Archive for 5 mei 2020

Brussels Airport houdt rekening met half jaar sluiting

5 mei 2020

Brussels Airport werkte twee scenario’s uit voor de heropstart van de nationale luchthaven in Zaventem. Eén ervan is een rampscenario waarbij de nationale luchthaven nog zes maanden, dus tot midden september, dicht blijft. Dat schrijft de krant De Tijd.

In een eerste scenario zou de luchthaven drie maanden na de start van de Belgische lockdown, omstreeks 15 juni, kunnen openen. In juli zouden de activiteiten op de luchthaven dan stilaan op gang kunnen komen.

Maar in een tweede en pessimistischer scenario, houdt het luchthavenbestuur ook een plan B achter de hand, waarbij de nationale luchthaven tot september grotendeels dicht blijft. Dat zou betekenen dat Brussels Airport het cruciale zomerseizoen misloopt en een half jaar zonder inkomsten van luchtvaartmaatschappijen en passagiers zit.

De volledige luchtvaartsector kampt als gevolg van de viruscrisis met zware financiële problemen.

Biografie over emeritus paus Benedictus XVI verschenen

5 mei 2020

Vandaag is in Duitsland en enkele andere landen de langverwachte biografie over emeritus paus Benedictus XVI van de Duitse journalist Peter Seewald in verschillende talen verschenen. De Nederlandse vertaling wordt verwacht op 17 november. De nieuwe pausbiografie is een kanjer van 1.184 pagina’s en wordt uitgegeven door Droemer Knaur uit München.

In zijn nieuwe boek beschrijft de auteur het leven van de 93-jarige kardinaal Joseph Ratzinger met empathie en beschermt hij hem ook tegen kritiek. Er is een passage met oude en nieuwe argumenten voor zijn vervroegde aftreden in 2013 en ook de manier waarop hij de spirituele rol van emeritus paus tracht in te vullen komt aan bod. Soms klinkt in de uitspraken van de kerkleider bitterheid door over de manier waarop zijn uitspraken destijds werden onthaald.

Seewald beschrijft hoe de Duitse paus en zijn entourage de stap van het aftreden – voor het eerst in meer dan 600 jaar – minutieus hebben voorbereid en hoe zij erin geslaagd zijn om die revolutionaire beslissing maandenlang geheim te houden. Niet gemakkelijk in het Vaticaan.

Ratzinger benadrukt in de biografie dat de publicatie van de documenten van Vatileaks geen enkele rol heeft gespeeld in zijn beslissing om terug te treden. Anderzijds heeft het uitbarsten en de omvang van de seksuele misbruikcrisis wel degelijk een (erg) belangrijke rol gespeeld.

Benedictus XVI getuigt dat hij zich op het einde van zijn ambtstermijn had gerealiseerd dat, naast mogelijke dementie, ook andere vormen van ontoereikende bekwaamheid het onmogelijk zouden kunnen maken om zijn ambt nog langer behoorlijk uit te oefenen.

Hij bevestigt ook dat er, net als bij zijn voorgangers Paulus VI en Johannes Paulus II, een brief met een ondertekend, voorwaardelijk ontslag klaar lag, indien een ziekte het hem onmogelijk zou maken om zijn taak naar behoren te vervullen.

In de biografie verwerpt Benedictus XVI nadrukkelijk de kritiek op zijn rol als emeritus paus. Hij onderstreept dat het voor bisschoppen gebruikelijk is dat zij op bepaalde leeftijd hun emeritaat aanvragen. Hij zegt ook expliciet dat hij de juridische constructie voor het emeritus-pausschap heeft gecreëerd, zodat elke indruk vermeden wordt dat er twee pausen naast elkaar in functie zijn.

Ratzinger vergelijkt de huidige situatie met die van een oude boer in Beieren, die de boerderij heeft overgedragen aan zijn zoon, zelf in een bijgebouwtje woont en zijn vaderlijke rechten heeft opgegeven. De beschuldiging dat hij zich na zijn emeritaat nog in publieke debatten mengt, bestempelt hij als een kwaadaardige vervorming van de werkelijkheid en een poging om hem volledig het zwijgen op te leggen.

Tot slot spreekt hij nog zijn dank uit voor de belangstelling van zijn opvolger. Sinds hun eerste ontmoeting na zijn verkiezing in 2013 is een persoonlijke vriendschap ontstaan die sindsdien niet alleen is gebleven, maar ook gegroeid. (Bron: I.Media/KNA/KerkNet).

Een bezoek aan de San Giovanni Battista dei Genovesi

5 mei 2020

Achter een lange muur in de Via Anicia 12 in Trastevere ligt één van de meest bevallige tuinen en kloostergangen van Rome. Uitzonderlijk kregen we tijdens een bezoek ook toegang tot de bovenverdiepingen, het archief, het oratorium en de kerk van San Giovanni Battista dei Genovesi.

Volgens kunstcriticus Giorgio Vasari (1511-1574) werden het klooster en het hospitaal, opgetrokken in 1482, een werk van de Florentijnse architect Baccio Pontelli (1450-1492), die we onder meer kennen als de ontwerper van de Sixtijnse Kapel.

Als architect in Rome nam hij deel aan de stadsvernieuwing van paus Sixtus IV (1471-1484). Naast de kapel in het Vaticaan behoren tot zijn bekendse projecten in Rome onder meer de Ponte Sisto, het ziekenhuis van Santo Spirito in Sassia, de Sant’Agostino, de gevel van de Santa Maria del Popolo, de San Pietro in Vincoli en de Santi Apostoli.

