Archive for 30 januari 2022

Sergio Mattarella blijft president

30 januari 2022

Wat vele Italianen hoopten, is werkelijkheid geworden. Afscheidnemend president Sergio Mattarella verklaarde zich na het uitdrukkelijke verzoek van premier Mario Draghi, de leiders van de meeste politieke partijen en talrijke prominente politici bereid om nog een tijdje in functie te blijven.

Daarmee komt een einde aan de presidentsverkiezingen die na een week en zeven stemrondes geen nieuwe kandidaat opleverden.

Voor het land is het aanblijven van Mattarella een goede zaak. De president is geliefd en premier Draghi leidt Italië met vaste hand doorheen de crisis in de richting van economisch en financieel herstel.

Door de verantwoordelijkheidszin van Mattarella (foto hieronder) is de stabiliteit van het land in de nabije toekomst in principe veilig gesteld. Het effect daarvan zal maandag vermoedelijk al merkbaar zijn aan de Italiaanse aandelenkoersen op de beurs van Milaan.

sergio_mattarella

Mattarella was nochtans vast van plan om na zeven jaar te stoppen. De persdienst van het Quirinaal verspreidde vorige week nog een foto van het kantoor van de president dat vol stond met half ingepakte verhuisdozen. Mattarella had inmiddels ook al een nieuwe woning gehuurd in de welvarende Pinciano-wijk, vlakbij Villa Borghese.

De president gaf uiteindelijk echter toe om aan te blijven na de smeekbedes van talrijke prominente politici, waaronder de premier en alle partijleiders, uitgezonderd Giorgia Meloni van de Fratelli d’Italia.

Ook voormalig premier en tot voor kort presidentskandidaat Silvio Berlusconi vroeg Mattarella om nog een tijdje op post te blijven.

Zelfs Matteo Salvini van de oppositiepartij Lega vond dat het verkiezen van Draghi tot president gevaarlijk zou zijn voor de stabiliteit van het land.

Door al die intense druk is Mattarella dus gezwicht, waarna hij gisteren, tijdens een achtste stemronde in het parlement, opnieuw officieel werd verkozen als president.

Mattarella kreeg steun van 759 van de 1009 stemgerechtigde parlementsleden en vertegenwoordigers van de verschillende regio’s. Dat is een ruime meerderheid, 505 stemmen zouden al voldoende geweest zijn. Het zijn er ook een pak meer dan  de 665 stemmen die hij kreeg toen hij in 2015 voor het eerst werd verkozen.

Dat een president na zijn wettelijke termijn van zeven jaar in functie blijft, is overigens geen precedent. Ook Giorgio Napolitano deed het in 2013 al eens, om vrijwel dezelfde reden als vandaag: de stabiliteit van het land veilig stellen.

Ook Napolitano  die bij zijn herverkiezing al 87 jaar was, wilde stoppen omwille van zijn hoge leeftijd. Hij zou uiteindelijk nog twee jaar aanblijven en werd op 3 februari 2015 opgevolgd door Sergio Mattarella.

Deze laatste legt vermoedelijk donderdag opnieuw zijn eed af, de dag dat zijn wettelijke termijn afloopt. Hoelang Sergio Mattarello nog in Palazzo del Quirinale zal blijven, is niet bekend. Het is echter vrijwel zeker dat hij zijn nieuwe ambtstermijn van zeven jaar niet zal uitdoen.

In principe kiezen de Italianen in het voorjaar van 2023 een nieuwe regering. De algemene verwachting is dat Mattarella daarna eindelijk zal gaan genieten van zijn welverdiende pensioen.

Dan komt ook de huidige premier Mario Draghi (foto onder) weer in beeld om hem op te volgen als president.

mario_draghi (7)

Willem en Adriaan

30 januari 2022

Avonturen met opschriften – XXVI

Oftewel de zaak van Wandelende Willem

Zowat drie jaar geleden begonnen we met de rubriek ‘Avonturen met opschriften’, een reeks bijdragen speciaal bestemd voor het aanzienlijke aantal classici onder onze leden, maar die uiteraard ook bijzonder leerrijk zijn voor alle anderen.

