De koepel van de Sint-Pietersbasiliek

Tot de bouw van de nieuwe Sint-Pietersbasiliek was voltooid, was de abdijkerk van Cluny III de grootste kerk van de christelijke wereld. Daarna volgden de Sint-Pietersbasiliek, met een oppervlakte van 49.737 m² en een omtrek van 1.778 m, gedurende vele eeuwen de grootste kerk ter wereld. De St Paul’s Cathedral in Londen heeft een oppervlakte van 26.639 m² maar werd pas gebouwd in de periode 1675-1710. Vandaag is de basilique Notre-Dame de la Paix in Ivoorkust de grootste.

De nieuwe Sint-Pietersbasiliek zou volgens de literatuur plaats bieden aan 60.000 personen, wat schromelijk overdreven is want de nuttige ruimte beslaat 23.067 m². Met de portiek inbegrepen is ze 218,7 m lang (ter vergelijking: de basiliek van Koekelberg meet 164,45 m) en in het transept 154,8 m breed (Koekelberg 107,8 m). Het middenschip is 26 m breed en 46 m hoog van vloer tot dak.

De binnenschil van de koepel is bolvormig, de afstand tussen de uitwendige en de inwendige schil is vrij beperkt, in tegenstelling tot deze van de Santa Maria del Fiore en de St Paul’s. In totaal weegt de koepel 56 miljoen kilo, de afstand van de grond tot het topje van het kruis bovenaan de lantaarn is 136,5 m (de Onze-Lieve-Vrouw-toren Antwerpen 123 m). Binnenin is de koepel 119 m hoog, het is het hoogste gewelf ter wereld. Hij heeft een diameter van 42,6 m  en is dus iets kleiner dan die van het Pantheon (43 m) en 3 m minder dan deze van de Santa Maria del Fiore, de koepel van Filippo Brunelleschi in Firenze (de koepel van de St Paul’s in London meet 34 m). De koepel zou bewust iets kleiner ontworpen zijn dan deze van het Pantheon, dit uit respect voor de bouwers van de Oudheid (ter vergelijking: de koepel van de basiliek in Koekelberg heeft een diameter van 31 m). De bronzen bol bovenop de koepel heeft een doorsnede van 2,44 m en biedt plaats aan 16 personen. Deze bol is niet toegankelijk. De diameter van de koepel is 42,6 m

De omtrek van de koepelpijlers in de Sint-Pietersbasiliek bedraagt 71 m (equivalente doormeter 22,6 m). De voorgevel is 115 m lang en 45 m hoog, de middellijn der zuilen is 2,65 m (omtrek 8,3 m), de beelden op de buitenbalustrade zijn 5,7 m hoog. De basiliek telt 290 vensters, 44 altaren, 11 koepels, 597 zuilen (o.a. afkomstig uit de thermen van Caracalla), 435 beelden, 131 mozaïekstukken en slechts één schilderij omdat de lucht in de kerk te vochtig is.

De Sint Pietersbasiliek is niet de kathedraal van het bisdom Rome, dat is de Sint-Jan van Lateranen, en evenmin de parochiekerk van Vaticaanstad, dat is de Sant’ Anna. Deze laatste vindt men door via de rechter colonnade onder de bogen door te gaan naar de via di Porta Angelica, na 100 m neemt men de straat links met een grote toegangspoort, de porta Sant’ Anna, de dienstingang van het Vaticaan. Rechts daarvan bevindt zich de kerk, een bescheiden versierd klein ovaal gebouw dat tussen 1565-1576 werd opgetrokken door Vignola. Vroeger vertrok op 26 juli, de feestdag van Sint-Anna, van hieruit de ‘processie der kraamvrouwen’ naar de Engelenburcht. Vrouwen die een kind verwachtten kochten een kaars die ze bij het begin van de barensweeën moesten aansteken, de bevalling zou voorbij zijn voordat de kaars was opgebrand.

‘De koepel van de Sint-Pietersbasiliek is het grootste van alle wonderen der bouwkunst die op aarde kan worden aangetroffen’ schreef de scherpzinnige Nederlandse literaire criticus Conrad Busken Huet (1826-1886). Het is een feit dat de basiliek in die tijd een onvergetelijke indruk moet hebben gemaakt. Zelfs vandaag, nu mensen wereldwijd worden geconfronteerd met ontzagwekkende staaltjes bouwkunst, kijken vele Romebezoekers nog altijd vol verbazing en verwondering naar de immense Sint-Pietersbasiliek.

