Relikwieën apostel Petrus ontdekt in de Chiesa Santa Maria in Cappella

Tijdens restauratiewerken in de Chiesa di Santa Maria in Cappella in Rome zijn onder het altaar van de kerk relikwieën ontdekt die volgens een inscriptie aan de apostel Petrus, de eerste paus dus, worden toegeschreven. De kerk, niet eens ver verwijderd van het historische centrum, werd in de late elfde eeuw gebouwd en bevindt zich in een afgelegen hoekje van Trastevere, vlakbij de Tiber. Toeristen komen er zelden of nooit.

De Santa Maria in Cappella verkeerde door eeuwenlange structurele problemen en slecht onderhoud door geldgebrek al vele jaren in slechte staat toen ze in 1982 wegens instortingsgevaar werd gesloten voor publiek. Ondanks de legendarisch trage Romeinse administratie werd een jaar later toch snel geld vrijgemaakt voor een grootschalige restauratie en dat karwei is nu, na 35 jaar, bijna afgerond. De kerk wordt binnenkort heropend. Dat de ontdekking van de relikwieën net nu wordt bekendgemaakt is wellicht geen toeval.

Naast de relikwieën van Petrus werden ook relikwieën van de pausen Cornelius (250-253), Callistus (217-222) en Felix (? – 274) en de christelijke martelaren Hippolytus, Anastasius, Melix en Marmenia aangetroffen. Een andere inscriptie maakt ook melding van een relikwie met een stuk stof van het kleed van Maria, maar dit kleinood werd tot dusver niet teruggevonden.

De ontdekking opent wel nieuwe discussies over de authenticiteit van het graf van Petrus onder de Sint-Pietersbasiliek. Paus Paulus VI stelde zich er persoonlijk voor garant dat de heilige daar werd begraven. Van het mogelijke verwerven van relikwieën wordt nergens melding gemaakt. In hoeverre de resten van Petrus nog intact zijn en of ze wel effectief in de Sint-Pietersbasiliek begraven liggen blijft wellicht eeuwig een raadsel. Wel konden onderzoekers intussen bewijzen dat de beenderen die destijds onder de basiliek werden aangetroffen, afkomstig zijn van een man uit de eerste eeuw na Christus.

Je vindt de Santa Maria in Cappella in het verlengde van de smalle Vicolo di Santa Maria in Cappella, aan de Via Pietro Peretti. Het is één van de kleinste kerkjes van Rome en ze werd officieel ingewijd op 25 maart 1090 door paus Urbanus II (1040-1099). Deze datum werd teruggevonden op een gedenksteen. In die tijd droeg de kerk de naam Santa Maria ad Pineam (bij de dennenboom). De oorsprong van die naam is onzeker.

De kleine middeleeuwse klokkentoren behoort tot de oudste van Rome. De kerk was tijdens de vijftiende eeuw verbonden aan een hospitium, gesticht door de schoonvader van Francesca Romana. In de zeventiende eeuw kwam deze eigendom in handen van Olimpia Pamphili, de naar verluidt nogal hebberige schoonzus van paus Innocentius X die naast de oude kerk een lusthof liet aanleggen.

Olimpia liet op haar beurt naast de Santa Maria in Cappella een hospitaal bouwen waarvan we de bescheiden ingang rechts op het voorpleintje van het kerkje zien. Erboven lezen we een verwijzing naar de Pamphili, ‘morbis chronicis curandis xenodochium ab auria Pamphylianum’.

Oorspronkelijk was het hospitaal bedoeld voor terminale patiënten (morbis chronicis). Tweehonderd jaar later lieten de nazaten van Olimpia er een tehuis voor behoeftige bejaarden inrichten dat nog altijd een vrij grote oude tuin omsluit. Deze tuin is gewoon te bezoeken. Met de aanwezige sinaasappel- en citroenbomen en de ouderwets aandoende struiken en planten is het vooral in de zomer een heerlijk pittoresk en vooral rustig plekje in Trastevere.

De Santa Maria in Cappella wordt na zijn ontstaan in de elfde eeuw nauwelijks vermeld in de geschiedenis. Wel wordt in 1113 melding gemaakt van de plaatsing van een altaar, hetzelfde waar nu de relikwieën werden ontdekt. Of deze menselijke resten bij die gelegenheid werden toegevoegd, waarom dat precies hier gebeurde en waarom een dergelijk zeer belangrijk relikwie in dit relatief onbeduidende kerkje terechtkwam, is niet geweten.

Ook staat vast dat al heel snel na de bouw van de kerk, in de twaalfde eeuw, de eerste stabiliteitsproblemen opdoken. De nabijheid van de Tiber was daar wellicht niet vreemd aan. Pas in 1797 gebeurde een eerste grote restauratie, een proces dat zich de daaropvolgende jaren en eeuwen voortdurend zou herhalen. Ook het huidige interieur van de kerk werd in de negentiende eeuw volledig gewijzigd en heringericht. Vrijwel niets is nog middeleeuws.

Advertenties

Eén reactie to “Relikwieën apostel Petrus ontdekt in de Chiesa Santa Maria in Cappella”

  1. Edwin Thoen Says:

    Beste,
    Ik raad U aan het boek van Francesco Carotta te lezen: “Was Jezus Caesar?” Dat boek werpt een heel ander licht op de godsdienstbeleving.

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s