Wij krijgen hiervoor de gewaardeerde medewerking van dr. Michiel Verweij van de Koninklijke Bibliotheek van België. Dit is de 26ste bijdrage in deze reeks.

Wij zijn gewend aan een straatbeeld vol tekst: reclameborden, uithangborden, wegwijzers, aankondigingen enzovoort. In het oude Rome was dat niet minder het geval.

Gelukkig (voor ons) zijn heel wat van die getuigenissen op duurzaam materiaal bewaard gebleven. Gelukkig (voor ons) hadden de Romeinen de gewoonte om heel veel opschriften te maken en er zijn er dan ook tienduizenden bewaard.

Op verzoek van S.P.Q.R. stel ik enkele van deze teksten voor. Op zoek naar het verhaal dat er achter zit… Vandaag deel 26. De vorige bijdragen in deze reeks kan je hier nalezen.

Deze bijdrage is opgedragen aan de herinnering aan mijn moeder Emmy Verweij-van de Ven die mij het eerst in contact bracht met Adrianus VI, alsmede aan de ambassadeurs van Nederland en België bij de Heilige Stoel, resp. Caroline Weijers en Patrick Renault, en de overige leden van A6.

* * * * *

Schijn bedriegt. De zon kan schijnen terwijl het bitter koud is. Deze Nieuwsbrief zou kunnen gaan over twee overgrootvaders van Schrijver dezes, want hij is een afstammeling van Willem Verweij (1865-1937) en Adrianus van de Ven (1859-1925). Willem en Adriaan dus.

Dat zou ongetwijfeld een boeiend verhaal worden, waarbij zeker ook de 1,2 ha bos van Hedingen die Adrianus van de Ven in de jaren 1870 kocht en die Schrijver dezes thans als vierde eigenaar in bezit heeft, aan bod zou komen. En uiteraard het bot van een holenleeuw (Knillis genaamd) dat bij drainagewerkzaamheden daar ooit gevonden is. Maar hoe hij het ook zou wenden en keren, zelfs Schrijver dezes zou er geen Latijns opschrift uit kunnen puren en evenmin een band met Rome. Dus. Schijn bedriegt…

Nee, Schrijver dezes wil u meevoeren naar andere luchten dan de Kempen met het zand en de aangeplante dennenbossen en de heidevelden en de vennen, Schrijver dezes wil u zeker meevoeren naar de Stad der steden, Rome.

En dan gaat het over een andere Willem en Adriaan.

Schrijver dezes weet wel beter dan zijn publiek te laag in te schatten. Nu de officiële aftrap voor het Adrianusjaar is gegeven, ligt het voor de hand dat Adriaan niemand minder is dan paus Adrianus VI.

Schrijver dezes zal het maar meteen eerlijk bekennen: hij heeft een commercieel belang bij deze zaak, want hij is de auteur van twee boeken over de paus, de tentoonstellingscatalogus De paus uit de Lage Landen. Adrianus VI (1459-1523) (Leuven, 2009) en Adrianus VI (1459-1523). De tragische paus uit de Nederlanden (Antwerpen – Apeldoorn, 2011). Wie meer wil weten, leze deze twee.

adrianus_boek

Adriaan Florensz of Adrianus van Utrecht werd op 2 maart 1459 in Utrecht geboren. De naam Boeyens die men vaak vindt, is apocrief: de paus heeft deze zelf nooit gebruikt.

Na zijn eerste opleiding aan de Latijnse school van Zwolle waar hij ook in contact kwam met de Moderne Devotie, vertrok de jeugdige Adrianus naar de stad die meer dan welke andere ook zijn leven zou domineren: Leuven.

Wat had u gedacht: als twee honden vechten om een been, loopt de derde ermee heen. Terwijl Nederland Adrianus op grond van zijn geboorteplaats claimt als de enige Nederlandse paus en Duitsland hem zonder schaamrood inlijft als deutscher Papst, blijkt hij de langste, gelukkigste en vruchtbaarste tijd van zijn leven in Leuven te hebben doorgebracht en is hij dus eigenlijk evengoed een Belgische en vooral een Brabantse paus.

