Archive for 25 januari 2022

De mooiste Romeinse monumenten in beeld

25 januari 2022

In het jaar 476 kwam er een einde aan het West-Romeinse Rijk, maar toch staan sommige bouwwerken van de Romeinen nog altijd overeind. Het Belgische magazine Weekend Knack brengt op zijn website een overzicht van 51 van de mooiste bouwwerken die de Romeinen ons nalieten.

Het is een spectaculaire lijst met monumenten die de eeuwen hebben getrotseerd en vandaag nog steeds indrukwekkend zijn. Een aantal ervan ga je ongetwijfeld meteen herkennen, bij andere gebouwen zal je wellicht met enige verbazing stilstaan. Je vindt de volledige lijst met foto’s en een bondig bijhorend verklarend tekstje op deze link.

Rome is lang het centrum van het rijk gebleven. Vanuit deze stad werd het hele imperium bestuurd. Aan het einde van de regering van keizer Augustus in 14 na Chr. bestond het Romeinse Rijk uit het kernland Italië, Sicilië, Sardinië, Spanje, Macedonië en Griekenland, Klein-Azië, Afrika, Syrië, Gallië, Brittannië en Egypte.

pantheon

Egypte was een speciaal domein binnen het Romeinse Rijk. Nadat Marcus Antonius en Cleopatra door Augustus en Agrippa waren verslagen bij Actium, was Rome enkele eeuwen verzekerd van het politieke overwicht, ook in de oostelijke (hellenistische en Griekssprekende) helft van het Romeinse Rijk.

De grenzen in het noorden werden gevormd door de Rijn en de Donau, in het oosten door Armenië en de Eufraat, in het zuiden door de Sahara, in het westen door de Atlantische Oceaan.

Dit volledige gebied besloeg ongeveer 10 miljoen km² en telde toen naar schatting zowat 54 miljoen inwoners. Een poging om de Elbe tot rijksgrens te maken mislukte door de nederlaag van Varus in het Teutoburgerwoud (9 na Chr.).

Trajanus (98-117), een keizer die afkomstig was uit Spanje, ging weer tot veroveringen over. Zo voegde hij Dacia, waar hij koning Decebalus versloeg, als nieuwe provincie bij het Romeinse Rijk.

Het land werd zó grondig geromaniseerd, dat het zijn naam hieraan ontleent: Roemenië. Ook Mesopotamië werd door de Romeinen bezet, maar deze verovering was niet blijvend. Het keizerrijk had nu zijn grootste uitbreiding gekregen, maar de enorme militaire en logistieke inspanningen bleken uiteindelijk toch iets te groot.

caracalla

Keizer Hadrianus (117-138) gaf de veroveringen in het oosten weer op en legde langs alle grenzen versterkingen aan. Een bekend voorbeeld is Hadrian’s Wall in Groot-Brittannië. Hij bereisde bovendien grote delen van het rijk. Zijn bestuursmaatregelen waren gericht op een gelijkstelling van de rijksdelen met Italië. Een veldtocht tegen de Parthen leverde Rome een nieuwe provincie op: Noord-Mesopotamië.

De bouwwerken die vandaag nog resteren uit de Romeinse oudheid zijn doorgaans grote, indrukwekkende monumenten zoals het Colosseum, tempels en aquaducten. De voormelde overzichtlijst biedt hiervan een mooie samenvatting.

De Romeinen waren echter evengoed thuis in de bouw van aangename woonhuizen waar het, althans voor de rijke bevolking, aan weinig comfort ontbrak. Regelmatig worden nog nieuwe Romeinse woningen of villa’s uit de oudheid ontdekt.

colosseum

Archeologen hebben over woningtypes en woninginrichting enorm veel geleerd van de archeologische schatkamer die ons werd bezorgd door de vulkaanuitbarsting die in het jaar 79 van het welvarende stadje Pompeii en de nabije omgeving, een verzegelde tijdscapsule uit de oudheid maakte.

De Romeinse bouwkunst heeft een geheel eigen karakter. Vele elementen zijn ontleend aan de Griekse bouwkunst, maar het wezen ervan is totaal verschillend. Eén van de belangrijkste verschillen betreft het ontbreken van vastomlijnde proportiewetten of maatverhoudingen in zowel de bouwkunst als de beeldhouwkunst.

In de Grote Winkler Prins Encyclopedie (uitgave 1990-1993) lezen we hierover het volgende. De Romeinse bouwkunst wordt gekenmerkt door symmetrie en axialiteit, een ander gebruik van ruimte, frontaliteit van de façades (vooral met zuilen) en een gevoel voor monumentaliteit. Aan de bestaande (Griekse) bouwordes werd de Toscaanse bouworde toegevoegd.

