De bewoonster van de middeleeuwse toren op het Tibereiland

We verblijven al enkele dagen op en rond het Tibereiland in Rome en de reeks rond deze fascinerende plek is nog niet gedaan. Zoals je de voorbije dagen kon lezen eist de rivier zelf vaak de hoofdrol op. Onze verhalenreeks is actueel in die zin dat de Tiber momenteel niet verwoestend te keer gaat, maar integendeel een bijzonder laag waterpeil heeft. De oorzaak is natuurlijk de onophoudelijke droogte die Italië al maanden in zijn greep houdt. De recente forse wolkbreuk in Rome en het noodweer in Toscane zorgde wel voor lokale overstromingen en heel wat ellende maar heeft het waterpeil van de Tiber voorlopig niet noemenswaardig beïnvloed.

Recent wandelden we over de Ponte Cestio en de Ponte Fabricio op het Tibereiland. Op deze laatste brug zie je, komende vanaf het Joodse kwartier, aan de overkant een middeleeuwse toren. Bekijk hem goed, want hier verbleven enkele personen die een belangrijke rol hebben gespeeld in de geschiedenis van Rome en Italië.

In de elfde eeuw werd op het Tibereiland een vesting gebouwd, waarvan de toren toen ook al deel uitmaakte en die bewoond werd door een vrouw die mee zou bepalen hoe Italië er in de latere eeuwen zou uitzien. De toren bleef ook in de twaalfde eeuw behouden, toen de invloedrijke joodse familie Pierleoni die zich tot het christendom had bekeerd de vesting versterkte tot een burcht. Vandaag wordt deze middeleeuwse toren meestal de Torre Caetani genoemd, naar de familie die later eigenaar werd van het gebouw en de toren ombouwde tot een prachtige residentie.

Een telg van de familie Pierleoni, Pietro, had het in 1116 tot kardinaal gebracht en werd in 1121 ook benoemd als pauselijk gezant in Engeland en Frankrijk. In die periode verbleef Pietro Pierleoni in de vesting van zijn familie op het Tibereiland. Op 14 februari 1130 stierf paus Honorius II. Een minderheid van de kardinalen riep ’s ochtends de in Trastevere geboren Gregorio de Papareschi uit tot paus Innocentius II. Dit gebeurde echter op een formeel onjuiste wijze, waardoor veel kardinalen de benoeming van Innocentius niet erkenden. Enkele uren later verkozen de kardinalen, nu wel op correcte wijze, Pietro Pierleoni tot paus. Pierleoni nam de naam Anacletus II aan.

Beide pausen erkenden de aanstelling van de andere niet en bestreden elkaar. Anacletus II wist uiteindelijk Rome in handen te krijgen, waardoor Innocentius II gedwongen werd naar Frankrijk te vluchten. Het leek erop dat Anacletus de strijd om het pausdom gewonnen had. In september 1130 sloot hij een overeenkomst met Rogier II van Sicilië. Ook verwierf hij de steun van Willem X van Aquitanië.

Door dit laatste maneuver koos Lotharius III, toen koning van Duitsland, de kant van Innocentius. Bovendien wist Innocentius in Frankrijk de steun van Bernard van Clairvaux te verwerven, op dat moment één van de invloedrijkste mannen binnen de kerk. Bernard zorgde er bovendien voor dat Engeland en Frankrijk de kant van Innocentius kozen.

In oktober 1131 sprak Innocentius de ban uit over Anacletus. Twee jaar later verdreef Lotharius tegenpaus Anacletus uit Rome, waardoor Innocentius op de pauselijke troon kon gaan zitten. Als dank voor zijn ingreep kroonde paus Innocentius koning Lotharius tot keizer van het Heilige Roomse Rijk. Een tijd later wist Anacletus Rome echter te heroveren en zag Innocentius zich opnieuw gedwongen te vluchten. Anacletus II (Pietro Pierleoni) hield Rome in handen tot zijn dood in 1138.

Na de dood van Pietro nam zijn broer Jordan de touwtjes in handen en organiseerde een republikeinse volksopstand tegen het pauselijke gezag. Die opstand leidde tot de succesvolle revolutie van 1143 met het aanvaarden van de eerste burgerlijke grondwet en het uitvoeren van de macht door de senaat die door Jordan Pierleoni op het Capitool gevestigd werd.

De overwinning duurde echter niet lang. Paus Innocentius II heroverde opnieuw de macht over Rome, al zou hij daar niet lang van genieten want hij stierf in hetzelfde jaar. Sinds deze opstand georganiseerd door de familie Pierleoni, bleef er tot de eenmaking van Italië in 1870 echter steeds een senator die het Romeinse volk vertegenwoordigde. Hier werd dus geschiedenis geschreven.

Maar even terug naar het Tibereiland. Veel eerder, toen de burcht van de Pierleoni op het eiland nog een eenvoudige vesting was, werd de toren (omstreeks 1087) bewoond door Mathilde van Toscane (1046-1115). Het gebouw werd in die tijd de Torre della Contessa genoemd omdat zij als bijnaam ‘la Grande Contessa’ had.