Op 1 juni 1476 werd Adrianus aan de Leuvense Alma Mater ingeschreven, in 1478 kwam hij als eerste door de examens van de faculteit van de Artes. Vervolgens begon hij de lange studie van de theologie die in 1491 met het doctoraat bekroond werd. Inmiddels gaf Adrianus ook al college in de faculteit van de theologie.

Hij ontwikkelde zich zelfs tot de ongekroonde prins der Leuvense theologen, was rector in 1493 en 1500-1501 en vicekanselier van de universiteit vanaf 1497. In 1506 viel zijn talent Margaretha van Oostenrijk op: Adrianus werd een van haar raadsheren en werd in 1507 belast met de intellectuele en religieuze vorming van de jonge Karel V.

Toen deze aan de controle van zijn leermeester wilde ontsnappen, stuurde hij Adrianus in 1515 naar Spanje met de opdracht om de Spaanse erfenis voor Karel veilig te stellen. Dat lukte net op tijd en Adrianus nam als regent de zaken voor Karel waar tot deze zelf naar Spanje kon komen.

adrianus (3)

Tegelijk verkreeg hij de ene na de andere kerkelijke waardigheid, want Adrianus moest opboksen tegen de grote ‘eerste minister’ Jiménez de Cisneros, aartsbisschop van Toledo, primaat van Spanje, grootinquisiteur van Castilië, kardinaal.

In vergelijking daarmee stelde Adrianus’ Leuvense professoraat uiteraard niet zo heel veel voor. In Leuven acht men het professorschap als het nec plus ultra dat een mens kan bereiken, maar daarbuiten ziet men dat wat anders.

Schrijver dezes heeft nu uiteraard zijn goede reputatie bij de universitaire hoogwaardigheidsbekleders verspeeld, maar gaat onverdroten verder. Adrianus ook: hij werd in 1516 bisschop van Tortosa en grootinquisiteur van Aragon en in 1517 kardinaal van SS. Giovanni e Paolo op de Celio. Dat laatste was een expliciete wens van Karel V en werd voor deze onderhandeld door ene Willem van Enckenvoirt. Adriaan hadden we, daar hebben we ook Willem…

Willem van Enckenvoirt kwam uit Mierlo, ten ooste van Eindhoven. In 1489 was hij al in Rome en maakte langzaam carrière als procurator. Dat was iemand die de belangen van een persoon of instelling behartigde en onderhandelde met de pauselijke administratie. Willem raakte betrokken bij de herbouw van de S. Maria dell’Anima waarvan hij ook jaren provisor = voorzitter van het dagelijks bestuur was. Vanaf 1517 zou hij met name optreden als procurator van de Habsburgers in de Nederlanden.

In weerwil van wat iedereen steeds herhaalt, heeft Willem niet in Leuven gestudeerd. Geen inschrijving, dus geen studie. Adriaan kende Willem door diens optreden als procurator voor Karel V, met name dus ook voor de onderhandelingen die tot zijn eigen kardinaalschap leidden.

Karel V kwam naar Spanje, maar in 1519 haastte hij zich naar Aken voor de keizerskeuze. Adriaan bleef in Spanje achter en prompt brak de opstand van de Comuneros uit, een verbond van de hoge en de lage adel en de steden, gericht tegen de hoge rekening van Karels verblijf en de aanwezigheid van al die Flamencos.

Adrianus wist door geduld (zonder middelen) de opstand te bedwingen: hij wachtte zo lang tot de hoge adel zich begon te distantiëren en sloeg toen met hulp daarvan de revolte neer. Dat maakte indruk. Koning Frans I van Frankrijk zag zijn kans schoon en viel Spanje binnen om Navarra te veroveren. Adrianus was in Vitoria-Gasteiz om die inval af te slaan, toen er iets gebeurde

Wat?

Paus Leo X dronk een glas wijn.

adrianus (5)

Nu doen we dat allemaal wel eens, inclusief Schrijver dezes, maar normaal zijn de gevolgen minder dramatisch dan bij deze gelegenheid, want de volgende ochtend lag Leo X dood in zijn bed en was de wijnschenker verdwenen.

