Geen structurele schade na vallende stenen aan Porta Maggiore

Aan het aquaduct, rechts van Porta Maggiore, zijn stenen naar beneden gevallen, echter zonder schade aan te richten. Een technische ploeg van de stad kwam meteen ter plaatse en onderzocht de actuele toestand van het monument. In de omgeving werd alle verkeer tijdelijk verboden.

Bij een eerste controle lijkt er, behalve op de plek waar de stenen loskwamen, verder geen schade te zijn. De algemene staat van het monument is nog steeds goed. De plek waaruit de stenen afkomstig zijn werd tijdens het onderzoek ook ontdaan van ingroeiend onkruid.

porta_maggiore (1)Foto: Sovrintendenza Capitolina ai Beni Culturali

De Porta Maggiore is een stadspoort in de antieke Aureliaanse Muur in Rome. De oorspronkelijke Romeinse naam was Porta Praenestina omdat ze in de tegengestelde richting naar Praeneste leidde, het huidige Palestrina.

De poort heeft ook bekend gestaan als Porta Labicana en Porta Naevia. De poort dankt zijn huidige naam aan de verderop gelegen en zeer bekende basiliek Santa Maria Maggiore.

De Porta Maggiore kreeg zijn naam in de middeleeuwen om de vele pelgrims die Rome bezochten via deze poort de kortste weg naar de basiliek te wijzen.

Onder de poort ligt nog een gedeelte van een oude Romeinse weg waarop duidelijk te zien is dat, door het drukke verkeer in de oudheid, karrensporen in het plaveisel zijn uitgesleten.

In het midden van de nogal chaotisch ogende Piazza di Porta Maggiore staat de indrukwekkende gelijknamige poort. Ondanks de vaak hectische omgeving is deze schitterende stadspoort één van de meest indrukwekkende in zijn soort.

Het is vaak ook het eerste belangrijke monument in Rome dat bezoekers te zien krijgen wanneer ze met de Leonardo Express vanuit de luchthaven in Fiuminico de stad per trein binnenrijden.

De Porta Maggiore is een onderschatte constructie en mag gerust worden gerekend tot één van de meest majestueuze bouwwerken van het oude Rome. De poort oogt gigantisch en heeft iets waarvan men onder de indruk komt, vooral als je vanaf enige afstand de constructie bekijkt.

De kracht en de schoonheid van het monument ligt in het contrast tussen de grote, grove blokken en de gepolijste attiek. De Porta Maggiore bestaat uit twee travertijnen bogen met pylonen aan de zijkanten, met ramen met timpanen en Korinthische zuilen.

porta_maggiore (2)Foto: Sovrintendenza Capitolina ai Beni Culturali

Het gebruik van grote blokken travertijn, die zelfs voor de pilaren grof werden gehouwen, de zogenaamde ‘onafgemaakte’ techniek, is een karakteristieke modetrend uit de tijd van keizer Claudius (41-54). Het wegdek onder de poort is zoals verteld nog origineel.

Vóór Aurelianus hier de nieuwe stadsmuur aanlegde, bevond zich op deze plaats een in 52 na Chr. door Claudius aangelegd knooppunt van aquaducten.

Deze plek bevindt zich 43 m boven de zeespiegel en is opmerkelijk genoeg het hoogste punt van Rome en dus de ideale plaats om aquaducten te laten samenkomen. Dat waren de Anio Vetus (de oudste), de Aqua Marcia, de Aqua Tepula, de Aqua Julia en de Aqua Claudia.

Twee eeuwen later werd in 270 het knooppunt van Claudius gebruikt bij de aanleg van de nieuwe stadsmuur. Men gebruikte de bogen van de Aqua Claudia en de Anio Novus, van beide zijn de kanalen nog zichtbaar, om een poort te maken in de muur van Aurelianus.

Dat gebeurde op de plaats waar de weg komende uit het centrum zich splitste in de nog bestaande Via Prenestina (in de richting van het huidige Palestrina) en de Via Labicana richting Cassino, nu gekend als de Via Casilina, de eerste baan rechts.

Op het bovendeel van de Porta Maggiore, waar de waterleidingen van het aquaduct liepen, zijn inscripties aangebracht die herinneren aan Claudius en aan restauraties die werden uitgevoerd door de keizers Vespasianus in 71 na Chr. en Titus in 81 na Chr. Toen Honorius (395-423) de versterkingsmuren liet restaureren, werd aan de buitenkant een bastion toegevoegd.

De Aqua Claudia is één van de opmerkelijkste aquaducten van Rome. De bouwwerken werden in 38 na Chr. gestart door keizer Caligula en door Claudius in 52 (of in 47, niet alle bronnen zijn het hierover eens) voltooid.

porta_maggiore (6)

Dit aquaduct overbrugde een afstand van ruim 68 km tussen de bergen van Subiaco en Rome. Keizer Nero (54-68) bouwde vanaf de Porta Maggiore een aftakking, de Aqua Nero.

Op en rond Piazza di Porta Maggiore werden resten teruggevonden van de Thermen van Helena en een waterreservoir. Beiden maakten deel uit van het Sessorium, een keizerlijk paleiscomplex dat werd gebouwd in het begin van de derde eeuw. Gedurende een gedeelte van de derde en de vierde eeuw woonden de Romeinse keizers in dit complex.

Bij sloopwerken tijdens de negentiende eeuw, werd naast de Porta Maggiore de graftombe van Marcus Vergilius Eurysaces blootgelegd. Dit grafmonument, dat vandaag officieel wordt aangeduid met de naam ‘Sepolcro di Marco Vergilio Eurysace’ dateert uit 30 v. Chr., is bijna een eeuw ouder dan de aquaducten en drie eeuwen ouder dan de stadsmuur van Aurelianus waartegen het aanleunt.

