400 beschreven wastabletten uit de 1ste eeuw na Chr. ontdekt in Londen

In het centrum van Londen hebben archeologen tijdens graafwerken voor het nieuwe kantoor van het financiële persbureau Bloomberg de oudste vormen van schrift in Brittannië ontdekt. Het gaat om 400 houten wastabletjes waarin geschreven was en die dateren uit het begin van de Romeinse tijd in de eerste eeuw na Christus. Een aantal van die bordjes zijn nu ontcijferd. Eén ervan bevat de oudste verwijzing naar Londinium.

Volgens het Museum of London Archeology (MOLA) gaat het om de oudste handgeschreven documenten die ooit gevonden zijn op het eiland Brittannia. Het gaat hoe dan ook om uniek materiaal dat een inzicht geeft in het leven van de eerste decennia na de Romeinse verovering van Brittannia. Het nieuwe kantoor van Bloomberg ligt vlakbij de resten van een oude Romeinse Mithrastempel, de god wiens cultus erg populair was in het Romeinse rijk en die lange tijd een rivaal was van het opkomende christendom.

Eén tabletje uit de periode tussen 65 tot 80 na Chr. bevat de vermelding Londinio Mogontio, wat vertaald wordt als ‘In Londen, voor Mogontius’. Het zou de eerste verwijzing zijn naar Londen, vijftig jaar vóór een geschrift van de Romeinse historicus Tacitus dat tot dusver als de eerste vermelding van de Britse hoofdstad gold. Het was gebruikelijk dat de Romeinen voor hun nederzettingen de inheemse namen behielden. Een gangbare theorie is dat de naam Londinium afkomstig is van de vermoedelijk Keltische plaatsnaam Londinion, die op zijn beurt waarschijnlijk was afgeleid van de persoonsnaam Londinos, van het woord lond of wild.

Een ander wastablet uit 43 tot 53 na Chr. zou het eerste geschreven document op de Britse eilanden zijn. Er staat: ‘…omdat zij pochen op de markt dat jij hen geld geleend hebt. Daarom vraag ik jou in jouw eigen belang om er niet slecht gekleed uit te zien… dat zou niet in jouw voordeel zijn’.

Een andere tekst is zeer precies gedateerd: ‘In het consuljaar van Nero Claudius Augustus Germanicus (keizer Nero) voor de tweede keer en dat van Lucius Calpurnius Piso, op de zesde dag voor de ides van januari (8 januari 57 na Chr.), heb ik, Tibellus, de vrije man van Venustus, geschreven en gezegd dat ik Gratus de vrije man 105 denarii schuldig ben, de prijs van goederen die verkocht en geleverd werden. Dat geld zal ik hem moeten terugbetalen of de persoon die het aanbelangt…’.

Advertenties

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s