Ook in de toepassing van bouwmaterialen waren de Romeinen vernieuwers. Baksteen en beton verschaften de architecten nieuwe mogelijkheden om grotere ruimten te bouwen. Het Romeinse beton (opus caementicium) was een mengsel van steengruis en steenbrokken met kalk, zand en Pozzolana-aarde, dat de eigenschap had om tot een buitengewoon massa uit te harden. Het was een materiaal waarmee zelfs onder water kon worden gebouwd.

Typische Romeinse bouwelementen zijn de boog, de koepel en het gewelf. Deze nieuwe technieken en materialen maakten het mogelijk grote ruimtes te overdekken. Griekse bouwelementen zoals zuilen, kapitelen en frontons werden nog slechts als ornamenten gebruikt. De nieuwe technieken werden vooral gebruikt in de utiliteitsbouw.

pompeii2

In de representatieve bouw werd nog lang aan uiterlijke Griekse vormen vastgehouden. Dit was bijvoorbeeld het geval bij het bouwen van een tempel. Deze was geplaatst op een hoog podium, een zogenaamde podiumtempel. Een grote trap aan de voorzijde en een diepe voorgalerij accentueerden de ingangszijde en trokken als het ware de blik naar binnen.

Aan de voorkant werd een zuilengaanderij naar Griekse trant aangebracht, maar aan de zij- en achterkant werd de zuilenomgang vervangen door halfzuilen of pilasters met een uitsluitend decoratieve functie. Vaker dan bij de Grieken kwam de ronde tempel voor. In de laat-Romeinse tijd werd het uitwendige van de tempels zeer sober en kwam de nadruk te liggen op het interieur. Dit geldt ook voor de basilica.

De Romeinen hebben groot aantal nieuwe bouwvormen ontwikkeld. Met name diverse openbare gebouwen als de basilica (rechtshal en beurs, later kerk), amfitheater, circus, triomfboog, aquaduct en gebouwencomplexen zoals thermen (badhuizen) en keizerlijke paleizen, hebben een blijvende betekenis voor de westerse bouwkunst.

De Romeinse woning- en stedenbouw wordt gekenmerkt door de axialiteit van de plattegronden. Nieuwe Romeinse steden werden de Grieks-Hellenistische schaakbordpatronen van rechthoekige huizenblokken gecombineerd met de indeling van het Romeinse legerkamp (castra).

pompeii

Hierbij werd de stad in vieren verdeeld door de twee elkaar in het centrum kruisende hoofdwegen, die beide uitliepen op grote stadspoorten. In het centrum van de stad, op het kruispunt van de hoofdwegen, bevond zich het forum, het bestuurlijke en religieuze centrum van de stad. Typisch Romeinse vernieuwingen zijn de geplaveide straten, karresporen en oversteekplaatsen en complexe rioleringssystemen.

Het Romeinse woonhuis (domus) was van het atriumtype. De vertrekken waren gegroepeerd rondom een overdekte hof, een zogenaamd atrium. In de tweede eeuw na Chr. werd dit uitgebreid, naar Grieks voorbeeld, met een zuilengalerij (peristylium).

In Pompeii zijn vele huizen van dit type bewaard gebleven. Aan de straatzijde bevonden zich doorgaans winkels en werkplaatsen. Het interieur van deze luxueuze woonhuizen was vaak uitbundig gedecoreerd met wandschilderingen.

ostia_antica1

Naast deze woonhuizen voor de gegoede burgerij hadden vele Romeinse steden grotere woonblokken (insulae) van huurkazernes, waar meer families appartementen bewoonden. Rome telde in de eerste eeuw zowat 40.000 huurkazernes en slechts een duizendtal eengezinswoningen.

In Ostia, de havenstad van Rome, zijn voorbeelden van deze wooncomplexen bewaard gebleven. Buiten de stad bestond een ander typisch Romeins huis, de villa rustica, de boerenhof met stallen, schuren en hoven.

boog_titus

In de reliëfkunst neemt het zogenaamde historisch reliëf, waarop de machtshebber in functie is uitgebeeld, de voornaamste plaats in. Het had een officiële functie en er werden vooral actuele gebeurtenissen uitgebeeld, zoals bijvoorbeeld de inwijdingsstoet op de Ara Pacis (Augustae).

De talrijke reliëfs die zich om de zuilen van Trajanus en van Marcus Aurelius kronkelen, geven het succesvol verloop van hun oorlogen weer. Op de triomfbogen werden in reliëfs de grote daden van de keizer op civiel en militair gebied verheerlijkt.

Naast en samen met deze uitbeeldingen van werkelijke voorvallen, komen allegorische voorstellingen voor en dikwijls mengen zich ook goden of personificaties in het actuele gebeuren.