Restauratie Mausoleum van Augustus eindelijk begonnen

Het ongelooflijke is gebeurd: in Rome is de restauratie begonnen van het al vele jaren verwaarloosde Mausoleum van Augustus, een project dat al in 2014 (naar aanleiding van de 2000ste verjaardag van het overlijden van de keizer) had moeten voltooid zijn. Nu, we kennen allemaal Rome, het acute gebrek aan geld en vooral de enorme administratie waarmee iedereen die aan bouwen of verbouwen durft denken onvermijdelijk te maken krijgt, zorgen vaak voor onnoemelijke vertragingen. Het is niet anders en we moeten maar blij zijn dat dit lang aanslepende dossier eindelijk in gang werd gezet.

Nu natuurlijk nog hopen dat de werken op tijd klaar zijn (het monument zou in theorie op 21 april 2019 de deuren moeten openen voor het publiek) en ook dergelijke voorspellingen zijn in Rome altijd af te wachten en absoluut geen zekerheden. Het feit dat het project grotendeels door privésponsors wordt gefinancierd, maakt de kans op grote vertragingen wel een heel stuk kleiner. Het plaatsen van de bijzonder mooie afsluiting, met afbeeldingen in spiegelreliëf, tekeningen en uitleg over het monument en de werken ging in ieder geval bijzonder vlot. Hoelang de omheining graffitivrij zal blijven, valt nog af te wachten.

Het karwei dat moet worden uitgevoerd is gigantisch. Alleen al voor de basisrestauratie moet 13.000 m² metselwerk worden hersteld, waarvan zowat 800 m² helemaal opnieuw waterdicht moet worden gemaakt. Rond het monument (diameter 87 m, hoogte 45 m) worden steigers met een totale lengte van 8.000 m geplaatst. Bovenop op het monument wordt een dakgedeelte voorzien, vanwaar het publiek een prachtig uitzicht op de omgeving zal hebben.

Het mausoleum is vandaag nog steeds het grootste cirkelvormige grafmonument uit de oudheid. Vanaf 32 v. Chr. liet Octavianus, de latere keizer Augustus, op het noordelijke Marsveld, toen nog een enorme open vlakte tussen de Tiber en de Via Flaminia, een familiegraf bouwen. Het werd in 28 v. Chr. ingehuldigd, Augustus was toen pas 34. De officiële naam van het complex was ‘tumulus Juliorum’, de tumulus of graftombe van de Juliërs.

Het is niet met zekerheid geweten hoe het mausoleum er aan de buitenzijde uitzag. Men denkt aan een kegelvormige heuvel van aarde met een doorsnede van 87 m en een hoogte van 32 m bovenop een bijna 12 m hoge cilindrische muur, bekleed met travertijn of marmer. De heuvel zou met cipressen beplant geweest zijn, net als de Etruskische graven in Cerveteri.

Men beweerde dat Augustus voor zijn heuvel van overal in het Romeinse Rijk aarde had laten brengen om zodoende te rusten in de grond van de hele wereld waarover hij had geheerst. Ook van dit verhaal is het niet zeker of het werkelijkheid is of een verzinsel. Na de dood van Augustus werd de constructie, die in de volksmond Mons Augustus werd genoemd, met zijn standbeeld bekroond.

De keizer had rond het monument parken met wandelpaden aangelegd, en had de plaatsing afgestemd op die van de Ara Pacis, het altaar van de vrede dat zich toen nog langs de Via Flaminia, de huidige Via del Corso bevond. Het samengaan van het mausoleum en de Ara Pacis was symbolisch, geplaatst ten noorden van de stad moesten ze iedere bezoeker die Rome naderde herinneren aan de Pax Augusta die de keizer aan het Romeinse Rijk had opgelegd.