Bij het conclaaf kwamen de hopeloos in Fransgezinden en keizergezinden verdeelde kardinalen er niet uit. Alle kandidaten waren ‘verbrand’. Uiteindelijk, op 9 januari 1522, stelde iemand voor een niet aanwezige kardinaal van enige leeftijd, met ervaring in wereldlijk bestuur én een reputatie van vroomheid en geleerdheid (nooit weg voor een paus uiteindelijk) te kiezen. In de volgende stemronde was er een paus. Adrianus van Utrecht was gekozen.

Canaglia brutta e ria
ch’ha fatto un papa senza saper come,
fiammingo, mai non visto e senza nome.

Canaille, lelijk gespuis,
kiest een paus en weet niet wat het doet,
een Vlaming, nooit gezien en anoniem.

Dat stond op het sprekende standbeeld Pasquino te lezen. En nog veel meer.

adrianus

Adrianus zou uiteindelijk pas zeven maanden later, op 29 augustus 1522, in Rome aankomen. Zijn pontificaat stond in het teken van drie zaken: verzoening van de christelijke vorsten (wat door de heethoofden die toen Europa domineerden, Karel V, Frans I en Hendrik VIII, niet lukte) om dezen tegen de opmars van het Ottomaanse rijk te laten opereren en de kwestie Luther.

Door de Thesenanschlag in Wittenberg was Maarten Luther een katalysator voor tal van tegenstellingen geworden. Europa werd in hoog tempo het slachtoffer van een polarisatie en radicalisering zonder weerga. Adrianus reageerde daar op met een aansporing aan de vorsten om zich niet achter Luther te scharen (wat had u gedacht), maar ook met toe te geven dat er heel wat mis was in de Kerk (er was er toen nog maar één in West-Europa) en hij beloofde beterschap en hervorming.

Daar is het uiteindelijk niet van gekomen, omdat hij te vroeg stierf, maar hij zette wel enkele krachtlijnen uit zoals versobering van levensstijl, inkeer tot een oprechter christelijk leven, vermindering van de wereldse belangen, verbetering van de opleiding van de geestelijkheid. Deze punten zouden enkele decennia later de basis vormen voor de Contrareformatie. Het Pauscollege in Leuven stichtte Adrianus zelf per testament om armere studenten theologie onderdak te bieden.

In de Instructio die Adrianus zijn gezant naar de Rijksdag in Neurenberg in de herfst van 1522 nastuurde schreef hij o.m. de volgende regels:

Wij weten dat in deze Heilige Stoel al gedurende enkele jaren veel verwerpelijk is geweest, misbruik in geestelijke zaken, overdaad in benoemingen, kortom alles in het tegendeel verkeerd. En het is geen wonder dat de ziekte van het hoofd af naar de ledematen, van de pausen naar de andere, lagere, geestelijken is afgegleden. Wij allen, dat wil zeggen: kerkvorsten en geestelijken, zijn afgeweken, ieder op zijn eigen weg, en al lang was er niemand die iets goeds deed, absoluut niemand. Daarom is het nodig dat wij allen eer bewijzen aan God en onze ziel verootmoedigen, dat ieder van ons ziet waar hij gevallen is en dat hij zich liever zelf beoordeelt dan dat hij zich door God met de roede van zijn toorn laat oordelen. Hierin moet u, voor zover het onszelf betreft, beloven dat wij alle moeite zullen doen om eerst deze Curie, vanwaar misschien heel dit kwaad voortkomt, te hervormen. Zoals daarvandaan het bederf naar alle lagere niveaus is doorgelekt, zo ook zou van hetzelfde punt de genezing en de hervorming van alles moeten doordringen. Wij achten ons des te meer verplicht om dit te bewerkstelligen als we zien hoezeer de hele wereld een dergelijke hervorming dringend wenst. Wij hebben u eerder al gezegd, menen wij, dat wij dit pausschap nooit hebben geambieerd: veel liever, voor zover het van ons zou afhangen, zouden we een teruggetrokken leven leiden en in heilige rust God dienen. We zouden zelfs dit pausschap hebben geweigerd als niet de eerbied voor God en de oprechte wijze van onze verkiezing en de vrees voor een schisma dat door onze weigering dreigde, ons had verplicht de keuze te aanvaarden.’

