Manuscript Mysteries II – Feestelijke Festus

Zonder de middeleeuwse handschriften zouden we maar bitter weinig van de klassieke Romeinse schrijvers weten. In de Koninklijke Bibliotheek van België (KBR) wordt een schat aan minder bekende handschriften bewaard. En ieder handschrift vertelt een eigen verhaal, een verhaal dat soms tot Rome reikt. Vandaag de tweede aflevering in de reeks Manuscript Mysteries: Het Festushandschriftje van Anselmus Adorno oftewel Feestelijke Festus.

Ook deze reeks, waarvan je nu en dan een aflevering te lezen zal krijgen, wordt verzorgd door dr. Michiel Verweij van de Koninklijke Bibliotheek van België. Dit is de tweede bijdrage in deze reeks waarin Rome nooit ver weg is. De eerste aflevering kan je hier nalezen.

* * * * *

‘Als dat uit de dertiende eeuw stamt, dan ben ik een olifant,’ dacht de Grote Speurder. Hij voelde aan zijn neus. ‘Naso,’ dacht hij, ‘dat doet me weer aan iets anders denken. Maar in ieder geval ben ik geen olifant.’ En hij besloot triomfantelijk, doch niet helemaal volgens de wetten der logica: ‘En dus stamt dit niet uit de dertiende eeuw!’

festus(5)

Van Festus is nagenoeg niets bekend. Zelfs zijn naam staat niet vast. Het kan zijn dat hij Festus heette, maar ook Rufus Festus, Rufius Festus, Sextus Rufius circuleren. Het enige dat we echt van hem weten is dat hij de auteur is van een samenvatting van de Romeinse geschiedenis, Breviarium rerum gestarum populi Romani die rond 372 geschreven moet zijn toen keizer Valens oorlog voerde tegen de Perzen. Want dat hebben wij westerlingen altijd gedaan: oorlog voeren tegen de Perzen. De Grieken zijn er al mee begonnen en Trump gaat er lustig mee door.

Er zijn verschillende handschriften uit de middeleeuwen bewaard, maar echt populair werd het werk pas in het Italië van de vijftiende eeuw, de tijd van het Humanisme en de Renaissance. U kunt het hele werk in minder dan een uur uitlezen, zelfs in het Latijn. Het is echt een beknopte samenvatting zonder dat dat een pleonasme is.

Als filologen een klassieke tekst uitgeven, baseren ze zich daarvoor op de handschriften. Ze gaan na welke fouten of varianten er in de verschillende handschriften te vinden zijn en proberen ze zo te klasseren om te zien welke handschriften echt belangrijk zijn en welke niet.

Deze fouten en varianten, dus eigenlijk: de lezingen in andere handschriften dan de tekst die gevolgd wordt, worden de lezer/gebruiker aangeboden in een ‘kritisch apparaat’ onder aan de pagina. De meeste latere handschriften gelden als minder belangrijk omdat ze kopieën zijn van een traditie die we uit andere codices kennen.

festus(7)

So far, so good. Maar soms werkt dit niet. Soms? Correctie: meestal werkt dit niet zo mooi als het hier staat. Dan blijken er handschriften te zijn met een aantal lezingen uit tak A en een aantal varianten uit tak B. Daar kunnen de classici eigenlijk geen kant mee uit.

Maar aangezien classici niet voor één gat te vangen zijn, hebben ze daar natuurlijk iets op gevonden: de interpolatie of (vooral) de contaminatie. Handschriften met lezingen uit verschillende takken worden gezien als ‘besmet’ door verschillende overleveringen.

Het enige probleem is dat niemand ooit echt heeft gezien hoe een contaminatie plaats vindt. Het is als met mollen in de tuin: je ziet wel de hoop, maar niet het beestje. Kortom: als classici de stand van lezingen niet kunnen verklaren, is er sprake van een contaminatie. Wat het heiligdom voor de archeologen is, is de contaminatie voor de filologen…

Hetzelfde geldt ook voor Festus. Er zijn duidelijk twee grote groepen handschriften te onderscheiden. En een reeks codices met gemengde lezingen uit de twee takken, dus gecontamineerd.

In moderne wetenschappelijke edities van Festus wordt geput uit de twee verschillende takken én er wordt als voorbeeld één gecontamineerd handschrift gebruikt, het Brusselse ms. 4659. Daarbij verzekeren de verschillende uitgevers met hun hand op het hart dat het een handschrift uit de dertiende eeuw betreft en dat dit volume daarmee het oudste contaminatie-handschrift voor deze tekst is.

