De link van de familie Colonna met Leuven en Utrecht

De adellijke en machtige familie Colonna zou in de omgeving van hun enorme palazzo in Rome al omstreeks het jaar 600 eigenaar geweest zijn van een zestal gebouwen. Omstreeks 1000 waren hun eigendommen reeds flink gegroeid en beschikten ze, verspreid over heel Rome, over talrijke huizen, grotere gebouwen en een fort. De naam van de familie is hoogstwaarschijnlijk ontleend aan de nabijgelegen triomfzuil van Trajanus. Die ‘kolom’ keert ook terug in hun wapenschild. Of hoe een keizer uit de oudheid indirect verantwoordelijk is geweest voor een naam die in Rome doorheen de eeuwen mee de geschiedenis heeft bepaald.

In de twaalfde eeuw werd op de huidige locatie de eerste versie van de latere, grotere palazzo gebouwd. In de veertiende eeuw was het gebouw de thuisbasis van allerlei bekende personen, zoals keizer Lodewijk van Beieren en Castruccio Castracani (1328). Een belangrijke vriend van de familie was de schrijver en dichter Francesco Petrarca, die op 8 april 1341 (paaszondag) op het Capitool gekroond werd tot ‘magna poeta et historicus’. Door zijn herontdekking van klassieke teksten, met name Cicero’s brieven aan Atticus in 1345, verwierf hij de titel ‘vader van de humanistische beweging’.

Petrarca had ook contacten met de latere volkstribuun Cola di Rienzo die in 1342 in opstand kwam tegen de Romeinse stadsbestuurders. De macht in de stad was in toen in handen van de twee grote adellijke families, Colonna en Orsini, die elkaar regelmatig bestreden. Wellicht was het de vriendschap van Petrarca met de familie Colonna die het voor Cola di Rienzo mogelijk maakten terug in de gunst van deze familie te komen na het uiteindelijke mislukken van de revolutie.

Cola bleef echter openlijk kritiek uitoefenen op de Romeinse adel en smeedde plannen om de revolutie van 1343 te herhalen. Op 20 mei 1347 grepen de samenzweerders hun kans en di Rienzo was een tijd alleenheerser in de stad. Zijn macht begon echter al gauw af te brokkelen. De families Colonna en Orsini waren inmiddels de stad ontvlucht nadat di Rienzo een aantal familieleden had opgepakt en gedreigd had hen te vermoorden. Vanuit hun vestingen buiten Rome lanceerden beide families aanvallen op Rome. Hoewel een aanval van de familie Colonna op 20 november 1347 werd afgeslagen, brokkelde Cola’s macht binnen de stad snel af door zijn dictatoriale optreden.

In december werd hij tot aftreden gedwongen. Cola di Rienzo ontvluchtte de stad en vond onderkomen bij een afgescheurde tak van de Orsini die zijn regime welgezind was geweest. Hij zwierf vervolgens een paar jaren rond en dook in 1350 weer op aan het hof van Karel van Bohemen in Praag, die net tot Rooms keizer was verkozen. Cola verzweeg zijn identiteit, maar werd al gauw ontmaskerd en door de koning opgesloten.

In 1351 werd hij uitgeleverd aan Clemens VI, die Cola gevangen zette in Avignon. Clemens VI overleed in 1352 en werd opgevolgd door Innocentius VI, die Cola vrijliet nadat deze al zijn niet-orthodoxe theologische ideeën had afgezworen. Innocentius VI stuurde hem in 1354 vanuit Avignon terug naar Rome als pauselijke senator om in Rome de pauselijke macht proberen te herstellen.

Ditmaal kreeg Cola di Rienzo de Romeinen niet meer terug op zijn hand. Hij was amper zes weken in functie toen hij zich de volkswoede op de hals haalde door een extra belasting op wijn en zout aan te kondigen. Deze belasting moest dienen om een oorlog tegen de familie Colonna te bekostigen. Dat hadden de Romeinen zo niet begrepen en een woedende menigte overviel Cola di Rienzo op 8 oktober 1354 en vermoordde hem toen hij probeerde te vluchten.

Zijn lichaam werd naar Palazzo Colonna gesleept en daar twee dagen en een nacht tentoongesteld. Daarna werd het opgehangen in de San Marcello-kerk (Via del Corso) om vervolgens bij het Mausoleum van Augustus verbrand te worden. De familie Colonna had in deze woelige tijden haar eigendom tijdelijk verlaten en onderdak gezocht bij de familie Marino. Eeuwen later, in 1877, zou Cola di Rienzo in Rome een standbeeld krijgen. Het werd gemaakt door Girolamo Masini en bevindt zich vandaag op de toegangstrap, de zogenaamde cordonata, naar het Capitool. Ook op de Pincio staat een borstbeeld van hem.

Oddone Colonna, die in 1417 werd verkozen als paus Martinus V (foto boven), was de eerste paus na het Westers Schisma. De familie Colonna had in het verleden reeds meerdere kardinalen voortgebracht maar tot dan nog nooit een paus. Terug in Rome gaf Martinus V opdracht tot de heropbouw van de stad en liet de vervallen kerken, paleizen, bruggen en andere publieke werken opknappen met behulp van Toscaanse architecten en kunstenaars, waaronder Pisanello, Masaccio en Lorenzo Ghiberti. Ook werd aandacht geschonken aan de rest van de pauselijke gebieden, die hij stevig onder zijn bestuur bracht in samenwerking met zijn familieleden.