Dat kan tellen. Schrijver dezes weet nog goed dat hij deze regels voor het eerst onder ogen kreeg, in het Latijnse origineel (want deze vertaling is van de hand van Schrijver dezes). Het was op het Tabularium in de Leuvense Universiteitsbibliotheek. Hij moest er even goed voor gaan zitten, legde de rest even weg en haalde diep adem, heel diep: deze regels zijn fors.

Het is ook de reden dat Adrianus VI op dit moment nog herinnerd wordt, want het was de enige keer dat de Kerk excuses aanbood voor misstanden tot Johannes Paulus II dat in de aanloop naar het Jubeljaar 2000 ook zou doen. Met verwijzing naar Adrianus. Machthebbers bekennen zelden hun ongelijk.

Een van de kenmerken van het pontificaat van Adrianus VI was dat de paus zijn vertrouwelingen uit zijn eigen omgeving haalde en dat daardoor het aantal personen uit de Lage Landen in hoge pauselijke dienst extreem hoog was.

Het ging hierbij vooral om Brabanders (wat had u gedacht), zoals Adrianus’ privésecretaris Dirk van Heeze en zijn kamerheren Nicolaas van der Poorten en Petrus van der Male uit resp. Heeze, Eindhoven en Leuven. Maar de belangrijkste werd toch wel Willem van Enckenvoirt. Daar hebben we Willem weer.

adrianus (11)

Van Enckenvoirt werd dataris, d.w.z. de verantwoordelijke voor de toekenning van alle prebenden, beneficies en inkomsten, de enige curiale topfunctie die niet door een kardinaal werd bekleed. Op Adrianus’ sterfbed werd Van Enckenvoirt tot kardinaal benoemd.

Adrianus stierf op 14 september 1523, uitgeput, na een ziekbed van meer dan een maand. Nee, de paus is niet vergiftigd, ook al duikt dat spookverhaal nu weer op. Als mensen eens het boek van Schrijver dezes zouden lezen in plaats van allerlei fabeltjes en clichés te herhalen en flauwekul uit te kramen, zou dat een aanmerkelijke verbetering zijn…

Als de paus overleden is, is het de gewoonte dat de door deze gecreëerde kardinalen zijn grafmonument oprichten. Dat was dus de taak van Willem van Enckenvoirt die het lichaam van Adrianus in 1533 liet overbrengen naar de kerk van S. Maria dell’Anima waarmee hij zelf zo’n grote band had.

adrianus (2)

Daar had hij in het koor, aan de rechterwand, een groots monument laten opstellen, naar ontwerp van Baldassare Peruzzi. De sarcofaag wordt bekroond met een ligbeeld van Adrianus. Daaronder bevindt zich een reliëf met de voorstelling van Adrianus’ intocht in Rome eind augustus 1522, terwijl voorstellingen van de vier kardinale deugden en van Maria, Petrus en Paulus het monument links, rechts en boven omramen.

Op de sokkel liet Willem van Enckenvoirt tweemaal (! = 2 x) zijn wapen afbeelden en daartussen het volgende opschrift:

adri2

‘Voor paus Adrianus VI uit Utrecht, een beroemde stad in Neder-Duitsland, die terwijl hij de schittering van mensengoed ten zeerste afwees, door de voornámen vanwege zijn onvergelijkelijke kennis van de theologische wetenschap en de haast goddelijke matiging van zijn zuivere geest tot opvoeder van keizer Karel V, bisschop van Tortosa, collega van de leden van het kardinaalscollege, gouverneur van het koninkrijk Spanje en tenslotte voor Christus’ volk in zijn afwezigheid door Gods toedoen tot paus werd gekozen, die leefde 64 jaar, 6 maanden en 13 dagen en overleed op 14 september van het jaar na Christus’ geboorte 1523, het tweede van zijn pontificaat, heeft Willem van Enckenvoirt, door Adrianus’ welwillendheid en bescherming kardinaal van Santi Giovanni e Paolo en bisschop van Tortosa, dit monument laten maken.’

