Tentoonstelling over paus Adrianus VI in de Maurits Sabbebibliotheek in Leuven

In de Maurits Sabbebibliotheek in Leuven opent vandaag een kleine tentoonstelling over paus Adrianus VI. De expo is gratis te bezoeken tot 3 oktober 2022. De toegang is gratis.

Er is een bezoekersgids in het Nederlands en het Engels beschikbaar. De curatoren van deze expo zijn Nathalie Roland en Michiel Verweij die beiden eerder al instonden voor de tentoonstelling Ovidius in metamorfose, die eind 2019, begin 2020 te zien was in de Leuvense Universiteitsbibliotheek.

adrianus_VI (15)

500 jaar geleden, op 9 januari 1522, werd de gewezen Leuvense hoogleraar Adrianus Florensz van Utrecht onverwacht tot paus gekozen. In het anderhalve jaar dat zijn pontificaat zou duren, probeerde hij een begin te maken met een hervorming van de Curie in Rome en met een antwoord op de Reformatie van Maarten Luther. Bij testament stichtte hij in 1523 het Pauscollege in Leuven, dat recent prachtig werd gerestaureerd.

In de tentoonstelling in de Maurits Sabbebibliotheek worden de schijnwerpers gericht op Adrianus’ jarenlange activiteit in Leuven, op de geschriften die hieruit voortkwamen, alsook op zijn korte pontificaat in Rome, meer bepaald op de kwestie van Luther en Adrianus’ verhouding tot Desiderius Erasmus. Er worden een veertigtal objecten tentoongesteld.

De Maurits Sabbebibliotheek is een onderzoeksbibliotheek van de Faculteit Theologie en Religiewetenschappen (KU Leuven) en een erfgoedbibliotheek waar historisch belangrijke stukken worden bewaard. Volgens de American Theological Library Association is het de grootste theologische bibliotheek ter wereld met jaarlijks meer dan 100.000 bezoekers.

We laten hierna curator dr. Michiel Verweij aan het woord, die in de inleiding van de bezoekersgids het leven en de carrière van Adrianus VI uitstekend samenvat. De tekst biedt tevens een goede informatieve achtergrond voor wie de tentoonstelling wil bezoeken.

adrianus_VI (3)
Canaglia brutta e ria
Ch’ha fatto un papa senza saper come,
Fiammingo, mai non visto e senza nome.

Canaille, lelijk gespuis,
kiest een paus en weet niet wat het doet,
een Vlaming, nooit gezien en anoniem.’

Met deze niet al te vriendelijke woorden gaf een anonieme Romein uiting aan zijn gevoelens onmiddellijk na het eind van het conclaaf dat op 9 januari 1522 Adrianus VI tot paus gekozen had. Afgezien van zijn overduidelijke irritatie, zat de auteur van dit epigram er niet helemaal naast: Adrianus was fiammingo, mai visto e senza nome.

Adrianus werd geboren op 2 maart 1459 in Utrecht in het huidige Nederland. Zijn vader was een ambachtsman, niet arm, maar ook niet echt rijk. Zoals zo velen van zijn medepoorters had hij geen familienaam. Vandaar dat Adrianus altijd tekende met Adrianus Florencii ‘Adrianus, zoon van Floris’ of Adrianus de Traiecto ‘Adrianus van Utrecht’.

Vergeleken met de adellijke Romeinse families en de even adellijke Borgia’s uit het Spaanse Valencia, die in Rome de dienst uitmaakten, had Adrianus geen naam of stamboom om trots op te zijn: hij was inderdaad senza nome.

Hij was eveneens Fiammingo, al kan dat voor ons moeilijk zijn om meteen te begrijpen. Wij zijn zo gewend dat Adrianus de ‘enige Nederlandse paus’ of zelfs ein deutscher Papst genoemd wordt dat het adjectief fiammingo ‘Vlaams’ in deze context vreemd klinkt.