Oorspronkelijk was het dus een graf buiten de stadsmuren, langs een belangrijke invalsweg. Marcus Vergilius Eurysaces was een vrijgemaakte slaaf die na zijn vrijlating een bakkerij was begonnen. Dat gebeurde wel meer. Vele slaven spaarden hun karige slavenloon op, kochten zich vrij en begonnen een eigen zaak.

Op het einde van de republiek was Eurysaces eigenaar van een zeer grote industriële bakkerij. De burgeroorlogen uit die tijd hadden hem als leverancier van het leger schatrijk gemaakt en wellicht leverde hij ook brood aan de keizerlijke familie.

Nog vooraleer hij stierf liet Eurysaces als herinnering aan zijn leven en werk een reusachtige graftombe bouwen, waarop hij de werkzaamheden in zijn bakkerij liet afbeelden. Dat moet een enorm kostbare onderneming geweest zijn, maar de man kon het zich ongetwijfeld veroorloven.

Het is waarschijnlijk het merkwaardigste grafmonument uit de Oudheid: het heeft de vorm van een antieke bakoven. De voet van de tombe van Eurysaces wordt gevormd door tufstenen blokken. Hierop steunt de tombe, die uit een betonnen kern bestaat, bekleed met travertijn.

In het onderste deel zijn dubbele cilinders aangebracht waartussen rechthoekige pilaren staan. Zij lijken een klein podium te ondersteunen, waarop drie rijen met holle cirkels zijn aangebracht, geflankeerd door pilasters waarop een hoofdgestel staat.

De fries is versierd met de afbeeldingen van de bakkerijwerkzaamheden, waarop onder andere het kneden van het deeg, het vormen van de broden en het bakken te zien zijn. De verticale cilinders verwijzen naar de deegtonnen of mogelijk ook naar de cilinders waarin een bakker hoeveelheden graan kon afmeten.

Op de horizontale fascia erboven staat de volgende inscriptie: ‘Est hoc monimentum Marcei Vergilei Eurysacis pistoris, redemptoris, apparet …’ of ‘Dit is de tombe van Marcus Vergilius Eurysaces, bakker, aannemer, hij diende …). De naam van de persoon die op het einde van deze zin op de inscriptie heeft gestaan is helaas verloren gegaan.

porta_maggiore (3)Foto: Sovrintendenza Capitolina ai Beni Culturali

Op een fries bovenaan het monument zijn op bas-reliëfs verschillende fasen van het bakproces te zien zoals dat tijdens de republiek gebeurde. Let op de ezel links die de molen aandrijft. Zelfs de urne met daarin de as van zijn vrouw Atistia heeft de vorm van een kneedbak al zien sommigen er eerder een soort brooddoos of broodmand in.

De originele urne is teruggevonden en is tegenwoordig tentoongesteld in de Museo Nazionale Romano. De cella moet tamelijk klein geweest zijn, met een oostelijke ingang die niet bewaard is gebleven. Aan deze zijde bevond zich ook het levensgrote indrukwekkende marmeren reliëf van het paar. Dat bevindt zich nu in het Palazzo dei Conservatori in de Capitolijnse Musea.

Een marmeren reliëf waarop de bakker en zijn vrouw staan afgebeeld is eveneens bewaard gebleven. Dit reliëf bevond zich vermoedelijk op de oostelijke zijde van de tombe en wordt tegenwoordig bewaard in de Centrale Montemartini aan de Via Ostiense.

De oostelijke zijde van de tombe was niet recht, maar twee zijmuren kwamen hier in een punt samen, zodat het geheel de vorm van een pijlpunt had. De totale hoogte van het bouwwerk was ongeveer 10 m. De tombe stond op een opvallende plaats, met name de tweesprong van de Via Praenestina en de Via Labicana.

Volgens Romeins gebruik waren begrafenissen binnen de stadsmuren verboden. Langs de wegen die de stad uitliepen, verrezen monumenten voor de gegoede en rijke Romeinen. Een bekend voorbeeld waar je dat ook vandaag nog goed kan zien, is onder meer de Via Appia Antica.

Tussen 271 en 275 liet keizer Aurelianus zoals verteld een nieuwe stadsmuur rond Rome bouwen. Omdat er tijd- en geldgebrek was, werden veel bestaande gebouwen en constructies in de muur opgenomen, zodat deze niet helemaal opnieuw moest worden gebouwd.

De monumentale doorgang van de Aqua Claudia werd hierbij omgebouwd tot de Porta Praenestina. De Porta Praenestina was eenvoudig om te bouwen tot stadspoort. De arcaden werden dichtgemaakt, maar het aquaduct bleef wel gewoon functioneren.

Omstreeks 400 werd deze stadspoort door keizer Honorius versterkt, waarbij de graftombe van Eurysaces gebruikt werd als fundament voor een verdedigingstoren. Zo werd voor de Porta Maggiore een tweede dubbele poort met aan beide zijden grote vierkante torens gebouwd.

Hierdoor ontstond een klein fort met een binnenplaats. Zo verdween de graftombe feitelijk uit het zicht, hoewel deze van binnenin de toren toch nog gedeeltelijk zichtbaar moet zijn geweest.

Dat weten we omdat er documentatie uit de zestiende eeuw bestaat die melding maakt van de inscripties op het graf. Het kleine fort werd door de Romeinse familie Colonna in de middeleeuwen nog verder uitgebreid.

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s

Deze site gebruikt Akismet om spam te bestrijden. Ontdek hoe de data van je reactie verwerkt wordt.