De bouw van de Sint-Pietersbasiliek

Eind vorige week kon je lezen hoe Donato Bramante de opdracht kreeg om een ontwerp op te stellen voor de nieuwe Sint-Pietersbasiliek. De eerste Vaticaanse basilica was door keizer Constantijn (of zijn zonen) in alle haast neergezet en slecht gebouwd. Deze kerk werd herhaaldelijk gerestaureerd en vergroot, maar vreemd genoeg hadden al die ingrepen de vorm en het karakter van het matige gebouw niet wezenlijk aangetast. Toch maakte het gebouw al vrij snel een bouwvallige indruk en tijdens de latere middeleeuwen klonk steeds vaker de roep om het rommelige geheel te vervangen door een compleet nieuwe Sint-Pietersbasiliek.

Een heleboel opeenvolgende pausen, waarvan een aantal zich graag spiegelden aan de macht en praal van de Romeinse oudheid, hadden daar wel oren naar, maar twisten, oorlogen en geldgebrek zorgden ervoor dat de eerste basiliek het bestaan kon rekken tot de zestiende eeuw. In die tijd stond het gebouw, ondanks de vele restauraties en de talrijke verfraaiingen na zowat duizend jaar vrijwel op instorten. Een nieuwbouw was dus echt wel nodig.

In 1452 nam paus Nicolaas V (1447-1455) een eerste ernstig initiatief, waarbij hij de Florentijn Bernardo Rossellino (1409-1464) opdracht gaf een nieuwe basiliek te ontwerpen. Deze architect-beeldhouwer uit de kring van Leon Battista Alberti (1406-1472), maakte een grondplan in de vorm van een Latijns kruis, ontwierp een koepel en een nieuw koor. Er werd zelfs begonnen met de bouw van het koor en de dwarsbeuk. Maar in 1455 stierf de paus en werden de werken stopgezet. Zijn opvolgers stelden zich ermee tevreden de oude basiliek te consolideren en uiteindelijk gebeurde er helemaal niets.

De situatie werd dus eigenlijk nog erger en was, alleen al om veiligheidsredenen, niet langer houdbaar. Toch duurde het nog een halve eeuw vooraleer de beslissing voor de bouw van een nieuwe basiliek eindelijk werd genomen. Er bestaat een herdenkingsmedaille die speciaal voor deze gelegenheid werd geslagen met aan één zijde Julius II die de eerste steen legt, en aan de andere zijde het project van Bramante.

Het was zoals eerder verteld paus Julius II (1503-1513) die besliste de meest eerbiedwaardige kerk van het christendom af te breken, ook al was die dan inmiddels gedegradeerd tot een bouwval. Dat kon echter alleen gebeuren als de realisatie van een nieuwe basiliek een absolute zekerheid zou zijn. Op 18 april 1506 gaf de paus Donato Bramante de ultieme opdracht voor de nieuwbouw. De 62-jarige architect zag zich al snel geconfronteerd met vijf belangrijke problemen.

De plaats van het graf van Petrus vóór het hoogaltaar moest ook het centrum worden van de koepel. Op het uiteinde van de apsis bevonden zich belangrijke fundamenten die na 1452 onder paus Nicolaas V werden gelegd; ze waren bestemd voor een toekomstig koor dat nooit verwezenlijkt werd.

Daarnaast was er een beperking voor het uitvoeren van heel grote ingrepen op de bouwplaats door de nabijheid van het Vaticaanse paleis. De paus wilde niet riskeren dat die gebouwen zouden scheuren of zelfs instorten. Voor de pelgrims moest bovendien een permanente toegang tot het graf van Petrus worden voorzien en de gevel van het gebouw moest beschikken over een grote loggia voor de jaarlijkse zegening ‘Urbis et Orbis’.

Eigenlijk was er nog een zesde groot probleem. Ondanks het feit dat Filippo Brunelleschi (1377 1446) in Firenze de fantastische koepel voor de Santa Maria del Fiore had gerealiseerd en ook het koor van de Santa Marie della Grazie (1465-1490) in Milaan een groots werk was, waren er al sinds de oudheid geen werken uitgevoerd met de omvang zoals deze nu werden gepland voor de nieuwe Sint-Pietersbasiliek.