Maar in dit geval had de anonieme auteur het bij het rechte eind: de inwoners van de Lage Landen die aan het begin van de 16de eeuw een aparte en onderscheiden eenheid begonnen te vormen op basis van de Bourgondisch-Habsburgse dynastie, werden generaliserend in Italië Fiamminghi en in Spanje Flamencos genoemd.

Er bestond nog geen scheiding tussen Noordelijke en Zuidelijke Nederlanden en deze termen hebben tot aan het eind van de 16de eeuw zelfs geen betekenis. Het territorium van de Nederlanden was grotendeels deel van het Heilige Roomse Rijk en Adrianus kan zichzelf op grond daarvan als Germanus hebben beschouwd, maar hij heeft vermoedelijk nooit een voet in het huidige Duitsland gezet.

Wie hem een Duitse paus noemt, suggereert ‘Duits’ in de moderne betekenis en dat maakt deze aanduiding problematisch. Moderne nationale grenzen dienen buiten historische beschrijvingen te blijven: ze zijn vaak te veel beladen met nationale (of zelfs nationalistische) sentimenten.

adrianus_VI (11)

Fiammingo dus. Adrianus’ vader stierf toen de toekomstige paus nog een jongen was, maar hij liet blijkbaar genoeg geld na om voor zijn zoon het bezoek aan een Latijnse school mogelijk te maken. Aangezien Utrecht op dat moment geen befaamde school had, ging Adrianus naar de IJsselstreek, oostelijk van Utrecht, meer bepaald naar Zwolle.

Vanaf de 14de eeuw was de IJsselstreek de basis geweest van de Devotio Moderna, de Moderne Devotie, een beweging die een meer praktische vroomheid nastreefde en onder meer een dagelijks gewetensonderzoek eiste.

Hoewel Adrianus nooit formeel tot een van de groepen die uit de Moderne Devotie voortkwamen, behoord heeft, onderging hij wel de invloed van deze beweging en sommige gewoonten en ideeen zouden hem zijn hele leven bij blijven.

Adrianus bleek een briljante leerling en hij kon zijn studie verderzetten. De dag dat hij de Brabantse universiteitsstad Leuven binnentrok, was waarschijnlijk de meest beslissende stap, het cruciale moment in zijn hele leven. Adrianus zou altijd eerst en vooral iemand van de universiteit, van Leuven zijn.

Op 1 juni 1476 werd Adrianus officieel in het register van de Leuvense universiteit ingeschreven. Twee jaar later, in 1478, zou hij als primus, als nummer 1, voor het examen van de faculteit van de Artes slagen, de faculteit waaraan iedereen zijn studie moest beginnen. Een duidelijk teken van zijn briljante intellectuele capaciteiten.

Adrianus studeerde vervolgens theologie: dertien jaar later, in 1491, behaalde hij de graad van doctor. In 1490 was hij al begonnen om colleges te geven in de faculteit van de theologie: hij zou dat blijven doen totdat andere bezigheden te veel tijd vergden.

In feite werd Adrianus van Utrecht de leidende theoloog van Leuven en de docent van de belangrijkste Leuvense theologen die in het begin van de 16de eeuw tegen Maarten Luther en zijn partijgenoten in het strijdperk zouden treden.

De Maurits Sabbebibliotheek, de bibliotheek van de Leuvense faculteit van theologie, bewaart in haar rijke verzameling een autograaf handschrift van Adrianus’ werken: een commentaar op boek IV van de Sententiae van Petrus Lombardus en zijn Quaestiones quodlibeticae.

adrianus_VI (4)

In 1497 werd Adrianus benoemd tot deken van het kapittel van de Leuvense Sint-Pieterskerk: dat maakte hem niet alleen de vicekanselier van de universiteit, maar ook de hoogste kerkelijke autoriteit in de stad. In het handschrift dat zo net ter sprake kwam, staan ook verscheidene toespraken en preken die Adrianus in deze hoedanigheden hield.