Toen hij dat gelezen had, dacht de Grote Speurder ‘Dat moet ik zien!’. Hij sloop het magazijn in, voorzichtig om zich heen spiedend of er geen monsters waren, want men weet nooit op zo’n plaats, en zocht alle gaten en hoeken af. Uiteindelijk vond hij het. Hij nam het vederlichte boekje in zijn hand en dacht: ‘Wat een prutsding!’

Inderdaad, het eerste wat opvalt als men ms. 4659 ziet, is dat het ding ongelooflijk klein is. Om enkele cijfers te geven: het handschrift meet 11,4 x 7,7 cm, bevat (iii) + 80 + (iii) folia van perkament, die beschreven zijn met steeds 10 regels op één kolom op een bladspiegel van 6,3 x 4 cm, terwijl de letters een hoogte hebben van ca. 3 mm.

festus(4)

Concreet betekent dat dat er relatief weinig tekst op één pagina staat en dat het handschrift een marge heeft waarop je kunt fietsen. Al moet ik daar aan toevoegen dat een Leuvense fietser meestal maar zeer weinig plaats nodig heeft om overal voor door en tussen te glippen (zegt een verstokte voetganger). Ook de grote van de letter duidt, samen met de relatief kleine bladspiegel, maar op één ding: dit is eigenlijk een luxe-exemplaar. Klein maar fijn.

Dat wordt bevestigd door de talrijke rode initialen met kleine decoratie en vooral door de gehistorieerde initiaal en de randversiering op f. 1r. In deze versiering bevindt zich o.m. een engel, wat bladwerk en het wapen van de Brugse familie van Genuese afkomst Adorno dat getekend is op een typisch Italiaanse schildvorm.

De vorm van het bladwerk doet ook eerder Italiaans aan en lijkt in ieder geval niet op wat men in onze streken voortbracht. Het schrift is nog gotisch, maar heeft al een inslag van de humanistische minuskel.

Net zo min als er leven is op de maan, vindt men deze karaktertrekken terug in handschriften uit de dertiende eeuw. Er zijn zeker kleine handschriften uit de dertiende eeuw bekend, maar daar krioelt het van de tekst met kleine lettertjes, nauwelijks versiering, smalle marge (voorbeeld: ms. 5614-16 in Brussel).

Een enkel luxehandschrift, zoals het psalterium van graaf Gwijde van Vlaanderen (ms. 10607 in Brussel), ziet er heel anders uit dan het Festusvolume. Ook daar is de marge smaller en is het lettertype kleiner dan in ms. 4659, terwijl het luxekarakter met name tot uiting komt in de versiering die overigens van een heel ander type is dan in het Festushandschriftje.

De decoratie in het laatste is gewoon anders dan in de dertiende eeuw gebruikelijk was. Anders gezegd: niemand met enige kennis van zaken zou ms. 4659 in de dertiende eeuw plaatsen. Wie dat toch doet, bewijst ofwel dat hij/zij het nooit in handen gehad heeft ofwel dat hij/zij niets van handschriften weet.

festus(1)

Kortom: dit handschrift komt niet uit de dertiende eeuw. Het heeft in feite alle kenmerken van een Italiaans handschrift uit de tweede helft van de vijftiende eeuw. En dan wordt het interessant. Het wapen in de margeversiering op f. 1r suggereert dat het gemaakt is voor een lid van de familie Adorno (en versiering en schrift stammen uit dezelfde tijd in dit geval).

Op het schutblad bevindt zich de naam van een vroegere eigenaar, nl. Anselmus Adorno. Deze rijke koopman werd in Brugge geboren in 1424 en werd in 1483 vermoord tijdens een diplomatieke missie in Schotland die hij aldaar voor het Bourgondische huis ondernam.

Hij leeft in Brugge met name voort als degene die de Jeruzalemkerk heeft afgebouwd, een kerk die nog steeds privékerk van de afstammelingen en erfgenamen van de Adorno’s is.

Een zoon van Anselmus, Jan, schonk per testament zijn bibliotheek(je) aan deze Jeruzalemkerk. Hiervan is niets overgebleven behalve de lijst en op deze lijst vinden we ook een exemplaar van het Somnium Scipionis van Cicero, eigenhandig gekopieerd door Anselmus. Dat wijst op een belangstelling voor de klassieke literatuur bij de laatste. Opvallend genoeg bevindt het Festushandschrift zich niet op de lijst boeken voor de Jeruzalemkerk.

