Archive for 11 januari 2019

De basiliek van San Saba in Rome (II)

11 januari 2019

In deze laatste bijdrage van een driedelig minireeksje over de basiliek van San Saba (te vinden aan Piazza Gian Lorenzo Bernini 20, op de zogenaamde piccolo Aventino, de zuidoostelijke top van de Aventijnse heuvel), brengen we een bezoek aan het gebouw zelf. Lees hier de eerste en tweede bijdrage van dit verhaal.

Vóór de gevel van het gebouw staat een porticus uit dezelfde tijd als de kerk, maar de zuilen werden tijdens de achttiende eeuw door massieve pilaren vervangen. In 1463 heeft kardinaal Piccolomini, een neef van paus Pius II, boven deze zuilengalerij een gebouw met een loggia toegevoegd. Later werd de vloer van de loggia verlaagd en werden de vier oorspronkelijke ramen dichtgemetseld en vervangen door de huidige vijf openingen.

Omstreeks de tiende eeuw was de kloostergemeenschap van San Saba zo sterk teruggelopen dat ze werd vervangen door benedictijnen van de abdij van Montecassino. In 1144 werd de groep nog eens aangevuld, ditmaal door monniken van het Franse Cluny.

De prachtige hoofdingang werd in 1205 versierd door Giacomo di Cosma, dé vader van de zogenaamde ‘cosmaten’. Zijn hulp was ingeroepen door de monniken van Cluny. Dit blijkt uit een inscriptie boven de hoofdingang die meldt dat die decoratie werd aangebracht onder paus Innocentius III (1198-1216) en dit door de voornoemde Giacomo. De campanile of klokkentoren dateert uit de elfde eeuw maar de decoratie is grotendeels dertiende-eeuws.

Onder de portico bevindt zich een prachtige verzameling gebeeldhouwde stenen fragmenten waarvan sommige een oosters karakter hebben. Zo staat links in de hoek een eenvoudig gemaakt maar fraai paneel uit de achtste eeuw dat een ridder met een valk toont. Let ook op de bijzonder mooi uitgewerkte sarcofaag met onder andere Juno Pronuba. Naast de kerk ligt de vroegere kloosterhof.

Het oorspronkelijke grondplan van de basiliek bleef behouden, het heeft drie schepen en drie absiden omdat de kerk naar Grieks model werd gebouwd. De grote verscheidenheid in stijl van de veertien antieke zuilen (verschillende schachten, onderstukken en kapitelen) is karakteristiek voor bouwwerken uit de middeleeuwen toen uit geldgebrek en gemakzucht overal klassiek materiaal uit de vele resten van antieke Romeinse gebouwen en tempels werd geroofd. De resultaten van die graaitochten zie je vandaag nog steeds in vele Romeinse kerken en basilieken.

Heel bijzonder is het bestaan van een ‘vierde schip’ dat evenwijdig loopt aan de linkerbeuk. Waarschijnlijk vormde dit oorspronkelijk de verbinding tussen de kerk en het klooster van de oosterse monniken. De monniken van Cluny verplaatsten het klooster en sloten deze ‘gang’ aan de buitenkant af, zodat links een kort vierde schip ontstond.

Hier zien we zoals verteld in het eerste deel van deze minireeks de overblijfselen van fresco’s uit de dertiende eeuw betreffende de ons welbekende heilige Nicolaas van Myra, één der meest vereerde volksheiligen.

De hiervoor vermelde mozaïekwerker Giacomo Cosma ontwierp wellicht ook de prachtige (gerestaureerde) vloer van de kerk, alsook de Schola Cantorum uit 1235 waarvan een deel langs de wand van het rechterschip geplaatst werd. Ter vergelijking vermelden we hier even dat de Schola Cantorum van Santa Maria in Cosmedin dateert uit 1123, deze van de San Lorenzo uit 1254.

Intrigerend is het gebeeldhouwde kopje met ogen van zwartsteen op het fries boven het middelste zuiltje aan de rechterkant. De betekenis van het kopje en van de inscriptie erboven blijven een raadsel. Let ook op de spiraalzuilen die gesigneerd werden door ‘Magister Bassallectus’, behorende tot de familie der Vassalletto die samen met de Cosma-familie gekend zijn als de ‘cosmaten’ die tijdens de twaalfde en dertiende eeuw in Rome ‘cosmatenwerk’ uitvoerden. Ook in de kloostertuin van de Sint-Paulus buiten de Muren bevindt zich werk van deze familie.

In de middelste abside staat het prachtige, door antieke zuilen gedragen ciborium. Oorspronkelijk was de absis met mozaïeken versierd, maar in de tijd van de contrareformatie tijdens de zestiende eeuw liet paus Gregorius III ze vervangen door matig uitgevoerde en vandaag in historisch opzicht vrijwel waardeloze fresco’s die in het beste geval misschien de vroegere decoratie proberen te imiteren.

Daaronder bleef gelukkig wel de fraaie overgerestaureerde schildering uit de veertiende eeuw gespaard (net boven de bisschopstroon). Bovenaan de triomfboog bevindt zich een verrukkelijke ‘Annunciatie’ uit de veertiende eeuw, geschilderd in opdracht van de reeds vermelde kardinaal Piccolomini. Boven de bisschopszetel bevindt zich een mooie marmeren cosmatenschijf. Trappen leiden naar een negende-eeuwse crypte in traditionele ringvorm.