De crypte en de titulus van Equitius

Een tribune met een dubbele trap leidt naar het hoogaltaar van de San Martino ai Monti (zie ook de artikels van de voorbije dagen). Eronder ligt de crypte en de toegang tot de derde eeuwse titulo di Equizio met overblijfselen van fresco’s en mozaïeken. De ruimte is meestal gesloten maar de sleutel van ‘il titulo’ is te bekomen in de sacristie achteraan links in de linkerbeuk waar in principe altijd iemand aanwezig is.

Het woonhuis gelegen aan de clivius Suburranus, waarin de titulus was ingericht, had twee verdiepingen. De bovenverdieping waar de clerus verbleef, verdween om plaats te maken voor de basilica. Op het toenmalige gelijkvloers ligt nu de huidige crypte, een vrij grote aula van 16 m bij 20 m, die door dikke pilaren in verscheidene kleinere ruimtes verdeeld wordt.

Verspreid over die kamers liggen de resten van het marmeren meubilair van de negende eeuwse basilica, zoals een gedeelte van een bisschopszetel, een ciborium of altaaroverkapping maar ook dakpannen uit de tijd van Theodorik de Grote (454-526), koning der Ostrogoten en vanaf 493 koning van Italië.

De eerste plaats bij het binnengaan toont een restant van het afwateringskanaal van de basilica. Als je rechtdoor loopt zie je in de volgende ruimte een fries met de voorstelling van de Goede Herder en andere christelijke symbolen, zoals een duif en een palm. Voorts zie je hier ook een fragment van een fresco uit de negende eeuw dat de heilige Agnes toont.

Als je opnieuw rechtdoor loopt, zie je in de volgende ruimte op het gewelf eveneens een negende-eeuws fragment van een fresco dat een groot met edelstenen bedekt kruis toont. Deze eerste drie ruimtes liggen dus langs de linker buitenmuur in het verlengde van de ingangsdeur.

Nogmaals rechtdoor lopend, kom je in een ruimte met links een opening waardoor je in een nieuwe kamer komt met op het gewelf resten van decoratieve heidense fresco’s. Als je terugkeert naar de derde ruimte en hier naar rechts gaat, tot aan de overstaande buitenmuur zie je sporen van een Romeinse mozaïekvloer.

In de nis bevindt zich een mozaïek uit de zesde eeuw dat paus Silvester voorstelt. Als je de buitenmuur volgt, richting ingang tot de volgende ruimte tref je eveneens fragmenten aan van een mozaïekvloer en sporen van fresco’s uit de derde eeuw.

In de laatste drie ruimtes vind je op het gewelf een negende-eeuws fresco van de Madonna tussen de heilige zussen Agape en Irene. De beeltenis van de derde zus, Chionia, ontbreekt of verdween wellicht in de loop der tijden. Het gewelf dat de zevende en achtste ruimte verbindt toont eveneens fragmenten van fresco’s uit de negende eeuw, je ziet Christus tussen Petrus, Paulus en de heiligen Processus en Martinianus.

Deze twee laatsten zouden soldaten van keizer Nero geweest zijn, die Petrus en Paulus moesten bewaken in de Mamertijnse gevangenis. Op het gewelf aan de overkant zien we de Madonna en enkele heiligen. Op het gewelf dat de verbinding maakt tussen de eerste en de achtste ruimte zie je het Lam en het boek met de zeven zegels tussen Johannes de Doper, Johannes de Evangelist en anderen.

Advertenties

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s