Vrouwenemancipatie in het oude Rome

Romeinse vrouwen waren veel zelfstandiger dan tot nog toe werd gedacht, zegt Coen van Galen, die op maandag 30 mei promoveert aan de Radboud Universiteit in Nijmegen met een onderzoek naar de positie van vrouwen in het oude Rome. Die blijkt dus steviger dan tot dusver werd aangenomen. Het klassieke misverstand over de Romeinse tijd is dat alleen mannen echte burgers waren en dat vrouwen een verlengstuk van hun man of vader waren. Historicus Coen van Galen maakt korte metten met dit idee.

Hoewel de samenleving van het oude Rome nogal macho en vrouwonvriendelijk was, hadden veel vrouwen in de Romeinse keizertijd meer persoonlijke vrijheid dan vrouwen in westerse landen tot in de twintigste eeuw. Historicus Coen van Galen onderzocht hoe dat kwam en laat in zijn proefschrift zien dat Romeinse vrouwen een maatschappelijke rol speelden als burgers en zelfs familiehoofd konden worden. Een radicaal ander perspectief op de machtsverhoudingen in de Romeinse samenleving dan die tot op heden onder historici gangbaar was.

De basis voor de vrouwelijke zelfstandigheid ligt in de eigenzinnige Romeinse familiestructuur, de familia. Een structuur waarin juridische volwassenheid onbekend was en vaak geen rekening werd gehouden met de gebruikelijke rolverdeling tussen mannen en vrouwen. Al het bezit en beslissingsbevoegdheden verliepen via het hoofd van de familia. Dit hoofd was het de oudste familielid in de mannelijke lijn, die namens het collectief van de familie de beslissingen nam.

Die oudste in de mannelijke lijn kon dus ook een vrouw zijn, als zij de oudste was. Lange tijd maakte dat juridisch voor veel vrouwen weinig verschil. Romeinse vrouwen werden bij hun huwelijk gewoonlijk onderdeel van de familia van de man, waardoor ze juridisch gezien in de rol kwamen van de dochter van hun man en aan hem ondergeschikt waren zo lang hij leefde.

In de eerste eeuw voor christus gebeurde er echter iets opvallends: huwelijken werden steeds vaker volgens nieuwe huwelijksvoorwaarden gesloten. Bij deze nieuwe voorwaarden bleef de vrouw onderdeel van haar vaders familia. Op het moment dat haar vader overleed, werd zij een zelfstandig familiehoofd, onafhankelijk van haar echtgenoot. Daardoor kon het gebeuren dat een Romeinse vrouw familiehoofd werd, terwijl haar man nog onmondig was en geen eigen bezit had omdat zijn vader nog leefde. Een omkering van de genderrollen, met flinke consequenties.

Uit Van Galens onderzoek blijkt dat vrouwen steeds meer ruimte voor zichzelf opeisten, wat volgens Coen van Galen voor spanningen zorgde in de Romeinse samenleving. Er zijn verhalen van vrouwen die een eigen carrière nastreven en die hun bezit in eigen beheer nemen. Dit paste niet bij de traditionele rolverdelingen tussen Romeinse mannen en vrouwen. Voor sommige Romeinse mannen was zo’n zelfstandige vrouw onacceptabel: ze kozen er voor om niet te trouwen en een slavin als partner te nemen, zodat ze de macht in huis niet hoefden te delen.

Om een afname van het aantal huwelijken tegen te gaan en vooral om ervoor te zorgen dat vrouwen hun belangrijkste taak blijven vervullen voor de Romeinse staat, namelijk het baren van kinderen, vaardigde keizer Augustus nieuwe wetten uit. Zo werd iedereen wettelijk verplicht om getrouwd zijn en beloonde de keizer vrouwen die minimaal drie kinderen hadden gebaard binnen een wettig huwelijk met extra zelfstandigheid. Volgens van Galen ging de geest ook met deze maatregelen niet meer de fles in, het tekent vooral de worsteling die de Romeinse maatschappij had met de vrijheid van vrouwen.

Voor Romeinse vrouwen zelf was hun zelfstandigheid ook een worsteling: ze hadden de juridische vrijheid om zelf te handelen, maar konden dat niet al te opvallend doen omdat ze tegelijkertijd moesten voldoen aan het ideaalbeeld van de bescheiden en volgzame vrouw. Zo ook Livia, gehuwd met diezelfde Augustus en prototype van de zelfstandige vrouw. In Livia zien we mooi de ambivalentie: ze deed zich voor als een keurige huisvrouw, maar ze speelde een centrale rol in het Romeinse rijk.

Coen van Galen (1971) volgde van 2004 tot 2009 een voltijdse opleiding geschiedenis aan de Radboud Universiteit Nijmegen, naast zijn werk. In 2007 voltooide hij zijn bachelor cum laude en in 2009 zijn master summa cum laude. Sinds 2010 werkt hij als docent en promovendus aan de afdeling Geschiedenis en het Institute for Gender Studies van de Radboud Universiteit Nijmegen.

Hij verdedigt zijn proefschrift ‘Een ander licht op Romeinse vrouwen’ (Women and citizenship in the late Roman Republic and the Early Roman Empire) op maandag 30 mei om 12.30 u. aan de Radboud Universiteit. Locatie: Academiezaal Aula, Comeniuslaan 2, Faculteit der Letteren. Promotor(es): prof. dr. O.J. Hekster, prof. dr. W.H.M. Jansen, copromotor: dr. G. de Kleijn.

Advertenties

Eén reactie to “Vrouwenemancipatie in het oude Rome”

  1. Gilbert Van Zeebroeck Says:

    De verklaring voor de val van het Oude Rome is eindelijk gevonden =vrouwenemancipatie. De ondergang van alles, en vooral van goede mannen, zoals wij.

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s