieven, die hem reeds op zijn vijfentwintigste jaar wereldberoemd maakte. In deze tijd ontwierp hij ook de eerste plannen voor zijn meesterwerk Faust en voltooide hij de treurspelen Clavigo (1774) en Stella (1775). Zijn verloving in 1775 met de bankiersdochter Lili Schönemann verbrak hij na enkele maanden wegens incompatibilité d’humeur (lyriek: Neue Liebe, neues Leben; An Belinden; Lilis Park; Auf dem See).

Op uitnodiging van hertog Karl August van Saksen-Weimar ging hij eind 1775 als gast naar Weimar. Het zou een verblijf voor het leven worden. Vanaf juni 1776 werd hij bij de regering betrokken; hij voerde de opdrachten op agrarisch en industrieel gebied nauwgezet uit. De hertog beloonde hem met titels, ordes en het adelspredikaat ‘von’. Goethe vatte liefde op voor de zeven jaar oudere, gehuwde Charlotte von Stein. Haar beheerste liefde voor hem en haar begrijpend meeleven gaven hem innerlijke rust en inspireerden hem tot de schoonste lyriek: o.a. An den Mond, Harzreise im Winter, Wanderers Nachtlied, I en II. Ook ontstonden in deze jaren zijn bekende ballades Der Fischer (1778) en Erlkönig (1782).

Vanaf 1780 wijdde hij zich ook aan natuurwetenschappelijke studies. Hij bezat een grote collectie fossielen, die hij rangschikte naar de tijdperken waaruit zij stamden. Döbereiner was hierbij zijn chemisch en mineralogisch raadgever. Op natuurkundig gebied kon Goethe zich niet verenigen met de opvatting van Isaac Newton dat het witte licht uit tal van kleuren was samengesteld; in zijn Zur Farbenlehre (1810) onderzocht hij ook de verschijnselen van contrastkleuren en de complementaire kleuren, dus de subjectieve kleurwaarnemingen. Ook zijn Beiträge zur Optik (1791) zijn van belang. Van zijn biologische studies moet vooral worden genoemd Versuch die Metamorphose der Pflanzen zu erklären (1790), waarin hij als eerste de stelling uitsprak dat bloemen veranderde takken met bladeren zijn, en verder zijn theorie dat de schedel opgebouwd is uit een aantal wervels. De term morfologie is van Goethe afkomstig.

In 1786 vertrok Goethe met langdurig verlof naar Italië. Daar kwam zijn esthetisch humanisme tot volle rijpheid, dat door kunstbeschouwing en het zich verdiepen in de geheimen van de natuur de polariteit van ideaal en werkelijkheid tracht op te heffen. Het reeds vroeger in proza geschreven drama Iphigenie auf Tauris dichtte hij om in blanke verzen (1787) en hij voltooide zijn treurspel Egmont (1788).

Na twee jaar keerde hij, zelfbewuster dan toen hij vertrok, naar Weimar terug. De hertog onthief hem op zijn verzoek van vrijwel alle functies en droeg hem de leiding op van alle instellingen van wetenschap en kunst, o.a. van de universiteit van Jena en de schouwburg in Weimar. Charlotte von Stein keerde zich van hem af, toen hij een maand na aankomst met Christiane Vulpius, een meisje uit een eenvoudig milieu, ging samenwonen. Hij trouwde haar pas in 1806. Een jaar later werd zijn zoon August geboren (1789-1830) en legde hij de laatste hand aan het kunstenaarsdrama in blanke verzen Torquato Tasso.

In 1794 kwamen Goethe en Friedrich von Schiller in nauwere aanraking met elkaar. Er groeide een werkgemeenschap, die het vruchtbaarste decennium van de Duitse letterkunde inluidde. Zonder Schillers invloed zouden de ontwikkelingsroman Wilhelm Meisters Lehrjahre (1795-1796) en de tragedie Faust (I, 1808) zeer waarschijnlijk onvoltooid gebleven zijn. Samen werkten zij aan Schillers tijdschrift Die Horen en diens Musenalmanach. Zij publiceerden daarin de Xenien (1797), kritische epigrammen tegen de schrijvers van hun dagen, en een groot aantal ballades (van Goethe o.a. Der Zauberlehrling). Zijn idyllisch epos in hexameters Hermann und Dorothea verscheen in 1797. Na de dood van Schiller in 1805 huldigde hij diens edele natuur in Epilog zu Schillers Glocke.

Voor de wereld werd Goethe steeds meer de wijze olympiër, die bezoeken van kunstenaars en geleerden ontving. De psychologische roman Die Wahlverwandtschaften, een neerslag van eigen liefdesconflicten gedurende zijn huwelijk, verscheen in 1809. Op een reis langs de Rijn (1814) kwam hij in contact met Marianne von Willemer (1784-1860); hun liefde voor elkaar (Hatem en Suleika) wordt weerspiegeld in gedichten van beiden (Westöstlicher Divan, 1819). Zijn vrouw Christiane stierf in 1816. Met grote werkkracht zette de allengs eenzamer wordende Goethe zijn werk voort.

In 1823 vatte hij nog een hartstochtelijke maar niet beantwoorde liefde op voor de negentienjarige Ulrike von Levetzow (Marienbader Elegie). Hij werkte aan zijn autobiografie Aus meinem Leben. Dichtung und Wahrheit (1809-1830), gaf het tijdschrift Über Kunst und Altertum (1816-1832) uit en de pedagogische roman met ingevoegde novellen Wilhelm Meisters Wanderjahre oder die Entsagenden (1821-1829) en voltooide op aandrang van zijn secretaris Eckermann, die later zijn gesprekken met hem uitgaf (1836-1848), het tweede deel van Faust, in zijn geheel een werk dat de worsteling uitbeeldt om inzicht in de zin van het leven en dat als een van de hoogtepunten van de wereldliteratuur beschouwd wordt.

Goethes werken zijn vrijwel allemaal in het Nederlands vertaald. In verschillende plaatsen bevinden zich herinneringen aan Goethe. Er zijn behalve in Rome ook nog Goethemusea in o.m. Frankfurt a.M., Düsseldorf, Weimar, Ilmenau en Wenen. De grootste collectie is ondergebracht in zijn (herbouwde) geboortehuis in Frankfurt a.M., met een grote bibliotheek.

Advertenties

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s