Het monument werd in de loop der eeuwen verschillende voor verschillende doeleinden gebruikt, maar in het begin van de jaren ’60 van vorige eeuw was het verval zodanig groot geworden dat het risico te groot werd om het gebouw nog toegankelijk te houden. Er vielen regelmatig brokstukken naar beneden, de toestand was te onveilig en het monument werd definitief gesloten voor het publiek. De daaropvolgende decennia gebeurde er helemaal niets. Het mausoleum ligt nochtans in een druk bezocht gebied, zoals verteld ligt onder meer de Ara Pacis er vlakbij.

In 2011 ontstonden ontstonden plannen voor een totale restauratie van zowel het mausoleum als de omgeving rond het monument. Het ontwerp werd in 2012 voorgesteld. Prima op tijd, zo leek het, om de werkzaamheden af te ronden tegen 2014, het jaar waarin een heleboel evenementen en tentoonstellingen werden gepland naar aanleiding van het feit dat keizer Augustus dan precies 2000 jaar geleden overleden was.

Het dossier bleef aanslepen, maar uiteindelijk trokken zowel de stadskas als de hogere overheid in 2013 samen 4,275 miljoen euro uit voor het project. Dat was lang niet genoeg, maar de stadskas van Rome was ook toen al leeg. In oktober 2015 (de herdenkingen rond keizer Augustus waren toen al voorbij) trad de Fondazione TIM (Telecom Italia) naar voor als privésponsor met een bijdrage van maar liefst 6 miljoen euro. TIM wilde in een latere fase ook instaan voor de realisatie van het multimedia-gedeelte in het vernieuwde mausoleum. Daarmee stond niets nog de restauratie van het monument in de weg.

Niet zo in Rome. Er werd, na lang aarzelen en heel wat discussies wel een datum geprikt: de start van de werkzaamheden werd aangekondigd voor januari 2016. De restauratie zou dan in het voorjaar van 2017 kunnen voltooid zijn, waarna onmiddellijk na die werkzaamheden de heraanleg van de omgeving zou kunnen volgen. Het hele project zou dan voltooid zijn in het najaar van 2017. Maar deze werken zijn nooit begonnen.

Uit onderzoeken bleek dat Rome na aanbesteding een groot aantal “abnormale inschrijvingen” van aannemers had ontvangen. Abnormaal betekent in dit geval dat veel concurrerende aannemingsbedrijven fors afwijkende prijzen hadden ingediend. In een aantal gevallen was er een verschil met 42% ten opzichte van het ramingsbedrag. Daarnaast zouden sommige bedrijven aan bepaalde stadsdiensten en ambtenaren een korting van 69% beloofd hebben indien ze de werken mochten uitvoeren. Over de veel lagere kwaliteit die het gevolg zou zijn van dergelijke dumpingprijzen, werd uiteraard met geen woord gerept.

Hoewel het proces rond de Mafia Capitale (een enorm corruptieproces waarbij talrijke ambtenaren, maffieuze figuren en louche bedrijven betrokken zijn) toen al een hele tijd aan de gang was, leek het alsof er in de praktijk nog altijd niets veranderd was. De Rekenkamer kwam eraan te pas om uit te zoeken wat er met al de toegekende subsidies was gebeurd. Ook de anti-corruptiediensten begonnen zich met het dossier te bemoeien. Ondertussen kreeg Rome met Virginia Raggi ook een nieuwe burgemeester, die op haar beurt kreeg af te rekenen met onwillige ambtenaren en logge administratieve procedures.

Na alle vertragingen die het dossier opliep, kwam er uiteindelijk wel goed nieuws uit de bus: de 4,27 miljoen euro die het stadsbestuur eerder had opzijgezet is teruggevonden. De restauratie is dus begonnen en ook TIM heeft zijn beloofde 6 miljoen euro inmiddels overgemaakt. Daardoor zouden de werkzaamheden in principe non-stop tot het einde moeten kunnen worden uitgevoerd.

http://experience.mausoleodiaugusto.it/it/intro

ACHTERGROND

BONDIGE GESCHIEDENIS VAN HET MAUSOLEUM VAN AUGUSTUS

Het is merkwaardig dat Augustus zijn mausoleum een vorm gaf die in niets leek op de schitterende Hellenistische koningsgraven. Het had veeleer de vorm van de graven waarin de mannen van de Republiek aan de wegen die naar Rome leidden werden bijgezet, een vorm die reeds bestond in de zevende eeuw v. Chr.