Mathilde was een dochter van Bonifatius III van Canossa (985-1052) en Beatrice van Lotharingen. Bonifatius, de markgraaf van Toscane, was in de elfde eeuw één van de meest invloedrijke figuren in Italië. Tot zijn bezittingen behoorden de hertogdommen Lucca, Spoleto en Camerino en de graafschappen Ferrara, Verona, Mantua, Reggio, Parma, Lucca, Pisa, Firenze, Pistoia, Modena en Canossa. Toen haar vader in 1052 overleed en drie jaar later ook zijn zoon Frederik plots stierf, werd Mathilde de enige erfgename.

De nieuwe markgravin kreeg al snel de bijnaam la Grande Contessa en heerste over een enorm gebied in Noord-Italië dat zich uitstrekte over Toscane, Emilia, Romagna en delen van Lombardije. Mathilde huwde omstreeks 1070 met Godfried III van Lotharingen, bijgenaamd Godfried met de bult. Ze kregen samen één kind dat al snel zou overlijden. Het huwelijk was geen groot succes. Godfried verbleef meestal in Lotharingen en Mathilde in Italië.

Mathilde bekleedde, in het begin samen met haar moeder Beatrice, een belangrijke positie in de hervormingen binnen de Katholieke Kerk. Ze steunde de hervormer Anselmus da Baggio die zich mede dankzij haar steun in 1061 kon laten verkiezen als paus Alexander II. Na het overlijden van deze paus waren Mathilde, haar echtgenoot en haar moeder in 1073 ook aanwezig bij de kroning van paus Gregorius VII.

Op het hoogtepunt van de investituurstrijd zou Mathilde paus Gregorius VII blijven steunen in zijn conflict met de Duitse koning Hendrik IV (1056-1106). Mathildes echtgenoot Godfried, inmiddels teruggekeerd naar Lotharingen, kwam tijdens dit conflict in het keizerlijke kamp terecht, terwijl Beatrice en Mathilde in Italië bleven en tot de pauselijke partij behoorden. Ondanks deze feitelijke scheiding werd hun huwelijk niet ontbonden.

Godfried zou echter in 1076 vermoord worden terwijl hij zich in de buurt van Antwerpen bevond. In hetzelfde jaar overleed ook haar moeder, wat van Mathilde de onbetwiste en machtige heerser van een aanzienlijk Italiaans territorium maakte. Hendrik IV, in 1076 door de paus geëxcommuniceerd, zou een jaar later op blote knieën voor de poorten van Canossa aan de paus vergiffenis vragen (dit was de zogenaamde ‘gang naar Canossa’), maar zou later wraak nemen door in 1083 het Vaticaan te plunderen.

Met de dood van de kinderloze Mathilde in 1115 kwam een einde aan het huis van Canossa. Haar eigendommen werden verdeeld tussen de paus en de keizer, waarbij het grootste gedeelte bij de pauselijke gebieden gevoegd werd. Na haar dood werd er geen nieuwe landheer meer benoemd, wat een impuls gaf aan het onafhankelijkheidsstreven van de Italiaanse steden. Mathilde kreeg voor haar steun aan de paus een groot grafmonument in de Sint Pietersbasiliek (begin rechterbeuk). Het beeld is gemaakt door Bernini.

Aan Mathilde van Toscane is nog een leuk verhaal verbonden. Zij ligt immers aan de basis van de legendarische stichting van de bekende Belgische abdij en tegenwoordig ook trappistenbrouwerij Orval. Mathilde was omstreeks 1076, niet lang na de moord op haar echtgenoot Godfried, aan het rusten bij de bron in het dal van Orval.

Terwijl zij met haar handen door het water gleed, verloor ze per ongeluk haar trouwring. De ring was een aandenken aan haar overleden echtgenoot en ze smeekte God wanhopig om hulp. Het duurde niet lang of er kwam een forel boven water met in zijn bek de kostbare ring. Mathilde riep toen uit ‘Dit is echt een gouden dal!’ (vallée d’or of in het Latijn aurea vallis betekent gouden dal en hiervan zou de naam Orval afgeleid zijn).

Mathilde besloot uit dankbaarheid op deze gezegende plaats een klooster te stichten. De bron heet vandaag nog steeds de Mathildebron. Volgens een plaatselijke legende zal elk jong meisje dat een geldstuk in de bron werpt binnen het jaar trouwen. Het verhaal leeft overigens ook vandaag nog altijd voort: de forel met de ring in de bek staat afgebeeld op het etiket van de flesjes, de glazen en reclamepanelen en het logo van het Orval Trappistenbier.

Nog even terug naar het Tibereiland in Rome. Ook paus Urbanus II (1088-1099), de voormalige hoofdprior van Cluny, de paus die de eerste kruisvaart afkondigde, heeft ooit in de Torre della Contessa een toevlucht gezocht tijdens zijn conflict met tegenpaus Clemens III (1080-1100).

Ten slotte nog iets leuks: wie goed kijkt ziet in het midden van de toren tussen twee ijzeren klemmen een marmeren, middeleeuws vrouwenhoofdje. De datering, de betekenis en de oorsprong ervan zijn onbekend. Omwille van dit hoofdje wordt de toren door de Romeinen ook weleens Torre della Pulzella (meisje) genoemd.

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Google photo

Je reageert onder je Google account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s

Deze site gebruikt Akismet om spam te bestrijden. Ontdek hoe de data van je reactie verwerkt wordt.