Dat kan alleen verklaard worden als dit handschrift langer in het familiebezit is gebleven. Uiteindelijk kwam het bij de Brugse jezuïeten terecht en zo aan het eind van de achttiende eeuw – na de opheffing van de jezuïeten door Jozef II – in de toenmalige Koninklijke Bibliotheek. En dat het langer in de familie is gebleven, betekent wellicht dat het volume een bijzondere betekenis gehad moet hebben.

Dit is het moment dat de Grote Speurder in actie schiet. Want nu is de vraag: hoe komt een Italiaans luxehandschriftje uit de tweede helft van de vijftiende eeuw in handen van tijdgenoot Anselmus Adorno?

IJverig speurwerk brengt aan het licht dat onze Anselmus in 1470 naar Italië gereisd is. Hij bezocht daar Genua, de stad waar zijn familie vandaan kwam, Pavia, waar zijn zoon Jan studeerde, én Rome, waar hij in 1471 door paus Paulus II hoogstpersoonlijk in audiëntie ontvangen werd. (Dat bewijst de status van Anselmus, maar kan ook te maken hebben met zijn connecties met Karel de Stoute…).

Nu wil het toeval dat net rond de tijd dat Anselmus in Rome was, het werkje van Festus grote populariteit genoot: de allereerste editie van de tekst verscheen in of net voor 1468 op een onbekende plaats. Het allereerste in Italië gedrukte boek stamt uit 1467, dus dat betekent dat deze eerste druk of editio princeps van Festus heel vroeg is.

Maar daar bleef het niet bij. In 1468 verscheen in Rome een tweede editie, gevolgd door een derde in Rome in 1470 (!), die werd herdrukt in 1472. Dan is er nog een andere (anonieme) editie eveneens uit 1472 en tot slot nog een in 1474.

festus(3)

Dat betekent dus zes edities in zes jaar en dat net na de invoering van de boekdrukkunst. Bovendien ligt het zwaartepunt van die vroege edities in Rome. Met andere woorden: deze tekst was een ‘hot item’ in Rome op het moment van Anselmus’ bezoek.

Dat verklaart tegelijk iets wat ook nog opvalt in dit handschrift, nl. de aanwezigheid van tal van correcties die in de marge of tussen de regels worden aangeduid, evenwel zonder dat er gepoogd is de oorspronkelijke tekst te verwijderen door hem weg te krabben of door te strepen.

Het merkwaardige hierbij is dat het hier niet gaat om correcties van overduidelijke schrijffouten, maar steeds om lezingen uit de andere tak van handschriften dan die waarop de eigenlijke tekst in dit volume steunt. Kortom: dit zijn geen correcties, maar varianten en wat we zien is een embryonaal soort kritisch apparaat, zoals dat in humanistische handschriften wel vaker voorkomt.

Maar hierdoor bevinden zich in dit handschrift lezingen uit twee teksttradities, met andere woorden: dit lijkt op de beruchte contaminatie waar we het eerder over hadden. Behalve dat het geen contaminatie ís, want dan zouden de lezingen zich stilzwijgend in de tekst hebben gemengd en niet zo keurig systematisch in de marge gezet zijn als in ms. 4659 het geval is. Dat beantwoordt inderdaad aan de humanistische – filologische – benadering van teksten, maar in genen dele aan de middeleeuwse.

De Grote Speurder draaide het boekje (voorzichtig!) in zijn hand en knikte tevreden. Voor hem stond het vast dat Anselmus dit handschriftje tijdens zijn verblijf in Rome had laten vervaardigen. Een souvenir van zijn Romereis dus. En hij zuchtte. Want hij had dan wel in de Urbs Aeterna een moderne editie van Festus gekocht en in een parkje de Latijnse tekst zitten lezen, maar zo’n handschrift als souvenir viel toch buiten zijn mogelijkheden.

Wie heden ten dage de Jeruzalemkerk in Brugge bezoekt, heeft de kans een inleidend filmpje te zien over het leven van Anselmus. In dat filmpje zult u ook even het handschriftje van Festus zien. Meer nog. Want dit handschriftje wordt in het filmpje geopend en vastgehouden door de handen van, ja u raadt het al: de Grote Speurder.

Met dank voor deze bijdrage aan
Dr. Michiel Verweij
Oude en kostbare drukken
Koninklijke Bibliotheek van België, Brussel

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Google photo

Je reageert onder je Google account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s

Deze site gebruikt Akismet om spam te bestrijden. Ontdek hoe de data van je reactie verwerkt wordt.