Eindelijk een opschrift! Al vrees ik dat wie vol goede moed zelf begonnen is om de Latijnse tekst te lezen, niet snel zal begrijpen wat er nu eigenlijk bedoeld wordt. Nu heb je natuurlijk gewone latinisten, goede latinisten en de Grote Speurder, maar daar ligt het niet aan. Het punt is eerder dat deze tekst werd opgesteld door een adept van het extreem Ciceronianisme dat in die tijd welig tierde in de Romeinse literaire wereld.

adrianus (1)

Men probeerde daarbij zo zuiver mogelijk Latijn te schrijven zoals Cicero dat deed, met gebruikmaking van alleen die woorden en uitdrukkingen die in het werk van Cicero te vinden waren. Dat zorgde natuurlijk voor een probleem als het zaken betrof die na Cicero’s tijd pas ontstaan zijn.

Cicero was zo duidelijk minder beslagen in de christelijke theologie of op het punt van kerkelijke organisatie. Zo wil sacri senatus patribus collega ‘collega voor de vaderen van de heilige senaat’ gewoon zeggen dat Adrianus kardinaal was, waarbij de porporati van de Kerk gelijkgesteld werden aan de patres conscripti van de oude Romeinse senaat.

Er is nog iets wat opvalt. Zeker tussen die twee wapenschilden van Willem. De expliciete vermelding van de oprichter van het monument, met zijn waardigheden, die hij allebei van Adrianus gekregen had. Op zich is dat niet ongewoon, maar hier valt het wel heel erg op. En dat hangt samen met iets anders. Een staatsgeheim.

Het kan zijn dat de volgende passage ernstige gevolgen heeft voor het evenwicht en de vrede in Europa, maar het hoge woord moet gezegd, en de waarheid moet geuit. Iedereen denkt dat de S. Maria dell’Anima de nationale kerk van Duitsland en Oostenrijk is. Zij dwalen.

Schrijver dezes neemt moedig stand tegen dit waanidee: de S. Maria dell’Anima met een overgrote meerderheid aan monumenten uit Luik en Brabant is niet in eerste instantie de kerk van Oostenrijk en Duitsland, wat die landen daar ook van denken.

Het is eerst en vooral de kerk van Willem van Enckenvoirt. Overal is de kardinaal aanwezig. Zijn wapen siert de sokkels van het hoofdaltaar en van het monument voor Adrianus VI. Zijn eigen graftombe staat, compleet met ligbeeld, tegen de voorgevel.

adrianus (10)

De derde kapel links, de zgn. Brabantse of Barbarakapel, met fresco’s van de Mechelse schilder Michiel Cocxie, bevat een tweede portret van Willem en aan het plafond, net vóór deze kapel, is zijn wapenschild nogmaals als sluitsteen te zien. Willem van Enckenvoirt is werkelijk niet te missen in deze kerk. Enkel als u uw ogen stijf op elkaar geklemd houdt of alleen naar de vloer staart, blijft u van hem gespeend

Wacht even: las u dat ook? Heeft Schrijver dezes zonet geschreven: een ‘grafmonument’? Ja zeker: en daar staat ook een opschrift op, het zou eens niet zo zijn:

adri3

adri1

‘Voor kardinaal Willem van Enckenvoirt uit Brabant, die verschillende ambten in de stad Rome bekleedde en procurator voor het Duitse Rijk was, die daarom door paus Adrianus VI, wiens belangen hij vertegenwoordigd had, tot dataris en bisschop van Tortosa benoemd werd en als enige door deze in het kardinaalscollege werd opgenomen als een duidelijk teken van diens welwillendheid, waarbij de paus zijn vroegere waardigheden op hem overdroeg, die vervolgens door paus Clemens VII met het bisdom Utrecht vereerd werd en die keizer Karel V (die hij bij diens keizerkroning zalfde) zeer dierbaar was, die als aandenken aan de weldaden van paus Adrianus diens lichaam naar een door hem gesticht grafmonument in deze kerk (die hij mede had laten bouwen en versieren) had laten overbrengen, een man vol weldaden voor de armen en voor iedereen, hebben kardinaal Ioannes Dominicus uit Trani en kardinaal Antonius Sanseverino, en ook Petrus Vorstius, bisschop van Aqui, en Andreas Castillo, scriptor apostolicus, dit monument in overeenstemming met zijn testament gesticht. Hij leefde 70 jaar en stierf in 1534.’