Donato Bramante werd al gauw ‘maestro ruinante’, de ‘meester-verwoester’ genoemd, niet zozeer omdat hij de oude Sint-Pietersbasiliek afbrak, wel omdat hij op zoek naar de mooiste bouwmaterialen heel wat antieke gebouwen plunderde of onherstelbaar beschadigde. Nochtans had paus Pius II al in 1462 gedecreteerd dat de afbraak of beschadiging van antieke gebouwen verboden was. Paus Julius II trok zich weinig aan van die verordening en liet Bramante doen wat hij wilde.

De paus had enkel oog voor de toekomstige basiliek en vooral hoe die er zo snel mogelijk zou staan. Bramante zette in die beginjaren meteen 2.500 mensen aan het werk om op de antieke fora en in oud-Romeinse ruïnes te zoeken naar geschikte materialen. Die enorme hoeveelheid marmeren vloeren en zuilen lagen daar als in een kant-en-klare steengroeve waaruit Bramante naar hartenlust kon laten rapen wat hij nodig had. Het was dus nog goedkoop ook. De paus glunderde.

Donato Bramante tekende als ontwerp een centraalbouw, gesteund op een groot Grieks kruis met op de centrale kruising een gigantische koepel, en vier kleinere Griekse kruisen in de hoeken met vier kleinere cupola’s. De beslissing de bestaande lange beuk van de oude basiliek te vervangen door een centraalbouw dient gezien als een combinatie van het vroeg-christelijke ‘martyrium’ (bijna steeds een centraalbouw) met het concept dat een centraal plan de uitdrukking is van wiskundige perfectie welke de goddelijke perfectie symboliseert.

De plattegrond van Bramante voldeed aan de schoonheidsidealen van de renaissance en greep terug naar de idee van het klassieke mausoleum. Toen de architect een goed jaar na zijn pauselijke opdrachtgever Julius II stierf, waren de fundamenten voor de pijlers van de kruising en voor het koor gelegd.

Maar iedereen was het erover eens dat de pijlers die Bramante had voorzien om de enorme koepel te dragen totaal ontoereikend waren. Alle volgende architecten zouden de afmetingen van deze pijlers systematisch vergroten en de pilaren zelf verzwaren. Bramante heeft bij zijn dood geen gedetailleerde tekeningen nagelaten.

Zijn grote verdienste ligt dus niet zozeer in wat hij bouwde, maar in de schaal van zijn concept en zijn vertrouwen in het feit dat zijn ideeën op een of andere manier realiseerbaar waren. Nochtans was er altijd weerstand geweest tegen het centrale plan van Bramante. Het was een moeilijke vorm die problemen opleverde voor de liturgische diensten, er was niet voldoende ruimte voor de processies of voor grote manifestaties, er waren te weinig sacristieën en zijkapellen, en de gevel van de kerk ging te ver achteruit ten opzichte van het bestaande atrium.

Tijdens het leven van Julius II was door de alles en iedereen overheersende persoonlijkheid van deze paus geen protest mogelijk, maar zijn opvolger paus Leo X (1513-1521) vertoonde meer luisterbereidheid. De leiding der werken kwam in handen van Rafaël (1483-1520) die het plan van Bramante wijzigde door het toevoegen van drie traveeën naar het oosten (de Sint-Pieters-basiliek heeft een omgekeerde orientatie).

Rafaël opteerde dus voor een Latijns kruis, maar zijn bijdrage was volledig negatief en bij zijn dood in 1520 keerde zijn opvolger Baldassare Peruzzi (1481-1536), een leerling van Bramante en alleskunner, terug tot het vereenvoudigde plan van zijn leermeester en koos voor nog zwaardere koepelpijlers. Financiële problemen, de plundering van Rome in 1527 en de gevolgen van de contra-reformatie vertraagden het werk. Het was Paulus III (1534-1549) die de bouwwerkzaamheden opnieuw in gang zette.

