Archief voor 23 augustus 2017

Romeins scheepvaartmuseum in Nemi wordt in ere hersteld

Posted in Romenieuws on 23 augustus 2017 by romenieuws

We hebben het vroeger al eens gehad over het Museo delle Navi Romane dat zich behoorlijk afgelegen bevindt in Nemi, ten zuiden van Rome. Het museum is gespecialiseerd in de scheepvaart van de Romeinse oudheid en een bezoek meer dan waard. Helaas is de site zonder auto niet zo gemakkelijk bereikbaar. Bovendien bevindt het gebouw zich in niet zo’n goede staat en worden steeds meer gebreken zichtbaar. Laat het nu net de architecturale waarde van dit bijzondere gebouw zijn dat de directe aanleiding vormt om het Museo delle Navi Romane in de toekomst weer in de oude glorie te herstellen en toeristen richting Nemi te lokken.

Benito Mussolini liet het gebouw optrekken om de overblijfselen en vondsten van de twee enorme schepen van keizer Caligula aan het publiek te tonen. Die schepen waren na eeuwenlange pogingen in 1929 eindelijk bovengehaald uit het vlakbij gelegen meer. De vondst was zo spectaculair dat Mussolini meteen besliste dat de schepen zeker een eigen gebouw waard waren. In de visie van de dictator zou de bevolking daardoor ook worden herinnerd aan de grootsheid van het Italiaanse verleden. Mussolini leed aan grootheidswaanzin en droomde van de wederopstanding van het Romeinse Rijk, natuurlijk met hemzelf in de rol van Imperator.

Iedere schaarse bezoeker kijkt zich vandaag de ogen uit aan de nautische vondsten uit de oudheid. Maar aan het gebouw zelf wordt nauwelijks aandacht besteed. Nochtans realiseerde architect Vittorio Morpurgo Ballio (1890-1966) hier tussen 1934 en 1940 één van de mooiste exponenten van de Romeinse school van het rationalisme uit die tijd. Voor het museum koos hij voor twee gelijkvormige rechthoekige structuren die werden verbonden door een centrale galerij, maar met bovenaan een dubbele boogstructuur. Dat bleek een geniale vondst.

Het immense gebogen plafond, waarvan de structuur wel wat op de vorm van een boot lijkt, reflecteerde het licht uit de enorme ramen en zette Caligula’s grote schepen letterlijk in de schijnwerpers. Het moet een fantastisch zicht geweest zijn. De originele schepen en een groot gedeelte van de gebouwen werden in 1944 echter vernietigd in een catastrofale brand waarna het museum tot 1953 gesloten bleef. Daarna volgde een beperkte opening tot 1962, waarna het pas in 1988 opnieuw werd opengesteld voor het publiek. Wat toen in het museum werd getoond verschilt op enkele recentere vondsten na niet zoveel van wat je vandaag in het museum ziet.

Vittorio Morpurgo zou een belangrijkse architect worden in het Rome van Mussolini. Zo ontwierp hij in 1935, samen met Enrico Del Debbio en Arnaldo Foschini, het kantoor van de Nationale Fascistische Partij dat pas in 1959 voltooid zou raken en vandaag het Ministerie van Buitenlandse Zaken huisvest, het Palazzo della Farnesina. In 1938 kreeg hij de opdracht om de stedelijke ontwikkeling van de Piazza Augusto Imperatore in Rome in gang te zetten.

Daarbij hoorde ook het ontwerp van de enorme glazen kast, een structuur waarin de Ara Pacis Augustae werd ondergebracht. Die werd in 2003 werd vervangen door het huidige Ara Pacis museum van de Amerikaanse architect Richard Meier. In 1950 tekende Morpurgo de uitbreiding van de bekende pastafabriek Pantanella in Rome. Morpurgo werkte veel in Albanië, waar hij talrijke monumentale gebouwen ontwierp. Daarna werkte hij lange tijd samen met Marcello Piacentini en was hij betrokken bij verscheidene stedenbouwkundige realisaties, onder meer in Brazilië.

Ondanks de enorme grootte van het Museo delle Navi Romane aan de oever van het Meer van Nemi, heeft het geheel dankzij de grote dakramen en de manier waarop het in de omgeving werd geplaatst toch een luchtig aandoende structuur. De architect wilde destijds een gebouw dat de schoonheid van de Colli Albani niet zou aantasten, maar de bezoekers toch een interessante culturele ruimte bieden die harmonieus zou opgaan in het omringende landschap.

Ondanks de tijdsgeest, waar de voorkeur vooral uitging naar strakke, afgelijnde architectuur is Morpurgo daar goed in geslaagd. Het spel van licht en schaduwen en de vele reflecties die afhankelijk van het tijdstip van de dag het museum binnendringen en daarmee de kleur van de muren doen variëren van geel tot roze. Twee wenteltrappen voeren je vanaf een platform tot op het grote terras met uitzicht op het meer en de omgeving, een uitzicht dat ook keizer Caligula vanuit zijn villa ongeveer moet hebben gezien.

