Een bezoek aan Villa Blanc

Het park en de gebouwen van Villa Blanc aan de Via Nomentana 216 huisvesten vandaag een afdeling van de privé-universiteit LUISS Business School. We hadden de gelegenheid de campus met de vorig jaar schitterend gerestaureerde villa en de mooie tuinen te bezoeken onder leiding van een alumnus van de universiteit.

De villa werd tussen 1895 en 1898 gebouwd door Giacomo Boni als residentie in de hoofdstad voor de Turijnse baron Alberto Blanc na zijn aanstelling als minister van Buitenlandse Zaken. Van de oorspronkelijke villa is weinig ongeschonden bewaard gebleven, het huidige gebouw is het resultaat van een grondige restauratie en verbouwing door de Università LUISS.

De villa is in eclectische stijl, en is daarmee een zeldzaam voorbeeld van een harmonieus samengaan van verschillende elementen en stijlen uit diverse periodes en culturen. Zo vertoont de schouw in de Sala del Camino vijftiende-eeuwse invloeden, de loggia met kariatiden neo-classisistische elementen en versieringen in liberty-stijl, en is de toren neogotisch.

Hierbij werden uiteenlopende materialen gebruikt, gaande van hout, ijzer, gietijzer, leder, cement, travertijn, graniet en marmer tot keramiek. De (letterlijk schitterende wintertuin is opgetrokken uit glas en staal en heeft een midden-oosters geînspireerd plafond.

De bouw van de villa kende een bewogen geschiedenis. Markies Lorenzo Lezzani, die straten aanlegde voor de Pauselijke Staat, kocht in 1848 een terrein met een wijngaard; hij liet er een lustpaviljoen met tien kamers optrekken. In 1893 werd het landgoed voor 75.000 lire verkocht aan baron Alberto Blanc.

De bouw van de residentie werd voltooid in 1898, maar lang kan baron Blanc niet van zijn villa genieten, want in 1904 sterft hij. Na de dood van de baron gaat de villa over naar de erfgenamen, zijn echtgenote Natalia en hun vier kinderen. Die laten in het park vijf gebouwtjes neerzetten, waaronder het paviljoen aan de ingang, dat later het atelier wordt van de beeldhouwer Pietro De Laurentis.

Na amper twintig jaar, tegen het einde van de jaren ’20 van de vorige eeuw, begint de neergang van de villa. Een deel van de oorspronkelijke inrichting van het park als Engelse tuin (met o.a. een namaakruïne) en een aantal van de magnifieke palmen, ceders, cica’s en bananenplanten zouden het verval echter overleven.

In 1950 worden de residentie en het park aangekocht voor 180 miljoen lire door de Società Generale Immobiliare. De hele inrichting van de villa, het meubilair, … alles wordt bij opbod verkocht. Dan komt de beruchte Michele Sindona (*) in beeld, een Italiaanse advocaat, bankier en crimineel. In een extra stukje onderaan deze nieuwsbrief lees je meer over deze maffiose figuur.

Michele Sindona was eigenaar geworden van de Generale Immobiliare. Hij wilde in 1972 de terreinen en gebouwen van Villa Blanc verkopen aan de Duitse ambassade voor 15,5 miljoen Duitse mark, maar met de clausule dat de bouwvoorschriften teniet worden gedaan. Hier stak de stad Rome echter een stokje voor door het hele terrein te bestemmen als publiek park. De verkoopproducere werd dus stopgezet, de Generale Immobiliare ging falliet en het domein kwam in handen van de vereffenaar.

In 1992 werd andermaal een verkoopcontract opgesteld voor het park en de villa ter waarde van 23 miljard lire. Ditmaal is het Ministero per i beni culturali e ambientali de spelbreker van dienst. Het Ministerie wil van de eigendom een club voor medewerkers van Defensie maken.

De verkoop, nu al voor de som van 28 miljard lire, ging echter andermaal niet door. Er werd een onderzoek ingesteld waarom de villa op enkele maanden tijd plots 5 miljard lire duurder is geworden. Minister van Cultuur Alberto Ronchey en zijn algemeen directeur Francesco Sisinni worden vervolgens beschuldigd van verduistering.

Maar de onderzoeksprocedure bleek vol gaten te zitten en het Hooggerechtshof werd op zijn beurt gedwongen om een procedure tegen de betrokken rechter en de officier van justitie te starten. Op 3 november 1994 werden zowel de minister als zijn directeur door de rechtbank vrijgesproken en van alle blaam gezuiverd.