Het eerste complex met de naam ‘mausoleum’ werd opgericht in de hoofdstad Halicarnassus van Caria (de zuidwestelijke streek van het huidige Turkije). Het werd gebouwd door koningin Artemisia voor haar man en broer de satraap Mausolos die in 353 v. Chr. stierf. Het behoorde tot de zeven wereldwonderen. In het British Museum zijn nog enkele resten te zien van dit nu verdwenen gebouw dat zijn naam gaf aan latere praalgraven.

Aan de ingang van het familiegraf bevestigde Augustus in 14 na Chr., dus kort voor zijn dood, bronzen tafelen, de ‘res gestae divi Augusti’. De keizer brengt er verslag uit over zijn daden. Zo vermeldt hij dat de grote bouwwerken van Julius Caesar voltooid werden, zoals het Forum van Caesar, de tempel van Venus, het nieuwe gebouw van de Curia en de bouw van de grote basilica Julia op het Forum Romanum. Ook bouwde Augustus zijn huis op de Palatijn, evenals het Forum van Augustus, de Apollotempel op de Palatijn, een triomfboog op het Forum Romanum en de Ara Pacis.

Augustus beroemt zich op de restauratie uit eigen middelen van 82 tempels die tijdens de burgeroorlogen in verval waren geraakt, en op de teruggave van alle kostbaarheden die zijn rivaal Marcus Antonius uit de tempels in het oosten had geroofd. In het bijzonder herinnert Augustus eraan dat tachtig zilveren beelden die ter zijner ere in de stad waren opgericht op zijn verzoek werden gesmolten om uit de opbrengst de tempel van Apollo op de Palatijn te bekostigen.

Naar Egyptisch gebruik werd de ingang van het mausoleum geflankeerd door twee, zij het Romeinse nabootsingen van Egyptische obelisken. Beide bleven behouden en staan nu Piazza del Quirinale en op Piazza Esquilino achter de Santa Maria Maggiore. De grafkamer zelf was vanuit het zuiden (kant Piazza Venezia) toegankelijk via een 3,5 m brede, nog zichtbare tunnel.

De ronde binnenzijde van het mausoleum had een ingewikkelde structuur en bestond uit een aantal concentrische muren waarvan sommige nog intact zijn. De hoge ingang leidt naar een grote ronde ruimte met in het midden weer een ronde muur, de cella, de eigenlijke grafkamer. Daar bevatten de binnenmuren nissen waarin de urnen van de keizerlijke familie werden bijgezet, op de marmeren steen staan hun namen gegrift. In het midden van de cella is er een kleine vierkante zeer hoge ruimte. Dit was de laatste rustplaats van Augustus, precies onder zijn bronzen standbeeld dat boven op het mausoleum stond.

Na de oprichting in 28 v. Chr. van het mausoleum was de eerste urne die hier werd bijgezet deze van Augustus’ neef en schoonzoon Marcellus die in 23 v. Chr. stierf. Hij was de zoon van Ottavia, de zuster van Augustus, naar hem werd het theater van Marcellus (Teatro Marcello) genoemd. Marcellus was gehuwd met Julia, de enige dochter van Augustus (met zijn tweede vrouw Scribonia), en werd voorbereid om de eerste keizer op te volgen. Hij was pas 19 toen hij stierf aan malaria en hij had geen kinderen.