Van tijd tot tijd verzamelde hij de Leuvense geestelijkheid voor devotie-oefeningen en vermanende woorden. Dat werd niet altijd vriendelijk onthaald; bij een gelegenheid spoorde Adrianus een kanunnik aan met zijn maitresse te breken. Het resultaat was een poging om de toekomstige paus met arsenicum in zijn kool te vergiftigen, maar, zoals u zult hebben vermoed, overleefde Adrianus deze poging.

De 15de en 16de eeuw zijn bekend vanwege de opeenhoping van prebenden, de benoemingen tot kanunnik, kapelaan of andere functies om zuiver financiële redenen. Deze opeenhoping van functies, benoemingen en rijkdom was een van de gesels van de Kerk en tegelijk een van de voornaamste bezigheden van de Romeinse administratie.

Adrianus nam hieraan deel, maar in bescheiden mate. Het kerkelijk recht voorzag de mogelijkheid om drie prebenden te genieten in absentia, dus zonder dat de persoon in kwestie de functie daadwerkelijk uitoefende: Adrianus zou dit aantal streng respecteren en zelfs een prebende opgeven als er zich een andere (interessantere) aandiende.

Het was trouwens gebruikelijk dat uit dit soort benoemingen de salarissen van de Leuvense professoren werden betaald: het volledige kapittel van Sint-Pieter in Leuven bestond uit hoogleraren.

adrianus_VI (18)

Afgezien van zijn prebende in Sint-Pieter was Adrianus onder meer nog rector van de kerk van het Groot Begijnhof in Leuven (een functie die hij overigens daadwerkelijk waarnam) en pastoor van Goedereede (Zuid-Holland). Vergeleken met zijn meeste collega’s was Adrianus een voorbeeld van gematigdheid.

Hij verwierf evenwel voldoende rijkdom om een fraai huis in de Leuvense ‘s-Meiersstraat te kopen waarin hij per testament een college voor arme studenten theologie zou stichten. Dit college, het Pauscollege, bestaat nog steeds, zij het in een herbouw uit de 18de eeuw. (foto boven en onder).

Aan het begin van de 16de eeuw was Adrianus één van de leidende figuren van de universiteit geworden en zijn intelligentie en persoonlijke integriteit begonnen ook elders aandacht te trekken.

In 1506 overleed Filips de Schone, hertog van Bourgondië, plotseling op veel te jonge leeftijd. Zijn opvolger, Karel, was zes jaar en de regering werd waargenomen door zijn grootvader Maximiliaan van Habsburg die zijn dochter Margaretha van Oostenrijk als landvoogdes aanstelde.

De nieuwe landvoogdes was een opmerkelijke dame, zeer gecultiveerd, die van haar hof in Mechelen een echt intellectueel en cultureel centrum zou maken.

In 1506 nodigde Margaretha Adrianus uit om één van haar raadsheren te worden en in 1507 belastte ze Adrianus met een deel van de opvoeding van de troonopvolger, meer bepaald met diens intellectuele vorming in Latijn en godsdienst.

Aanvankelijk vonden deze lessen plaats in het oude kasteel van de hertogen van Brabant in Leuven, de zogenaamde Keizersberg, maar spoedig verhuisde Karel naar Mechelen en moest Adrianus volgen.

In feite zouden Adrianus’ activiteiten aan het hof hem steeds meer opslorpen en hem minder tijd gunnen voor de universiteit en zijn studie.

adrianus_VI (19)

Toen Karel 15 was, vond hij een unieke manier om zijn leermeester kwijt te raken: hij zond Adrianus op een diplomatieke missie naar Spanje. Karels moeder was de Spaanse prinses Juana van Castilie en het Spaanse deel van de erfenis werd beheerd door Karels andere grootvader, Ferdinand van Aragon.

Deze had inmiddels een respectabele leeftijd bereikt en had een duidelijke voorkeur voor Karels broer Ferdinand als opvolger in de Spaanse bezittingen. Karel zelf was hier aanzienlijk minder enthousiast over en hij stuurde Adrianus nu naar Spanje om de Spaanse erfenis voor hem zelf veilig te stellen.