Het Museo delle Navi Romane geniet vandaag echter nauwelijks bekendheid. Het is ook al jaren in stil verval, hoewel je daar bij een gewoon bezoek niet zoveel van merkt. Maar toenemende waterinfiltratie, de al lange tijd voor het publiek gesloten wenteltrappen die naar het balkon en het terras voeren, de verbindingsweg naar het meer die wordt geblokkeerd door een gesloten hek, de omgeving van het gebouw die overwoekerd is met onkruid en wilde struiken en het overvolle archeologische magazijn waarin talloze voorwerpen nog altijd wachten op catalogering, laat staan een tentoonstelling, maken duidelijk dat deze site eigenlijk is uitgegroeid tot een soort niemandsland.

Edith Gabrielli, sinds twee jaar directeur van de Polo Museale del Lazio, die 43 musea, instituten en sites groepeert, vond wat in Nemi gebeurt een schande voor Vittorio Morpurgo’s architectonische werk dat hij omschrijft als ‘van grote waarde’ en beloofde iets te doen aan het museum. Recent werd effectief geld uitgetrokken voor een restauratieproject dat vorige week in gang werd gezet en drie jaar zal duren.

De originele ontwerptekeningen van Morpurgo werden erbij gehaald en het is de bedoeling het hele gebouw een grondige onderhouds- en renovatiebeurt te geven. Als alle zalen en ruimtes van het museum weer in orde zijn, wordt ook de archeologische collectie herbekeken. Gabrielli noemt de ingreep een begin en wil op termijn het museum opnieuw een rol geven als culturele en archeologische site.

De omgeving van het Meer van Nemi is zonder meer sensationeel en het is inderdaad jammer dat niet meer toeristen de weg naar deze plek vinden. Als het van Gabrielli afhangt moet dat dus binnen enkele jaren wel in orde komen. De restauratie wordt uitgevoerd in twee fasen. De eerste fase omvat een reeks kleine maar dringende interventies die de meest opvallende schade aan het gebouw moeten herstellen. De tweede fase is specifiek gericht op de renovatie van de verschillende ruimtes en het herdefiniëren van de museumroutes.

Keizer Caligula was slechts 29 jaar oud toen hij in 41 na Chr. werd vermoord. Caligula’s naam is sterk verbonden met het Museo delle Navi Romane, dat vandaag niet alleen de (verkleinde) replica’s van de schepen van Caligula toont, maar ook de vondsten die werden opgegraven in en rond het vlakbij gelegen heiligdom van Diana. Die lagen tot voor enkele jaren opgeslagen in de enorme magazijnen van Palazzo Massimo en het Museo Romane Terme di Diocleziano.

Een reusachtig marmeren beeld van Caligula, dat oorspronkelijk acht meter hoog moet geweest zijn, keerde eveneens terug naar Nemi. Jn de zomer van 2011 werd dit beeld door de Guardia di Finanza gerecupereerd van grafrovers die het hadden ontdekt en gestolen in de buurt van het Meer van Nemi.Het beeld, dat de keizer zittend op een troon afbeeldt, was door de grafrovers in stukken gebroken om het gemakkelijker te vervoeren en reeds in een vrachtwagen geladen, klaar om vervoerd te worden naar de haven. Daar vandaan zou het beeld het land uit gesmokkeld worden.

Door het oprollen van de dievenbende en de recuperatie van hun vondst kwamen archeologen overigens op het spoor van het buitenverblijf van keizer Caligula. De plunderaars zorgden indirect ook voor de latere ontdekking van een waaiervormig nimfeum. Die fontein moet nog worden heropgebouwd. Dieven maken zich dus soms ongewild toch nog eens nuttig.

Iedereen kent vandaag het Domus Aurea, het enorme en onvoorstelbaar luxueuze paleis van keizer Nero, maar ook het optrekje van Caligula in Nemi was aardig ingericht. Het bevatte zelfs een voor die tijd ongelooflijk geavanceerd hydraulisch systeem dat via een groot aantal loden leidingen het regenwater voor huishoudelijk gebruik doorheen de hele villa distribueerde. Een dergelijk systeem aanleggen moet zelfs voor de top van de Romeinse aristocratie een zeer dure investering geweest zijn.

De buizen werden vervaardigd uit rechthoekige bladen van lood en zijn de reden dat de villa in Nemi met een zekerheid van honderd procent kan worden toegeschreven als het stulpje van Caligula. Het was immers gebruikelijk om op het lood de naam van de eigenaar te vermelden en soms ook van degene die de leidingen had aangelegd. In het lood werd meestal ook een serienummer gestempeld. Uit die gegevens blijkt duidelijk Caligula’s betrokkenheid.

De Romeinse schepen van Caligula waren lang tijd onbekend. Geen enkele auteur uit de oudheid heeft ze ooit vermeld, er bestond geen enkele verwijzing naar. De gezonken schepen werden uiteindelijk in 1446 ontdekt maar vondsten van resten uit het Romeinse tijdperk gebeurden in die tijd vrijwel permanent en er lag nauwelijks iemand van wakker, tenzij er natuurlijk kostbaarheden of waardevolle voorwerpen werden gevonden. In het beste geval bleef een gedeelte van een voormalige Romeinse woning bewaard doordat de ruïnes als kelder of opslagruimte werden geïntegreerd in het nieuwe gebouw.

