Boek met inventaris archief van Sint-Juliaan-der-Vlamingen wordt op 22 juni voorgesteld in Rome

De inventaris van het Historisch Archief van de Koninklijke Belgische Kerk en Stichting Sint-Juliaan-der-Vlamingen is zopas uitgegeven in boekvorm. De officiële voorstelling van het boek ‘Inventario’ vond op 22 mei plaats in Brugge in aanwezigheid van Hugo Vanermen (rector San Giuliano dei Fiamminghi), Rik Torfs (rector KU Leuven), Hildegard Warninck (decaan van de Bijzondere Faculteit Kerkelijk Recht, KU Leuven) en auteur Johan Ickx. In Rome wordt het boek voorgesteld op 22 juni om 17 u. in de lokalen van de uitgever Gangemi Editore aan de Via Giulia 142. Leden van S.P.Q.R. zijn er van harte welkom.

Rector en archivaris P. Hugo Vanermen, mSC, van de Koninklijke Belgische Kerk en Stichting Sint-Juliaan-der-Vlamingen vertelde tijdens zijn toespraak in Brugge hoe het boek ontstond.

“Reeds in 1991 kreeg ik, als jonge archivaris, van mijn voorganger, Mgr. Werner Quintens, de opdracht om het Historisch Archief van de Stichting te ordenen. Op dat moment bevond het archief zich in een vochtige ruimte achter de kerk, in omstandigheden van onbeschrijfelijke wanorde: een paar volumes en perkamenten waren aangetast door schimmels, anderen zelfs opgegeten door insecten.”

“Eerst en vooral heb ik gezorgd een aangepast droog lokaal te vinden voor het Archief. Vervolgens na het overbrengen van het gehele archief, heb ik de verschillende series terug samengesteld in hun juiste orde. Dit minutieus werk heeft veel tijd gevraagd deels omdat begonnen was met de restauratie van diverse boeken en perkamenten, een werk dat vandaag nog niet volledig is gerealiseerd.

In januari 1997 werd ik rector van de Stichting. Gaandeweg stelden we vast dat het archief steeds vaker werd geraadpleegd, ook al omdat het beter toegankelijk was. Daarom drong zich de noodzaak op van een degelijke inventaris omdat de generische en rudimentaire versie die door prof. L. Demoulin werd opgemaakt en gepubliceerd in het Bulletin van het Belgisch Historisch Instituut in Rome (LVIII, 1988, pp. 24-25) een aantal onjuistheden bevatte.”

“In de Provisorenraad van 6 mei 2009 werd besloten tot het opstellen en publiceren van een inventaris van het historisch archief op een wetenschappelijk verantwoorde manier. Voor de realisatie van een zo belangrijk werk werd er contact opgenomen met prof. dr. Johan Ickx, minutant en verantwoordelijke van het Historisch Archief van de Afdeling voor de Betrekkingen met de Staten van het Staatssecretariaat van Vaticaanstad en met prof. Marco Pizzo, adjunct-directeur van het Centraal Museum van het Risorgimento in het Vittoriano in Rome.”

“Met de medewerking van mevrouw Liesbeth Lemmens en mevrouw Alessandra Merigliano, werden de duizenden documenten digitaal geregistreerd en beschreven. Dit monnikenwerk werd in 2014 voltooid en werd gevolgd door de drukproeven, de correcties en de herlezingen. Het uiteindelijke werk is een verrijking voor de eeuwenoude Stichting Sint-Juliaan-der-Vlamingen. Het is het resultaat van de inzet van vele mensen, die ik bij deze gelegenheid wil danken: behalve de voormelde auteurs en medewerkers, waren er ook de secretaressen van onze Stichting, Lieve Van Cant, Simonetta Fiorentini en Sabrina Cianferoni, de boekhouder Tommaso Diana en tenslotte de Provisorenraad van de Stichting, die mij in al die jaren de morele steun hebben gegeven om deze uitgave tot een goed einde te brengen”.

“Ik hoop dat deze inventaris een uitnodiging moge zijn voor die historici die zich willen verdiepen en de geschiedenis schrijven van deze eeuwenoude Stichting en Vlaamse aanwezigheid in Rome”, aldus Hugo Vanermen. De rector dankte tevens prof. Rik Torfs en dr. Hildegard Warnink van de KU Leuven voor het ter beschikking stellen van het Hof Bladelin, een schitterende locatie in het hartje van Brugge.

In de inleiding van de 400 pagina’s tellende bundel stellen de auteurs het jaar 1213 als stichtingsdatum opnieuw voor. Mocht deze datum met de realiteit overeenstemmen, dan heeft dat repercussies voor de hospitaalgeschiedenis in Vlaanderen: Rome zou dan het eerste hospitaal geweest zijn dat aan Sint-Juliaan gewijd was. Het zou dan als voorbeeld gestaan hebben voor de andere Sint-Juliaanhospitalen die even nadien in Vlaanderen ontstonden: Mechelen in 1293, Turnhout in 1303, Brugge in 1305, Merchtem 1321, enz.

Wie het boek verder openslaat zal een ‘Bibliografia orientativa’ vinden. De uitgevers van het werk kozen ervoor enkel een solide basis aan te bieden voor wie een studie over Sint-Juliaan-der-Vlamingen in Rome wil aanvatten.