Het blijft echter merkwaardig dat de naam van Michelangelo (1475-1564) door iedereen in verband wordt gebracht met de fantastische koepel op de basiliek, hoewel die pas 20 jaar na de dood van Michelangelo gerealiseerd werd volgens een sterk gewijzigd plan. Zo gaf Giacomo della Porta de koepel een kleinere kromming zodat hij 7 m hoger werd dan deze van Michelangelo. Rekening houdend met de latere beslissing in 1603 om het schip van de basiliek te verlengen, was het verhogen van de koepel een ware zegen. Vooral de buitenribben bepalen het aanzien van de koepel, ze zorgen voor een opstuwend effect dat nog versterkt wordt door de (te hoge) plaatsing van drie oculi in elk segment.

Elke rij heeft een andere vorm. In de lantaarn zijn smalle vensters uitgespaard waardoor licht naar het interieur van de basiliek stroomt. De buitengalerij aan de voet van de lantaarn, van waaruit bezoekers een spectaculair uitzicht hebben over de stad, bevindt zich op 108 m hoogte. De tamboer, dat is de cirkelvormige onderbouw waarop de koepel rust, is wel uitgevoerd volgens de plannen van Michelangelo. Hij is opgebouwd uit Korintische tweelingzuilen met entablementen en vensters die afwisselend een segmentvormig en driehoekig fronton dragen.

Voor het oorspronkelijke ontwerp had Michelangelo zich laten inspireren door de koepel van Brunelleschi in Florence (1436), maar hij wilde vooral een lagere en sterker gekromde koepel, bekroond met een relatief hogere lantaarn. Michelangelo wilde voor zijn koepelontwerp overigens geen honorarium, zijn verdiende loon zou hij wel in het hiernamaals krijgen vond hij. Twintig jaar na Michelangelo’s dood zouden zijn opvolgers Giacomo della Porta (1540-1602) en Domenico Fontana in nauwelijks 22 maanden tijd (tussen 1588 en 1590) de gigantische klus uiteindelijk klaren. Daarvoor werden de grote middelen ingezet: er werkten 800 arbeiders in een dagploeg en ’s nachts werd gewoon voortgewerkt met een andere ploeg van nog eens 800 mensen.

Als een trotse burger van Firenze beweerde Michelangelo in alle bescheidenheid dat hij de koepel van Brunelleschi misschien wel kon evenaren, maar dat hij hem nooit zou kunnen overtreffen. Pas in de twintigste eeuw zouden er gewelven met een nog grotere overspanning worden gebouwd. Dat kan enkel met moderne voorspanningstechnieken.

De koepel heeft ook problemen gekend. Na enkele jaren stelde men barsten vast. Die werden veroorzaakt doordat Bernini de vier dragende hoekpilaren had laten uithollen om trappen aan te brengen. Het was uiteindelijk de zware aardbeving van 1730 die grote schade berokkende. In 1743 werden vijf ijzeren ringen aangebracht om te voorkomen dat de gebarsten koepel helemaal zou instorten.

Drie Franse wiskundigen, Boscovitch, le Seur en Jacquier, berekenden daartoe niet alleen de zijwaartse druk van de koepel, maar ook de trekspanning van het aan te brengen ijzer en de weerstand van de trommelwanden. Dit was de eerste keer dat statica en structurele mechanica op zo’n probleem werden toegepast. Het was een mijlpaal in de geschiedenis van de bouwkunde. Het resultaat was een succes.

Op 29 juni, het feest van de apostelen Petrus en Paulus, de patroonheiligen van Rome, wordt de koepel speciaal verlicht. Tegenwoordig gebeurt dit elektrisch, maar destijds werden hiervoor 832 fakkels en 4.033 olielampen ontstoken, geplaatst op de ribben van de koepel. Goethe beschrijft in zijn ‘Italienische Reise’ uit 1829 het gigantische feeërieke effect van de duizenden lichtjes. ‘Als men bedenkt dat dit grootse gebouw op dat ogenblik slechts dient als de omlijsting van een fantastische orgie van licht, kan men begrijpen dat nergens ter wereld iets dergelijks kan worden aangetroffen’ schrijft hij.

Het moet een spektakel geweest zijn om de hele ploeg ‘sanpietrini’ hun halsbrekende toeren te zien uithalen, eerst om de lampen aan te brengen, daarna om ze aan te steken. Met touwen lieten ze zich vanaf de lantaarn langs de ribben van de koepel zakken, dat gebeurde voor het laatst in 1950. De sanpietrini werden genoemd naar de sanpietrini die destijds de basiliek bouwden en achteraf instonden voor het onderhoud. Hun vroegere werkruimtes worden nu ingenomen door winkeltjes. Ook de suppoosten van de basiliek worden vandaag nog ‘sanpietrini’ genoemd. De Romeinse kasseien dragen dezelfde naam omdat ze in de zestiende eeuw voor het eerst gebruikt werden voor de bestrating van het Sint-Pietersplein. In december bouwen de sanpietrini de kerststal rond de obelisk op het Sint-Pietersplein. Je kan ze binnenkort dus weer aan het werk zien.

Advertenties

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s