De tekst is even Ciceroniaans als het opschrift voor Adrianus, maar wel iets minder literair verzorgd. Bovendien valt in de tekst één ding op, nl. de nadruk waarmee Van Enckenvoirt erop wijst dat hij het grafmonument voor Adrianus heeft laten maken. Schrijver dezes kent daarvoor geen parallel.

Daar was ook een reden voor. Willem van Enckenvoirt was in zekere zin een homo nouus, een outsider. Hij kwam uiteindelijk uit Mierlo en had geen enkele connectie met de leidende kardinaalsfamilies. In feite dankte hij zijn positie volledig aan Adrianus VI wiens voornaamste medewerker hij was geweest. Hij was uiteindelijk de enige van Adrianus’ omgeving die iets wist van het reilen en zeilen van de Romeinse bureaucratie. Daardoor was hij ook langzaam naar het centrum van de macht gegleden. Wie naar Adrianus wilde, moest langs Willem.

Buiten Adrianus had Willem van Enckenvoirt eigenlijk alleen een duidelijke binding met de S. Maria dell’Anima. die net in het begin van de 16de eeuw herbouwd was. Het stichten van het monument voor Adrianus was voor Willem tegelijk ook een poging om zichzelf een duidelijke plaats te verschaffen in deze kerk én in Rome in het algemeen.

Als Schrijver dezes stelt dat de S. Maria dell’Anima vóór alles de kerk van Willem van Enckenvoirt is, dan is dat geen boutade en nog minder een anti-Duitse of anti-Oostenrijkse uitlating, het is gewoon de waarheid. En Willem zag dat zelf ook zo.

Nu was bescheidenheid niet Willems sterkste punt (zoals u wellicht al vermoedde), dus hij had eigenlijk een omvattend plan in zijn hoofd. Het grafmonument voor Adrianus VI tegen de rechterwand van het koor, ja, en daar tegenover …

Juist, u raadt het al: Willem wilde zijn eigen graf tegenover dat van de paus, van zíjn paus hebben. En zo geschiedde ook. Het gaat zelfs zo ver dat Willems ligbeeld parallel geconstrueerd is aan dat van Adrianus. Daarmee canoniseerde Willem zijn relatie tot Adrianus in saecula saeculorum.

Behalve dan dat het niet meer zo is. Willems monument staat nu tegen de voorgevel, zoals Schrijver dezes al gezegd heeft. Wat is er gebeurd?

adrianus (7)

Welnu, Willem is gaan wandelen. Het begon in 1575 toen de erfprins van Kleef, Gulik en Berg, Karl-Friedrich, plotseling in Rome overleed. De prins was in Rome voor het jubeljaar, ging naar Napels en, ach u kent het gezegde ‘Napels zien en dan sterven’, en dat was precies was Karl-Friedrich deed.

Inmiddels was Willem al veertig jaar dood en een Duitse prins leek de toenmalige bestuurders van de Anima belangrijker dan een Mierlose kardinaal. Dus daar ging Willem aan het schuiven. Aanvankelijk werd zijn monument naar rechts verplaatst zodat het graf van Karl-Friedrich recht tegenover de paus kwam te liggen, maar uiteindelijk, na diverse verwikkelingen, restauraties en peripatieën belandde Willem tegen de voorwand.

Willem kijkt nu wat wezenloos de ruimte in. Zijn blik gaat naar de Lambertuskapel, een Luikse aangelegenheid, en zijn graf bevindt zich nu vlak bij het monument voor een andere Noord-Brabander, Christiaan van der Ameijden uit het onvolprezen Oirschot.

Waar Adrianus van de Ven geboren werd, ruim dertig jaar lid van de gemeenteraad was, de coöperatieve zuivelfabriek oprichtte en naast veel andere percelen ook het stukje bos in de Hedingen kocht dat Schrijver dezes thans bezit.

Wat Willem daarvan zou denken, weet niemand. Wellicht was Willem wel wijzer.