Archive for 10 juli 2018

Einde restauratie Casale di Santa Maria Nova wordt gevierd met tentoonstelling

10 juli 2018

De Casale di Santa Maria Nova, vlak naast de Villa dei Quintili aan de Via Appia Antica is gerestaureerd en dat wordt meteen gevierd met de gloednieuwe tentoonsteling Appia. Self portrait. Il mito dell’Appia nella fotografia d’autore, die vanaf nu tot 30 september 2018 te bezoeken is.

Het opknappen van de Casale di Santa Maria Nova verliep alles behalve vlot. Het begon met een speurtocht naar de eigenaar die in het buitenland woonde (naar verluidt een filmproducent) en die niet meer omkeek naar het inmiddels bijna bouwvallige eigendom. Na lange onderhandelingen kon het complex in 2006 door de Italiaanse overheid worden gekocht en begon een langdurige restauratie die in verschillende fasen verliep.

De restauratie heeft alle historische fasen van het complex duidelijk gemaakt. De oorspronkelijke kern van het complex werd gebouwd in de eerste helft van de tweede eeuw, vlakbij een reusachtige ondergrondse watercisterne. Deze watertank is ongeveer 45 m bij 6 m groot en archeologen zijn lange tijd bezig geweest met de verwijdering van tonnen puin en dierenkadavers waarmee de put was gevuld.

Archeologen hebben overigens pas vrij recent het enorme belang van deze watertank kunnen doorgronden. Opvallend is dat de top van de cisterne bedekt was met een mozaïekvloer die eeuwenlang verborgen bleef onder gras en landbouwgrond. Het gaat om een bijzonder staaltje van Romeinse engineering.

De ondergrondse tank is gebouwd met bakstenen die nog de merktekens dragen van de consuls uit 123 na Chr. (Petino en Aproniano). Daardoor is de ontstaansperiode van de cisterne precies te bepalen.Ook de arbeiders (slaven?) die de watertank vervaardigden lieten soms een inscriptie na in de bakstenen terwijl de verse klei nog aan het drogen was. De cisterne voorzag de nabijgelegen Villa dei Quintili van water.

Tijdens de regering van keizer Commodus fungeerde de tank als warmwaterreserve voor de thermen van de Praetroriaanse garde, de speciale militaire eenheid die bestond uit elitesoldaten die samen de keizerlijke lijfwacht vormden.Het water voor de thermen en de opslagfaciliteiten van de Villa dei Quintili werd geleverd door regenval en het Quintili-aquaduct. Het moest in de eerste plaats dienen voor de Thermen van Commodus, de dagelijkse watervoorziening van de bewoners van de villa en de bevloeiing van de omliggende boomgaarden.

In de late oudheid werd louter ter verdediging de toren van het gebouw opgetrokken. Vanaf de middeleeuwen werd de boerderij het hart van een uitgestrekt landbouwgebied. Tijdens de renaissance werd de voormelde watertank gebruikt als waterput door monniken die vlakbij de Santa Maria Nova verbleven. Waarschijnlijk hebben ze nooit geweten dat hun water afkomstig was uit een originele Romeinse cisterne.

De oude boerderij maakt deel uit van de eeuwenoude geschiedenis van de Via Appia Antica en het is dan ook geen toeval dat net hier een interessante tentoonstelling met 84 foto’s over de Via Appia door de eeuwen heen werd opgebouwd. Hetfotomateriaal komt uit historische archieven en uit de collectie van bekende hedendaagse fotografen. De getoonde foto’s, een mix van nostalgie en archeologie, zijn nog tot 30 september te bekijken in de Casale di Santa Maria Nova.

Je ziet geleerden met jas en hoed in groep wandeling langs de Via Appia, je maakt kennis met de boeren en schaapherders (die er vandaag nog altijd zijn) en bijzonder leuke beelden, zoals een fantastische Sophia Loren die tussen twee filmopnames door op de Via Appia zit te genieten van een picknick. Het gaat hier om de avonturenfilm Legend of the Lost uit 1957.

We zien ook het Romeinse platteland, zonder de fraaie parasoldennen. Die karakteristieke statige rij bomen die de Via Appia Antica vandaag zo’n majestueus uitzicht verlenen, werden hier pas geplant tussen 1909 en 1913 door Antonio Muñoz. De parasolden (pinus pinea) is een conifeer die oorspronkelijk uit het westelijke Middellandse Zeegebied komt en goed bestand is tegen de wind. Reeds in het oude Rome werd de boom aangeplant in kuststreken. De parasolden kan 25 tot 30 m hoog worden.

De zaden van de kegel zijn eetbaar en algemeen bekend onder de naam pijnboompit. Pijnboompitten zijn al sinds de Romeinse tijd een delicatesse. Ze worden rauw of geroosterd gegeten, gebruikt om gerechten een nootachtige smaak te geven en vormen één van de ingrediënten van pesto. Omstreeks 200 v. Chr. werden de zaden gebruikt om de spijsvertering te bevorderen, tegen verkoudheid, nierklachten en buikpijn.

In de nabije toekomst zullen de tickets voor de twee betaalde sites aan de Via Appia Antica (de Villa dei Quintili en de Tombe van Cecilia Metella) worden geïntegreerd in één nieuw ticket dat ook toegang geeft tot de Casale di Santa Maria Nova.

Er is nu ook al de La Mia Appia Card, die 10 euro kost en gedurende één jaar onbeperkt toegang geeft tot alle drie voormelde monumenten. In de gerestaureerde boerderij wordt ook een cafetaria ingericht, een welkom rustpunt na een lange wandeling op de Via Appia Antica.

Santa Maria Nova

Fototentoonstelling Appia Self-Portrait

Villa dei Quintili

(ook geldig voor de Tombe van Cecilia Metella, 2 opeenvolgende dagen)

Tomba di Cecilia Metella

(ook geldig voor de Villa dei Quintili, 2 opeenvolgende dagen)

La Mia Appia Card

(te koop op de toeristische infopunten, eerstdaags ook online beschikbaar)