Op een openbare verkoop in 1997 verwierf uiteindelijk de Università LUISS het park en de gebouwen voor de som van 6,3 miljard lire. De terreinen bleven echter bestemd als publiek park, wat bij de nieuwe eigenaars in dovemansoren valt. Ondertussen waren het gebouw en het park verder in verval geraakt. Wat overbleef van de oorspronkelijke villa was leeggeroofd, door vandalen beschadigd, gedeeltelijk ingestort en gebruikt als onderkomen voor landlopers.

De Università LUISS begon uiteindelijk met conservatiewerken en restauratiewerkzaamheden, het verwilderde park werd aangepakt en de inmiddels behoorlijk vervallen villa werd opgeknapt. De restaurateurs hebben prachtig werk geleverd en de oorspronkelijke schoonheid van het pand opnieuw tevoorschijn gebracht zoals die destijds in volle glorie te zien was.

Er waren twintig jaar en 25 miljoen euro nodig om de Villa Blanc en het park haar huidige aanzien te geven. De restauratie werd vorig jaar afgerond. Het resultaat is een prachtige universiteitscampus in een oase van groen, een uniek gebouw dat harmonie en discrete verfijning uitstraalt, luxueuze leslokalen, een fraaie ‘eetzaal’ en een ronduit schitterende wintertuin.

Een deel van het oorspronkelijke park is ingericht als speelplein en is vrij toegankelijk via de ingang aan Piazza Giovanni Winckelmann. Het kinderpark is uitgerust met speeltuigen en de tuin zelf bevat meer dan tweehonderd bomen en 40.000 planten en bloemen.

Als je naar de ingang van de villa gaat aan de Via Nomentana 216, zie je op een zijmiddenberm van de weg en vlak bij de omheining van het park een cilindervormig gebouwtje. Het gaat om de helft van een Romeins mausoleum uit de eerste/tweede eeuw na Christus, dat in 1875 langs de Via Flaminia werd ontdekt.

Baron Blanc kocht één van de twee ronde constructies om zijn park te verfraaien, de andere bleef ter plaatse. Het grafmonument stond toen immers nog binnen zijn terrein, nu ligt het er net buiten.

Het park was oorspronkelijk veel groter, maar door onteigeningen voor verkavelingen en een verbreding van de Via Nomentana werd in de jaren ’50 en ’60 van vorige eeuw de oppervlakte van de tuinen van 47.000 m² teruggebracht tot 39.000 m².

De hoofdvilla is in principe niet te bezoeken, maar er zijn nu en dan opendeurdagen (hou hiervoor de website van de school in de gaten) en bepaalde ruimtes worden nu en dan gebruikt voor stedelijke culturele activiteiten zoals lezingen of kamerconcerten.

Het park van de villa is elke dag open voor publiek:
Van 1 oktober tot 31 maart van 7.30 uur tot 19 uur
van 1 april tot 30 september van 7 uur tot 20 uur

Villa Blanc (LUISS Business School)
Via Nomentana 216, Rome
(ingang park via Piazza Giovanni Winckelmann)

https://businessschool.luiss.it/

Dit was een bijdrage van
clublid ANN DE LATTER

—————————-
(*)

WIE WAS MICHELE SINDONA?

Tijdens Wereldoorlog II was Michele Sindona de verbindingsman tussen de Siciliaanse maffia en de geallieerden. Die hadden de maffia nodig om de Amerikaanse invasie in Sicilië te doen slagen. Na de oorlog leverde dat Sindona een vruchtbare samenwerking met de Amerikaanse maffia op.

Op 12 oktober 1957 was Sindona in de salons van het Hotel del Palmes in Palermo aanwezig bij een samenkomst van de belangrijkste hoofden van de Amerikaanse en de Siciliaanse Cosa Nostra. Onder de aanwezigen waren Joe Bananas, Joseph Palermo, John Di Bellis van de familie Genovese, Vito Vitale, Genco Russo en Lucky Luciano.

Op dat maffiacongres werd toen de strategie voor de internationale drugs- en wapenhandel opgesteld. Op die samenkomst werd ook de liquidatie bevolen van Albert Anastasia, de baas van de Gambino’s, één van de vijf machtigste New Yorkse maffia-families. Tien dagen later werd Anastasia in New York vermoord.

Begin 1959 kochten Michele Sindona, het Istituto per le Opere Religiose (IOR, de bank van het Vaticaan) en de Continental Illinois Bank (de grootste bank in de Verenigde Staten) de Banca Privata Finanziaria. Het imperium van Sindona bestuurde vanaf toen een groot aantal banken en financiële instellingen.

