Archief voor 3 januari 2018

Vastgoedprijs voor het Colosseum bedraagt amper 150 miljoen euro

Posted in Romenieuws on 3 januari 2018 by Eric

Het totale Italiaanse cultuurerfgoed is 219 miljard euro waard. Dat heeft de boekhoudkundige dienst van het Italiaanse ministerie van Economische Zaken vastgesteld.  Het cijfer lijkt enorm, maar dat is het niet. Concreet: als het Colosseum morgen zou worden verkocht, moet amper 151,5 miljoen euro op tafel worden gelegd. Dat is spotgoedkoop. De waarde is slechts driemaal hoger dan de opbrengst uit de jaarlijkse verkoop van toegangstickets. Verondersteld dat het monument te koop zou zijn, wil iedere normale zakenman het Colosseum wel kopen aan die prijs.

In 2016 bezochten 6,7 miljoen mensen het amfitheater in Rome, waarmee 39 miljoen euro in het laatje kwam. Het is dan ook niet verwonderlijk dat Tod’s, een Italiaans schoenenconcern, in 2011 een sponsorcontract tekende voor slechts 25 miljoen euro. Tod’s heeft nu vijftien jaar lang het recht op het gebruik van het beeldmerk van het Colosseum.

Het Louvre in Parijs, met 7,1 miljoen bezoekers en 63 miljoen euro aan entreegelden vergelijkbaar met het Romeinse monument, heeft voor 400 miljoen euro en voor een periode van dertig jaar het recht op het gebruik van zijn naam en beeldmerk toegekend aan Abu Dhabi. Dat is heel wat meer dan Rome uit de wacht sleepte bij Diego della Valle van Tod’s.

De Italiaanse overheid beschouwt het Uffizi-museum in Firenze, met topstukken van Michelangelo en Rafaël, als waardevoller dan het Colosseum. Het staat voor 1,9 miljard euro in de boeken. Het staatsarchief in dezelfde stad is niet minder dan 20 miljard euro waard. Archieven en bibliotheken worden hoger ingeschaald omdat de berekening is gemaakt op basis van onder meer boedelbeschrijvingen.

Het totale cultuurbezit van Italië, het land met het meeste cultuurgoed ter wereld, is goed voor 219 miljard euro. Hoe die waarde is om te zetten in economisch voordeel is de vraag. De nationale staatsschuld van Italië is nog altijd tien keer hoger dan alle amphitheaters, archeologische sites en staatsarchieven bij elkaar.

Maar dat de impact van de vele Romeinse monumenten en archeologische bezienswaardigheden schromelijk wordt onderschat is wel duidelijk. Men kan zich afvragen hoe wereldvreemd de ambtenaren van de betrokken ministeries kunnen zijn en waarom hun adviezen blindelings worden gevolgd door hun ministers. Rome verdient beter. Op erfgoed uit de Romeinse oudheid kan trouwens geen waarde worden gekleefd.