In het midden van de fraaie binnentuin, tussen de acanthussen, de bittere appelsienen, de palmen en de mirtestruiken, staat een vijftiende-eeuwse waterput geflankeerd door twee zuilen. De oude put gaat (in het juiste seizoen!) bijna schuil onder een waterval van jasmijn.

Rondom rusten de dubbele loggia’s op statige, achthoekige zuilen. Op de vijfde zuil rechts vanaf de ingang te tellen, herinnert een Latijnse inscriptie eraan dat Antonio van Savona hier in 1588 de eerste palmboom in Rome heeft geplant.

Het hospitaal werd gesticht door de Genuese prelaat met de opvallende naam Meliaduce Cicala. Nadat hij eerst in Genua had gewerkt, verhuisde deze telg uit een adellijke familie definitief naar Rome als ambassadeur van Genua.

Toen Sixtus IV (1471-1484), eveneens afkomstig uit Ligurië, tot paus werd verkozen, verging het Meliaduce Cicala voor de wind. In Rome verdiende hij een fortuin met de invoer van aluin uit Tolfa en Civitavecchia en met bankverrichtingen. Hij werd namelijk aangesteld als schatbewaarder van de apostolische fiscus, wat hem een niet onaardig inkomen opleverde.

Bij zijn dood in 1481 liet hij al zijn bezittingen (huizen, kastelen, een landgoed) na aan de Apostolische Kamer, maar met de verplichting in de buurt van de haven van Ripa Grande een hospitaal te bouwen voor zieke en behoeftige matrozen. Naast het klooster werd ook een kerk gebouwd, gewijd aan Johannes de Doper.

Alhoewel het hospitaal werd gesticht om matrozen van diverse nationaliteiten op te vangen, besloot paus Innocentius VIII (1484-1492), ook al geboren in Genua, Ligurië, in 1489 dat alleen zeelui uit Genua van deze voorzieningen konden gebruik maken. In de praktijk was men echter niet zo strikt in de leer.

Wie assistentie nodig had kon zich aanbieden en werd na onderzoek in de ziekenboeg opgenomen. De patiënten werden voorzien van een bed, een ruwe blauwe tenue, linnen, medicijnen en het bezoek van een arts tweemaal per dag. Wie zijn verblijf overleefde, kreeg zijn bezittingen terug, van wie het loodje legde verviel het bezit aan het hospitaal.

We weten dat onder de geneesheren die zich bekommerden om de patiënten, ook de persoonlijke arts van paus Innocentius VIII en die van Christina van Zweden werkzaam waren in het hospitaal.

Als gevolg van slecht beheer en de schade opgelopen tijdens de plundering van Rome in 1527 door de troepen van keizer Karel, braken moeilijke tijden aan voor de stichting. In 1550 zag het hospitaal zich genoodzaakt de deuren te sluiten.

De redding kwam in 1553, toen door paus Julius III (1550-1555) de Confraternita di San Giovanni Battista dei Genovesi werd opgericht, de Broederschap van Johannes de Doper. De Republiek Genua verleende aan deze broederschap het recht om de Genuese schepen die aanlegden aan Ripa Grande een taks op te leggen.

Maar om aan deze heffing te ontsnappen, gebeurde het dat Genuese schepen hun vlag net vóór het binnenvaren van de haven vervingen door die van een andere natie. Vernuftig bedrog, ware het niet dat hun Genuese accent hen verraadde…. De broederschap hield bovendien nog een troef achter de hand: geen enkele zieke werd in het hospitaal verzorgd zolang de kapitein de taks niet had voldaan.

In de zestiende en zeventiende eeuw ging het de stichting voor de wind, ze kon zelfs uitbreiden tot 160 bedden. In 1576 verleende paus Gregorius XIII (1572–1585) de broederschap het recht een Genuese terdoodveroordeelde vrij te laten op 24 juni, de feestdag van Johannes de Doper. Later werd dit privilege uitgebreid naar terdoodveroordeelden van alle naties. De veroordeelde kreeg zijn vrijheid terug in een plechtige ceremonie en na een processie door de straten van de stad.

Eveneens in 1576 werden de statuten van de broederschap opgesteld. Daarin werd onder meer gestipuleerd wie lid kon worden en welke verplichtingen het lidmaatschap meebracht. Zowel mannen als vrouwen uit Genua die in Rome verbleven konden een aanvraag indienen. Op de dag van de toetreding droegen de kandidaat-broeders de typerende witte pij met kap.

Wie vandaag wil toetreden tot de broederschap moet uit de vroegere Republiek van Genua afkomstig zijn of afstammen van Genuezen tot in de derde generatie. Ook nu nog zorgt de broederschap nog altijd voor materiële bijstand aan behoeftige Genuezen in Rome en voor psychologische bijstand aan jongeren uit de buurt.

De kerk werd in de loop der eeuwen vele malen gerestaureerd, in haar huidige vorm dateert ze grotendeels uit de negentiende eeuw en de twintigste eeuw, de laatste restauratie gebeurde in het jaar 2000.

Het grafmonument van stichter Meliaduce Cicala, dat wordt toegeschreven aan het atelier van Andrea Bregno, is één van de weinige authentieke elementen in de kerk.

Zoals in vele kloosters in Rome werden ook hier tijdens de Tweede Wereldoorlog Joden verborgen. Op de bovenverdieping van het klooster zagen we achter panelen onder het dak de kleine ruimtes waar Joden het einde van de oorlog afwachtten.

Chiesa San Giovanni Battista dei Genovesi

Chiostro della Confraternita di San Giovanni Battista dei Genovesi

Via Anicia 12, Trastevere, Rome

+39 06 581 24 16
confraternita.sgbg@virgilio.it

www.confraternita-sgbg.it

Met dank aan clublid
ANN DE LATTER
voor deze bijdrage