Als monument heeft het mausoleum van Augustus, een zeer bewogen en vernietigende geschiedenis gekend, het werd verwaarloosd, geplunderd, van zijn marmer beroofd en gerecycleerd voor van alles en nog wat. De Goten drongen het complex binnen aan het einde van de vijfde eeuw en vernielden en roofden o.a. de gouden urn met de as van Augustus.

Tijdens de twaalfde eeuw verbouwden de Colonna’s het mausoleum tot een burcht, l’Agosta genoemd. Ze werd in 1241 door Gregorius IX ingenomen en ontmanteld, waarbij de blokken travertijn uit de tijd van Augustus werden weggehaald. Met de tijd verdween het mausoleum steeds meer onder de aarde, er werd een wijngaard bovenop aangeplant en tijdens de renaissance werd het een tuin met bomen in grote cirkels.

Tijdens de zestiende eeuw, en ook later, was de omgeving van het mausoleum een gure buurt die door de Romeinen de ‘ortaccio’ werd genoemd, de vieze moestuin, een naam die ook vandaag helaas nog actueel is. Toen het Baldassare Peruzzi in 1519 lukte tot de centrale grafkamer van het mausoleum door te dringen en enkele van de urnen te bergen en de opschriften die hun plaats aangaven te noteren, stelde hij vast dat een aantal urnen, waaronder dus ook die van Augustus al eeuwen eerder verdwenen waren.

Het is geweten dat tijdens de dertiende eeuw op het Capitool de urn van Agrippina major, dochter van Julia en Agrippa, vrouw van Germanicus, moeder van Caligula en grootmoeder van Nero, als officiële inhoudsmaat gebruikt werd. Deze urn bestaat overigens nog, ze wordt bewaard in de Capitolijnse musea. Ook de eerste urne uit 23 v. Chr., namelijk deze van Marcellus, de zoon van Ottavia (de zuster van Augustus) is bewaard gebleven.

Aan het einde van de achttiende eeuw werd het mausoleum omgebouwd tot een arena voor stierengevechten, de Corea genaamd, waar in Spaanse kledij gestoken matadors voor een enthousiaste menigte optraden. Goethe schrijft in zijn dagboek op 16 juli 1781: ‘Vandaag werd in het mausoleum van Augustus op dieren gejaagd. Dit grote, van binnen lege en van boven open, geheel ronde gebouw, is tegenwoordig tot arena voor ossengevechten (sic) ingericht, als een soort amfitheater. Het zal zo’n 4.000 tot 5.000 mensen kunnen bevatten. Het schouwspel zelf heeft me niet bijzonder geboeid’, dixit Goethe.

Nadat in 1870 de laatste vertoning was gehouden (Garibaldi was er toen eregast, foto boven), verbouwde men de ruïne tot een concertzaal (Auditorio Augusteo), die tot 1936 is blijven bestaan. Een negentiende-eeuwse Nederlandse kunstminnaar schrijft: ‘ik heb er eens een geïllustreerde luchtbal zien opgaan’. De beeldhouwer Enrico Chiaradia (1851-1901) gebruikte het mausoleum daarna als atelier, hij maakte er het reusachtige ruiterstandbeeld van Vittore Emanuele II dat bovenop het Vittoriano staat, het monument op Piazza Venezia.

Benito Mussolini liet alle gebouwen rond het mausoleum slopen en begon met de blootlegging van de site. Hij besliste dat 1937 zou gevierd worden als ‘bimillenario Augusteo’, de 2000ste geboortedag van Augustus. Daartoe wilde de Duce het graf in zijn oorspronkelijke staat herstellen, en in één moeite wees hij de antieke resten aan als zijn eigen toekomstige graf.

Op 28 april 1945 hing de 62-jarige Mussolini echter ondersteboven aan de dakrand van een benzinestation in Milaan. Zijn definitieve rustplaats vond hij pas twaalf jaar later in zijn geboortedorp Dovia di Predappio bij Forli.

Advertenties

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s