Antonio da Sangallo de Jonge (1483-1546) werd de nieuwe architect, hij maakte nieuwe plannen en een houten maquette, die nog steeds bestaat en die vandaag wordt bewaard in de Vaticaanse archieven. Deze maquette werd enkele jaren geleden tijdens een tentoonstelling nog eens getoond aan het publiek en maakt duidelijk met welk geduld de middeleeuwse bouwers te werk gingen. Alleen al het maken van deze maquette moet ontzettend veel tijd hebben gekost.

Da Sangallo koos voor een Latijns kruis, al was het in feite een gecondenseerd centraal plan waaraan hij een grote vestibule toevoegde om de loggia te herbergen. Dit ontwerp was een samenraapsel van alle mogelijke architectonische vormen en gaf een uiterst rommelige indruk.

Bij de dood van da Sangallo in 1546 kreeg de toen 72-jarige Michelangelo (1475-1564) de supervisie. Hij nam de opdracht van Paulus III vanwege zijn leeftijd met de nodige tegenzin aan. Tot aan zijn dood achttien jaar later zou hij aan de Sint Pietersbasiliek werken. De nieuwe architect begon, hoe kon het ook anders, met het hertekenen van de plannen.

Het complexe ontwerp van da Sangallo voerde hij af wegens te duur en binnenin te duister. Hij keerde terug naar een centraal plan, maar eenvoudiger dan dat van Bramante. De kleine Griekse kruisen in de vier hoeken werden vervangen door een grote omgang, waardoor de cirkelvorm nog meer werd benadrukt. Door de oostelijke arm van de basiliek iets te verlengen tot een pseudo-schip, suggereerde hij een Latijns kruis zodat iedereen tevreden kon zijn. Michelangelo schonk veel aandacht aan de koepel die niet afgeplat werd zoals bij het Pantheon, maar hoog de lucht in rees. In zijn ontwerp startte de koepel op niet minder dan 46 m van de grond.

In juli 1547 vroeg Michelangelo zijn neef Leonardo in Firenze om hem zeer gedetailleerde informatie te bezorgen over de koepel die Brunelleschi voor de Santa Maria del Fiore had gebouwd. Ondertussen werden de pijlers van Bramante nogmaals versterkt. Voor de gevel inspireerde Michelangelo zich op het Pantheon.

Het is een beetje merkwaardig dat iedereen de koepel van de Sint-Pietersbasiliek associeert met Michelangelo, hoewel deze pas 26 jaar na diens dood onder een gewijzigde vorm werd gerealiseerd. De delen van de Sint-Pieter die wel volgens de plannen van Michelangelo werden voltooid, zijn niet direct zichtbaar voor het publiek vanaf het Sint-Pietersplein omdat ze aan de tuinzijde van het Vaticaan liggen.

De centraalbouw van Michelangelo zou in 1603 een staartje krijgen. Ondertussen hadden Vignola en Pirro Ligorio in 1564 de leiding overgenomen, later gevolgd door Giacomo della Porta (1540-1602) samen met stabiliteitsexpert Domenico Fontana (1541-1607). Beide concentreerden zich hoofdzakeijk op de realisatie van de koepel die ze meer elan gaven. Het resultaat in 1590, pas twintg jaar na de dood van Michelangelo, was minder afgeplat en 10 m hoger. In 1590 was de koepel eindelijk voltooid.

De werkzaamheden aan de basiliek konden nu beschouwd worden als beëindigd, maar er volgde al gauw een periode waarbij een heftig debat werd gevoerd over een eventuele uitbreiding van het gebouw. Het concilie van Trente (1545-1563) en de daar als noodzakelijk gestelde vernieuwingen in de kerkelijke liturgie, leidden onder Paulus V (1605-1621) tot nieuwe ingrijpende veranderingen in het concept van de basiliek.

