Archive for 26 juli 2021

Herontdekt schilderij van Rembrandt voorgesteld in Rome

26 juli 2021

Dit nieuws ging enkele weken geleden een behoorlijk deel van de wereld rond. Tijdens een symposium voor internationale wetenschappers en experts, georganiseerd door de Fondazione Patrimonio Italia in de Villa Medici in Rome, werd een schilderij voorgesteld dat hoogstwaarschijnlijk aan Rembrandt kan worden toegeschreven.

Het olieverfschilderij op papier en doek is afkomstig uit de verzameling van een familie uit Rome en werd vermoedelijk vervaardigd in de periode 1631-1632.

rembra (4)

Het schilderij kwam in 2016 terecht bij Antonella Di Francesca die de opdracht kreeg het beschadigde doek te restaureren en te reinigen. Terwijl ze bezig was aan het kunstwerk ontdekte ze details die deden vermoeden dat het weleens om een bijzonder werk kon gaan, misschien wel een Rembrandt.

Het schilderij werd dan gedurende enkele jaren bestudeerd door experts. Dat lijkt een lange periode om de echtheid van een schilderij vast te stellen, maar in het verleden werden wel vaker schilderijen ‘herontdekt’ waarvan later bleek dat ze ten onrechte aan Rembrandt waren toegeschreven.

Tegenwoordig vult gespecialiseerd technisch onderzoek het kunsthistorische en archiefonderzoek aan. Die combinatie leidt vaak tot nieuwe inzichten, maar een honderd procent zekere identificatie is soms bijzonder moeilijk.

Rembrandt had vele leerlingen die in dezelfde stijl als hun meester werkten en hem vaak hebben gekopieerd. Ook latere schilders deden dat. Schilders, ook Rembrandt, maakten soms ook verschillende versies van hetzelfde werk.

Dat gebeurde zeker ook met het doek dat in Rome werd gepresenteerd. Rembrandt heeft net als verschillende collega’s, de Aanbidding der Wijzen vaker uitgebeeld. Dat was een heel populair thema bij heel wat kunstenaars. Van Rembrandt bevindt zich bijvoorbeeld een schitterend doek met dit onderwerp in het Hermitage-museum.

rembra (2)Rembrandt, zelfportret, 1639

De versie van de Aanbidding der Wijzen die in Rome is aangetroffen, wordt nu met grote zekerheid (de wetenschappers spreken van een waarschijnlijkheid van 90 procent) als een Rembrandt beschouwd. Het doek werd tijdens het symposium in de Villa Medici aan het aanwezige publiek getoond.

Het schilderij kwam via de Nederlandse kunsthandelaar Abraham Teerlink in het bezit van een Romeinse familie. Teerlink, die zelf ook schilderde, werd in 1776 in Dordrecht geboren en verhuisde later naar Rome waar hij trouwde. Hij bracht voor verzamelaars Italiaanse kunstwerken naar Nederland en kocht daar Nederlandse kunst voor klanten in Italië.

Zo kwam ook het bewuste schilderij in handen van een rijke adellijke Romeinse familie. Al die tijd hing het doek gewoon als decoratie aan de muur in een palazzo. Het is niet bekendgemaakt om welke familie het gaat.

Er zijn twee kopieën van het schilderij bekend die met zekerheid door Rembrandt zijn gemaakt. Eentje bevindt zich zoals verteld in de Hermitage in Sint-Petersburg, het andere in Göteborg in Zweden.

De vermoedelijke Rembrandt bevindt zich nu in een kluis omdat de waarde wordt geschat tussen 70 en 200 miljoen euro. Toch heeft de familie in Rome geen plannen om het kunstwerk te verkopen. Als de restauratie volledig afgerond is zal het schilderij eerst in Italië en later ook in het buitenland worden tentoongesteld zodat iedereen ervan kan genieten.

Rembrandt Harmensz. van Rijn (Leiden, 15 juli 1606 – Amsterdam, 4 oktober 1669) wordt algemeen beschouwd als de grootste schilder van de Nederlandse Gouden Eeuw. Rembrandt van Rijn woonde de eerste 25 jaren van zijn leven in Leiden. Zelf is de kunstenaar nooit in Italië geweest.

De dichter, diplomaat, geleerde, componist, architect en polyglot Constantijn Huygens, een tijdgenoot van Rembrandt, verbaasde er zich bij een bezoek aan Leiden over dat Rembrandt, net als zijn vriend en medewerker Jan Lievens, geen studiereis maakte naar Italië, het land van de kunst. Vele kunstenaars deden dat wel om hun artistieke opleiding te voltooien en nieuwe inzichten te verwerven.

Wat zou ik het op prijs stellen als zij kennis zouden maken met Rafaël en Michelangelo en de moeite zouden nemen hun ogen te laven aan de scheppingen van zovele reusachtige geesten! Hoe snel zouden zij dat alles beter kunnen en de Italianen redenen geven naar hun eigen Holland te komen, scheef Huygens.

Rembrandt en Lievens verdedigden zich met het argument dat zij geen tijd wilden verspillen aan het maken van verre reizen. Bovendien waren volgens hen de beste Italiaanse schilderijen buiten Italië te zien en hoefden ze die verre reis naar het zuiderse land dus niet speciaal te maken.

rembra (3)Rembrandt, zelfportret, 1631.

Nochtans heeft Rembrandt de prenten van de Italiaanse meesters wel intensief bestudeerd. De inventaris van zijn inboedel uit 1656 vermeldt kunstboeken van Rafaël, Mantegna en Michelangelo. Bovendien heeft Rembrandt ongetwijfeld ook goed gekeken naar het werk van de Utrechtse schilders, zoals Gerard van Honthorst.

Ook Jacob van Swanenburg, zijn eerste leermeester, had 25 jaar in Italië gewoond en was zelfs getrouwd met een Napolitaanse. Zijn tweede leermeester, Pieter Lastman, verbleef vijf jaar lang in kunstenaarskringen in Rome. Rembrandt zal dus hoe dan ook wel enige Italiaanse invloed hebben ondergaan.