“Het mag gezegd: rector Hugo Vanermen heeft met dit initiatief een lans gebroken in de wereld van de nationale Kerken te Rome. Sint-Juliaan-der-Vlamingen is de eerste nationale Kerk en Stichting in Rome die een volledige inventaris met een zo gedetailleerde beschrijving van het archiefmateriaal kan aanbieden. De Vlamingen gaven niet enkel in de zestiende en de zeventiende eeuw de toon aan in Rome, maar dat lijkt nu ook weer in de eenentwintigste eeuw het geval te zijn. We hopen dat het voorbeeld van dit boek aanstekelijk zal werken op de andere nationale Kerken”, zei auteur Johan Ickx tijdens de officiële voorstelling in Brugge.

De index, met niet minder dan 2.600 naamsvermeldingen, geeft alle namen weer die in de bundel voorkomen. Hierbij werd rekening gehouden met de verregaande ‘veritalianisering’ van vele Vlaamse namen. Het schoolvoorbeeld voor Sint-Juliaan is Nikolaas Van Haringen, apotheker, rijke weldoener en jarenlang provisor van de Broederschap die ook onder de naam ‘Arringhi’, ‘Arrighi’, enz. voorkomt: deze voortdurende verandering van de Vlaamse (en Franse) namen zorgden ook bij de auteurs voor heel wat hoofdbrekens.

“Pater Hugo, vooral de kunstliefhebbers en kunsthistorici zullen u dankbaar zijn: vandaag is het bv. eindelijk mogelijk alle archiefstukken die te maken hebben met de grote Vlaamse meester Jan Miel (Giovanni Miele, of Johan Honing), geboren in Beveren, opgeleid in de Antwerpse ateliers (de Italiaan Passeri meent bij Antoon van Dijck) en in Rome lid van de fameuze schildersbent, provisor van Sint-Juliaan en geëindigd als hofschilder te Turijn, snel te identificeren.”

“Maar zij zullen eveneens merken dat schilders die tot op vandaag tussen de plooien van de tijd verborgen bleven, nu plots in Rome opduiken. Onder hen misschien François Gerard, een Franse diplomatenzoon geboren in Rome, door de administrator van Sint-Juliaan geboekstaafd in het archief als Gerard François: is die misschien ook even in aanraking gekomen met Sint-Juliaan of gaat het hier om een homoniem? De kunsthistorici mogen het verder uitzoeken”, aldus Johan Ickx.

“De historici die de Kerkelijke archieven in de geschiedschrijving afdoen als perifere, bijkomstige, voor de reële geschiedenis haast nutteloze bronnen, of bronnen zonder enig historisch gehalte, komen na het openslaan van dit boek niet goed weg. Zij zouden wel eens vergeten dat de realiteit in Vlaanderen en daarbuiten ooit heel ‘religieus’ was.”

“Bovendien reflecteren de kerkelijke archieven niet enkel religieuze factoren, integendeel, ze bevatten veeleer een schat aan sociale, economische, culturele en financiële gegevens, die een gedegen en gedetailleerde studie van het dagelijkse leven mogelijk maken. Naast de kardinalen en notabelen van de stad zal de bundel de sluier oplichten voor de experten in de Romeinse stadsgeschiedenis over architecten, apothekers, drogisten, metsers, loodgieters, wijnhandelaars, wasvrouwen en ondernemingen die feesten organiseerden”, stelt Ickx.

“Sint-Juliaan, met zijn hospitaal, is een oord van bijstand, hulp aan de behoevende, ook als het geen Vlamingen zijn. Zulke eerste-lijn hulp houdt risico’s in, met dikwijls de dood tot gevolg. De inventaris registreert dan ook niet enkel hun bestaan maar ook de schielijke dood die zulke caritatieve bijstand met zich meebrengt en de maatregelen die de pauselijke bestuurlijke overheden uitvaardigen om de stad voor infectie en uitbreiding van de pest te behoeden.”

“Maar Rome is de Eeuwige Stad, het centrum van de katholieke Kerk, en alle wegen leiden naar haar, en zo zal deze inventaris de richting aanduiden van de weg die ooit de vele pelgrims uit Vlaanderen gingen. Het spreekt vanzelf dat daarmee ook lokale geschiedkundige verenigingen in Vlaanderen (en belendende percelen) nu en dan een stukje van hun puzzel in deze inventaris zullen terugvinden”, besluit Johan Ickx.

Het boek repertorieert de volledige inventaris van Sint-Juliaan, van bij de eerste bestaande documenten tot net na de Tweede Wereldoorlog en het nodigt uit om de documenten in hun geheel te gaan bestuderen.

Inventario. Chiesa e Fondazione Reale Belga
‘San Giuliano dei Fiamminghi’ a Roma
Auteurs en redactie: Johan Ickx en Marco Pizzo
Uitgever: Gangemi Editore S.p.A.Roma
Eerste druk, mei 2016
Formaat: 17 x 24 cm
Aantal pagina’s: 400
ISBN13: 9788849232370
ISBN10: 9788849232370
Prijs: 25 euro
Ook verkrijgbaar als e-book: 19,99 euro

Meer informatie: klik hier.

Advertenties

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s