De villa van plezier van paus Julius III

Het Museo Nazionale Etrusco di Villa Giulia bevindt zich aan de rand van het huidige park Villa Borghese, in het noorden van de stad. Het museum is gehuisvest in het voormalige zomerverblijf van Julius III. De pauselijke residentie werd gebouwd in een gebied dat bekend stond als de ‘Vigna Vecchia’, dicht bij de stadsmuren op de overgang tussen stad en platteland, op de helling van Monte Parioli, in die tijd een oase van rust.

Toen Giovanni Maria del Monte (1487-1555) verkozen werd als paus Julius III (1550-1555) was het Concilie van Trente (1545-1563) al vijf jaar gestart. Hijzelf had dat toen nog als voorzitter geopend. Bij het conclaaf van 1549-1550 waren de 48 kiesgerechtigde kardinalen verdeeld in drie elkaar tegenwerkende facties: de groep Franse kardinalen, de keizersgezinden en de groep aanhangers van kardinaal Alessandro Farnese, kleinzoon van de net overleden Paulus III. Na een conclaaf van tien weken, één van de langste ooit, werd kardinaal del Monte verkozen als compromis-kandidaat en nam hij de naam Julius III aan.

De voordien bekende en gewaardeerde eigenschappen van Julius III als effectieve en waardevolle diplomaat verdwenen vrij spoedig na zijn aantreden. Hij heropende nog wel het Concilie van Trente in 1551, dat echter in 1552 alweer geschorst werd. De kerkvorst verviel in een politiek van nepotisme maar vooral bleek zijn voorliefde voor het verfijnde en luxueuze renaissanceleven; daarom wordt hij weleens de laatste renaissancepaus genoemd.

Al vóór zijn verkiezing bezat de latere Julius III op deze plaats een bescheiden villa. Kort na zijn troonsbestijging besliste de paus het gebouw flink uit te breiden. Daartoe raadpleegde hij de voornaamste architecten van die tijd. De paus gaf de opdracht voor het ontwerp van deze ‘villa van plezier’ in 1551 aan de beroemde Giacomo Barozzi da Vignola, meestal kortweg Vignola genoemd. Het nymphaeum en de tuin werden ontworpen door de Florentijn Bartolomeo Ammanati, dit alles onder het toezicht van de befaamde Giorgio Vasari, die ook bekend werd met zijn biografieën van Italiaanse kunstenaars.

Paus Julius III, overigens een zeer belezen man en een groot kunstkenner, die zich echter veel liever bezighield met luxe en plezier dan met pauselijke zaken, wilde een huis hebben dat alleen maar zou bestemd zijn voor het vermaak van hemzelf en zijn vertrouwelingen. Julius III zag het allemaal nogal groot en gaf enorme sommen geld uit aan de verfijning van de ontwerpen en de uiteindelijke afwerking van het gebouw waaraan ook drie wijngaarden waren verbonden.

Helaas heeft slechts een klein deel van het originele pand de tijd overleefd. De villa had, zoals de gewoonte was, zowel een ‘stedelijke’ toegang (langs de Via Flaminia) en een meer formele toegang aan de tuinzijde. Een medaille, geslagen in 1553, toont de vrijwel afgewerkte villa, met een paar koepels die wel waren voorzien maar nooit werden gebouwd.

Leuk weetje: de fontein in de tuin, ontworpen en gebeeldhouwd door Vasari en Ammannati, betrekt water van dezelfde bron (de Acqua Vergine) als de Trevifontein en heel wat andere fonteinen in het stadscentrum. In de tijd van Julius III was de tuin, die tijdens warme dagen voor een welgekomen afkoeling zorgde, erg in trek bij de Romeinse elite die regelmatig werd uitgenodigd op gigantische en dure picknick-feesten. Telkens wanneer hij er zin in had, bracht een boot de paus via de Tiber van het Vaticaan tot aan de Villa Giulia en terug. De privé-steiger aan het water, waar de pauselijke boot kon aanmeren, is eveneens al lang verdwenen.

Lang heeft Julius III echter niet kunnen genieten van zijn pauselijke heerschappij en van zijn villa. Hij stierf in 1555, amper twee jaar na de voltooiing van het gebouw, waarna zijn opvolger, paus Paulus IV, met veel plezier al zijn eigendommen in bezit nam. De luxueuze Villa Giulia werd onder verschillende gebruikers verdeeld.

De villa zou haar grandeur niet lang behouden. In 1769 werd het gebouw in opdracht van paus Clemens XIV nog eens gerenoveerd, maar in de negentiende eeuw was het verval al ingetreden en werd het eens zo luxueuze gebouw enkel nog gebruikt als militair hospitaal. Gedurende enige tijd opende er zelfs een winkel. Na de eenmaking van Italië in 1870 werd de Villa Giulia, net als de meeste andere pauselijke eigendommen, in beslag genomen en in 1889 getransformeerd tot museum. Vandaag is de villa eigendom van de overheid.

Museo Nazionale Etrusco di Villa Giulia
Piazzale di Villa Giulia 9, Rome

Advertenties

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s