In 1968 ging Sindona zaken doen met Roberto Calvi, de directeur van de Banco Ambrosiano. Op 15 april 1973 omschreef de Italiaanse premier Giulio Andreotti tijdens een bezoek aan New York Michele Sindona als ‘Salvatore della Lira’ (Redder van de Lire). In januari 1974 werd Sindona door de Amerikaanse ambassadeur in Rome gelauwerd als ‘Man van het Jaar’.

Maar slechts enkele maanden later ging in de V S de Franklin Bank failliet, waarop de Amerikaanse regering Sindona beschuldigde van bankbreuk. Dit betekende het begin van de instorting van zijn kaartenhuis aan financiële instellingen in Europa en in Amerika.

In de crash was ook het Istituto delle Opere Religiose betrokken. Sindona moest de VS ontvluchten. Met hem verdween ook een lijst van 500 Italianen die via zijn banken clandestien enorme bedragen naar het buitenland hadden laten verdwijnen.

Op 24 oktober 1974 vaardigde de Italiaanse magistratuur een opsporingsbevel uit tegen Sindona wegens bedrieglijke bankbreuk. De rechters bevestigden dat hij fungeerde als witwasser van geld van de belangrijkste exponenten van Cosa Nostra, waaronder Stefano Bontade, Salvatore Inzerillo en John Gambino. Hij investeerde hun geld in beleggingsinstellingen, onroerend goed en hotels in Florida en op Aruba.

Deze banden werden door Giorgio Ambrosoli ontdekt. De rechtbank van Milaan veroordeelde Sindona op 27 juni 1976 tot 3,5 jaar gevangenisstraf wegens overtreding van de bankwetten. Op 28 september werd hij gearresteerd in de VS, maar kwam meteen weer vrij na betaling van een borgsom van drie miljoen dollar. Op 12 juli 1979 werd Ambrosoli vermoord door de Amerikaanse huurmoordenaar William Joseph Aricò.

Tijdens die periode, van 1974 tot 1979, stond Sindona in nauw contact met Licio Gelli en de geheime vrijmetselaarsloge P2, waarvan 963 broeders lid bleken te zijn. Onder hen agenten van de geheime diensten, politici, beleggers, bankiers, hoge ambtenaren en personen uit de showbusiness.

Opmerkelijk was dat de meesten van hen uitgesproken katholiek waren, en dat het Vaticaan een paar weken eerder nog een persbericht had uitgegeven waarin verwezen werd naar het canoniek recht, volgens welke regels mensen op straffe van excommunicatie geen lid mogen zijn van de vrijmetselarij.

In het kielzog van Sindona’s arrestatie ging de Banco Ambrosiano met president Roberto Calvi (foto boven) ten onder. In juni 1982 werd Calvi’s lichaam aangetroffen in Londen, hangend onder de Blackfriars Bridge. Op diezelfde dag viel Calvi’s secretaresse, Graziella Corracher, uit een raam van de bank in Milaan. Calvi’s geheimzinnige en verdachte dood is vandaag nog steeds een bron voor vele complottheorieën.

Bij de loge P2 leek alles samen te komen: de bomaanslag op de Piazza Fontana, de olieschandalen, de intriges van de geheime diensten, de banden tussen Licio Gelli, Michele Sindona, Roberto Calvi, de internationale financiële wereld, de maffia, de CIA en plegers van staatsgrepen in Argentinië en Italië. Ook kwamen de banden tussen de Vaticaanse bank Istituto per le Opere Religiose onder leiding van aartsbisschop Paul Marcinkus, de maffia en de loge P2 aan het licht.

Het doek viel definitief voor Sindona op 13 juni 1980 toen de Amerikaanse rechter Sindona tot 25 jaar veroordeelde wegens het faillissement van de Franklin Bank. Op 12 juli werd hij ook in staat van beschuldiging gesteld voor de moord op Ambrosoli. Op 25 maart 1984 gingen de VS akkoord met de uitlevering van Sindona aan Italië waar hij terecht moest staan voor de bankbreuk van de Banca Privata.

Op 25 september werd hij overgebracht naar de Regina Coeligevangenis in Rome. Na de Italiaanse rechtszaak werd Sindona op 19 maart 1986 veroordeeld tot een levenslange gevangenisstraf. Nadat hij enkele interviews gegeven had waarin hij dreigde zijn banden met de maffia prijs te geven, stierf Sindona in de zwaar beveiligde gevangenis van Voghera na het drinken van een espresso. Die bevatte meer cyanide dan koffie.

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Google photo

Je reageert onder je Google account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s

Deze site gebruikt Akismet om spam te bestrijden. Ontdek hoe de data van je reactie verwerkt wordt.