In 1606 werd beslist definitief terug te keren naar het Latijnse kruis omdat dit zich beter leende voor de grootse plechtigheden die volgden uit de geest van de contra-reformatie. Door die uitbreiding staat de huidige portiek van de Sint-Pieter ongeveer op de plaats van het midden van het atrium van de oude basilica, terwijl de lijn van de oorspronkelijke Constantijnse gevel min of meer samenvalt met de scheidingswand tussen de eerste en tweede zijkapellen.

Paulus V liet dus de pas gebouwde gevel van Michelangelo afbreken en gaf in 1603 Carlo Maderno (1559-1629) opdracht de beuk te verlengen tot een Latijns kruis. Maderno werd zo de achtste hoofdarchitect van de Sint-Pietersbasiliek. In totaal veranderden de opeenvolgende architecten en de verschillende pausen in hun twijfel tussen centraalbouw en Latijns kruis maar liefst zes keer van mening. Het is uiteindelijk onder druk van Paulus V het verlengde schip geworden dat we vandaag kennen.

Carlo Maderno voltooide de door Paulus V bestelde gevel in 1614. Die gevel leidde gedurende eeuwen tot veel kritiek. Maderno kreeg tevens de opdracht de basiliek te verbinden met het pauselijk paleis. Daarvoor moest hij de gevel aan de rechterzijde verbreden en vanwege de symmetrie ook de linkerkant, zodat de gezamelijke breedte uiteindelijk 114,7 m bedroeg.

De hoogte van de gevel (45,5 m) kon niet worden gewijzigd, omdat men anders van beneden nog minder van de koepel zou kunnen zien. Het dramatische gevolg was dat de koepel zoals oorspronkelijk voorzien door Michelangelo, die voorstander was van een Grieks kruis, te ver naar achter kwam te staan. Kortom, de harmonie was verstoord.

Met de bouw van de basiliek werd officieel begonnen op 18 april 1506 al werden de eerste funderingen reeds gelegd in 1452. Op 18 november 1626 werd de nieuwe Sint-Pietersbasiliek door paus Urbanus VIII ingewijd, naar men dacht de 1300ste verjaardag van de consecratie van haar voorganger door Silvester I. De huidige wetenschap plaatst de bouw van de romp van de eerste kerk echter tussen de jaren 322 en 337. De dag vóór de inwijding, 17 november, liet Urbanus VIII Rome tot de avond vasten. Op de 18de, een woensdag, verleende hij alle gelovigen een volle aflaat gedurende acht dagen.

Indien het plan van Michelangelo was uitgevoerd, zou de Sint-Pietersbasiliek ongetwijfeld de mooiste ter wereld zijn geworden, na de verandering door Carlo Maderno werd ze wel de meest imponerende. De bouw van de basiliek had uiteindelijk 120 jaar geduurd, een eeuwigheid voor de Romeinen uit die tijd en die wanneer het gaat om een schijnbaar eindeloze onderneming, nog steeds de uitdrukking gebruiken ‘e una fabbrica di San Pietro’.

Het werd nu tijd iets aan het interieur te doen. In 1629 volgde Bernini (1598-1680) Maderno op als architect en kreeg als opdracht de basiliek aan te kleden. Bernini wilde ook een toren toevoegen aan elke kant van de gevel, maar toen de eerste toren in 1644 scheuren begon te vertonen werd hij in 1646 neergehaald en werd het project afgevoerd dit tot grote voldoening van Bernini’s rivaal Borromini.

In 1656 begon Bernini met de uitvoering van het plein. Pas tijdens de achttiende eeuw kwam de bouw van het complex in de eindfase nadat Pius VI (1775-1799) opdracht had gegeven de sacristie aan de zuidkant (links) te bouwen. Hij was de 34ste opvolger van Julius II maar nu was het werk eindelijk helemaal af.

Advertenties

2 Reacties to “De bouw van de Sint-Pietersbasiliek”

  1. Gianni di Panni Says:

    Geweldig verhaal! Het leest als het script van een spannende film, compleet met intriges. Alleen de Love-line ontbreekt nog.

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s