De keizer zou de twee reusachtige schepen hebben gebruikt voor zowel rituele doeleinden als voor feestelijkheden. Uit onderzoek blijkt wel dat de beide schepen tot zinken werden gebracht omstreeks de tijd dat Caligula stierf, waarschijnlijk als uitvoering van een damnatio memoriae. De berging van de schepen was een operatie die meerdere eeuwen heeft omvat. Na de ontdekking in 1446 gebeurden er heel wat pogingen, de ene al wat creatiever dan de andere, en ze faalden allemaal. Het verhaal van de schepen van Nemi leest als een thriller.

De meeste pogingen eindigden als een soort schattenjacht. Men haalde wel wat vondsten boven die zich in of rond de schepen bevonden, maar de vaartuigen zelf bleven op de bodem. In 1926 werd overwogen om toch nog een ultieme poging te wagen om de schepen voorgoed boven te halen. Dat gebeurde onder impuls van Mussolini, die inmiddels gefascineerd was geraakt door het Romeinse verleden.

Er werd een commissie samengesteld onder voorzitterschap van senator Corrado Ricci. De opdracht werd toevertrouwd aan luitenant-kolonel Victor Malfatti. Die stelde een spectaculair plan voor, namelijk het waterniveau van het meer verlagen zodat de schepen beter bereikbaar zouden zijn. Op 9 april 1927 maakte Benito Mussolini bekend dat de twee gezonken grote schepen zouden geborgen worden. Op 28 maart 1929 was het zover en kwam het hoogste gedeelte van het eerste schip na bijna 2000 jaar terug boven water. Het tweede schip volgde vrij snel daarna. De ontdekking van de grote Romeinse schepen was wereldnieuws en archeologen keken vol verbazing naar de enorme afmetingen van de vaartuigen.

Mussolini wilde beide vaartuigen restaureren en ze dan samen met alle vondsten in en rond het meer laten bewonderen door het publiek. De dictator zag in de schepen uit de Romeinse oudheid een prachtig bewijs voor het grootse verleden van Italië en liet speciaal een nieuw museum bouwen. Dat werd dus het Museo delle Navi Romane. De inhuldiging vond plaats in januari 1936.

Maar in de nacht van 31 mei en 1 juni van 1944 gebeurde een ramp. Een grote uitslaande brand aan de oevers van het meer van Nemi vaagde zowat het hele gebouw weg. Naar verluidt hebben terugtrekkende Duitse troepen de brand aangestoken, maar dat verhaal is nooit met harde bewijzen ondersteund. Alles werd vernietigd, ook de schepen die met zoveel moeite uit het water waren gehaald. Alleen de artefacten die eerder waren overgebracht naar het Museo Nazionale Romano bleven nog over. Daaronder ook de vondsten uit het inmiddels ontdekte heiligdom van Diana.

Het museum werd herbouwd en is eigenlijk een dubbele betonnen hangar van zowat 80 m lang, oorspronkelijk gebouwd op maat van de exacte grootte van beide schepen. Het museum was het eerste in zijn soort dat op maat van een specifieke vondst was ontworpen en beschikte over grote ramen en een dakterras vanwaar je zowel het meer als, in een verhoogde positie, de beide schepen kon bewonderen.

Ook de twee schepen werden later opnieuw gereproduceerd, zij het op schaal 1/5. Deze modellen zijn vandaag te bekijken in een vleugel van het museum. Je vindt hier ook een stuk van de originele Via Sacra, talrijke tekeningen die tijdens de renovatie en het herstel van de schepen door ingenieurs van de marine werden gemaakt en enkele geïllustreerde panelen en wat materiaal dat ontsnapt is aan de brand. Hier bevinden zich ook de overblijfselen van de nabijgelegen tempel van Diana.

De zone rond het meer van Nemi, op amper 30 km van hartje Rome, heeft een grote landschappelijke waarde en is geliefd bij natuurkundigen en biologen. Het traditionele agrarische gebruik hielp de omgeving ongeschonden doorheen de voorbije eeuwen. Natuur en menselijke activiteiten bleven hier harmonieus naast elkaar bestaan. Maar ook op historisch en archeologisch vlak is het gebied bijzonder waardevol. Het gebied rond het meer van Nemi kan dan ook als een heel gevarieerd openluchtmuseum worden beschouwd. Wie de drukte en de warmte van Rome even wil ontvluchten, vindt in Nemi een ideale bestemming.

Museo Nazionale delle Navi Romane
Via del Tempio di Diana 13, 00040 Nemi
Tel. +39 06 939 80 40
Dagelijks open van 9 tot 19 uur
Gesloten op feestdagen
Tickets: 3 euro
Gratis toegang op de eerste zondag van elke maand.
www.museonaviromane.it