Door die pauselijke connectie werd de Colonna-familie nog machtiger en kon ze haar invloed aanzienlijk uitbreiden. Voor de talrijke opdrachten die ze voor de paus uitvoerden ontvingen ze belangrijke financiële en kerkelijke beloningen, waardoor haar macht en aanzien enorm groeiden. Ook werd toen de aanzet gegeven voor het huidige Palazzo Colonna.

Op 9 december 1425 stichtte Martinus V met de pauselijke bul Sapientiae Immarcessibilis de “Studium Generale Lovaniense”, de voorloper van de huidige Katholieke Universiteit Leuven. Een jaar eerder was er tussen de paus en Utrecht een ernstig conflict ontstaan aangaande de opvolging van de bisschop van Utrecht. Dat zou pas opgelost worden door de opvolger van Martinus V. Tot aan zijn dood in 1431 bleef Martinus V wonen in zijn familieverblijf, Palazzo Colonna.

Tijdens de beruchte plundering van Rome, Il Sacco di Roma, volgend op de dagen na 6 mei 1527, verbleef Isabella d’Este, de markiezin van Mantua in Palazzo Colonna. Door haar huwelijk met Francesco II Gonzaga groeide zij uit tot één van de meest toonaangevende figuren in de Italiaanse Renaissance. Zij had grote politieke invloed en was een begaafde muzikante.

Zij verzamelde kunstwerken en was bevriend met talrijke kunstenaars, waaronder Rafaël en Leonardo da Vinci. Toen haar echtgenoot in 1509 werd gevangen genomen en gegijzeld in Venetië, nam zij zelfs de leiding van het leger op zich en verdedigde Mantua tot zijn terugkomst in 1512. Na zijn terugkeer werd Gonzaga jaloers op zijn vrouw, die een veel succesvoller en krachtdadiger beleid had gevoerd dan hijzelf. Om zich te wreken begon hij een relatie met zijn schoonzuster, Lucrezia Borgia.

Isabella was tevens de moeder van Ferrante Gonzaga, een van de bevelhebbers van het huurlingenleger dat tijdens de Sacco di Roma talrijke kerken, kloosters, villa’s en particuliere huizen met de grond gelijk maakte. Duizenden mensen, de ramingen lopen uiteen van 6.000 tot 12.000 mannen, vrouwen en kinderen werden vermoord.

Maar aan Palazzo Colonna werd omwille van de directe familiale connectie niet geraakt. Het paleis was het enige in Rome dat toen van plundering en verwoesting gespaard bleef. Wel werden de meer dan 2.000 Romeinse burgers die er hun toevlucht hadden gezocht gevangen genomen. Zij moesten een losgeld betalen om hun vrijheid te herwinnen.

In de daaropvolgende eeuwen maakte de familie Colonna steeds meer winst en kon ze haar bezittingen nog uitbreiden. Ook de eigendommen van de familie Riario en Della Rovere kwamen zo in het bezit van de Colonna. De eigendommen van de familie Colonna vind je tot vandaag terug in heel Rome.

Het huidige Palazzo Colonna werd omstreeks 1650 verbouwd, tegen de wil van kardinaal Girolamo Colonna. Verschillende kleinere gebouwen rond de oorspronkelijke palazzo werden geïntegreerd in één groot architectonisch complex. De werken zouden aanslepen tot in de achttiende eeuw. De overbrugging in de Via della Pilotta behoort eveneens tot het palazzo.

Een belangrijke speler in de restauratie en uiteindelijke voltooiing van het gebouw was Paolo Posi, een opmerkelijke en zeer succesvolle architect, afkomstig uit Siena. Posi studeerde aan de Accademia di San Luca in Rome, waar hij door het winnen van de Concorso Clementino in 1728 de aandacht trok van de familie Colonna. Zijn professionele carrière kwam echt op gang in 1732, toen hij Gabriele Valvassori opvolgde als de vaste architect van de familie Colonna.

Hij voltooide de restauratie van het Palazzo Colonna, die in 1731 was begonnen door Niccolo Michetti en Gaetano Chiaveri. Paolo Posi ontwierp talrijke monumenten en decoratieve elementen voor vele gebouwen. Ook bij het Vaticaan was hij graag gezien als architect. Belangrijk werk van Posi vind je in de San’t Agostino en de Santa Maria del Popolo, met name het fraaie grafmonument voor Maria Federica Odescalchi Chigi, ook wel omschreven als de laatste barokke tombe.

Van 1751 tot 1775 was Paolo Posi jarenlang de belangrijkste bedenker en uitvoerder van het Festa della Chinea, een jaarlijks terugkerend feestelijke hulde voor de paus, waarbij ingenieuze mechanische vuurwerkspektakels werden opgevoerd, gesitueerd in rijk gedecoreerde valse decors die werden gebouwd uit papier en hout. De familie Colonna was de organisator van dat jaarlijkse feest.

De Chinea werd voor het eerst gehouden in 1267. Bij die gelegenheid schonk een afgezant van de Napolitaanse koning – doorheen de eeuwen altijd een lid van de familie Colonna – een wit paard en een geldsom aan de paus. Dat was een symbolische bedanking omdat paus Clemens IV in 1266 Karel van Anjou het postje van koning van Sicilië had bezorgd. Het Festa della Chinea werd, ondanks felle protesten van de paus, afgevoerd in 1788.

Advertenties

Eén reactie to “De link van de familie Colonna met Leuven en Utrecht”

  1. Lambert Rima Says:

    Ook is naar Cola di Rienzo een aangename Via vernoemd in het Prati district.

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s