Na enkele ongeduldige brieven van Karel bereikte Adrianus zijn doel in het begin van januari 1516: geen moment te vroeg, want Ferdinand van Aragon overleed op 23 januari 1516. Karel was tevreden, maar voorlopig moest Adrianus hem ter plaatse vervangen.

Op dat moment werd Spanje bestuurd door een machtige minister, kardinaal Jimenez de Cisneros (1436-1517). Adrianus was enkel een universiteitsprofessor.

Hij was een man senza nome en kon nauwelijks verwachten dat hij zich zou kunnen doorzetten tegenover Cisneros, kardinaal, aartsbisschop van Toledo, primaat van Spanje, grootinquisiteur van Castilië, kortom, één van de machtigste mannen van het land.

adrianus_VI (17)

Adrianus was een verstandig man en hij besloot zijn aandacht te bepreken tot zuiver kerkelijke aangelegenheden. Op hetzelfde moment wist de Habsburgse lobby in Rome de ene na de andere benoeming voor hem in de wacht te slepen, zodat Adrianus snel steeg in de kerkelijke hiërarchie.

In 1516 werd hij bisschop van Tortosa en grootinquisiteur van Aragon: het jaar daarop werd hij op de uitdrukkelijke wens van Karel V tot kardinaal gecreëerd (met de SS. Giovanni e Paolo op de Celio als titelkerk).

Dit kardinaalschap werd onderhandeld door de Habsburgse agent of procurator in Rome, Willem van Enckenvoirt. Van Enckenvoirt werd in 1464 geboren in het Brabantse Mierlo en is in Rome geattesteerd vanaf 1489. Hij werd daar procurator en pauselijke notaris met een zeker succes en werd met name ingezet door de Habsburgers. Hij zou Adrianus’ rechterhand in Rome zijn.

Men heeft vaak gesuggereerd dat beiden elkaar vanuit Leuven kenden, maar er is geen enkel bewijs dat Van Enckenvoirt ooit in Leuven gestudeerd heeft. Adrianus’ pontificaat mag dan wel een sterke Leuvense touch hebben gehad, het was geen Leuvense samenzwering.

Na Cisneros’ dood in 1517 nam Adrianus de zaken over. Hij ontving Karel in Spanje toen deze zijn territoria in bezit nam, maar toen hij in 1519 naar Aken vertrok om de keizerskroon van het heilige Roomse Rijk veilig te stellen, bleef Adrianus achter in een land in beroering. Beroering die spoedig zou overgaan in een echte opstand, die van de Spaanse Comuneros.

Volledig aan zichzelf overgelaten volgde Adrianus een unieke strategie: hij wachtte geduldig, terwijl hij zelf een uiterst sober leven leidde (bij gebrek aan middelen en omdat hij geen geld van de Spanjaarden wilde eisen om niet nog meer verzet te kweken).

Na enige tijd ontstond er een scheuring tussen de hoge adel en de steden: Adrianus reageerde en kon de opstand onderdrukken. De Leuvense professor was een succesvol heerser geworden…

adrianus_VI (14)

In dezelfde tijd vroeg een andere kwestie zijn aandacht. In 1517 had Maarten Luther in Wittenberg zijn 95 stellingen gepubliceerd die snel een ruime verspreiding hadden gevonden.

De Leuvense theologen die al jaren gewerkt hadden rond het belang van de sacramenten, met name dat van de biecht, voelden zich gedwongen om te reageren. Zij zouden de eersten zijn die bepaalde stellingen van Luther als ketters zouden veroordelen, eerder zelfs dan paus Leo X.

Maar voor ze hiertoe overgingen vroegen ze de mening van hun Keulse collega’s en van Adrianus, hun oude ongekroonde leider. Adrianus antwoordde dat hij het volkomen met hen eens was, maar dat ze wel Luther correct moesten citeren.

In 1520 werd de eerste veroordeling van Luther in Leuven gedrukt, met Adrianus’ antwoord als de eerste tekst. Adrianus kan Luther uit het oog hebben verloren, want hij had dringender zaken aan zijn hoofd: de Fransen waren Spanje binnengevallen in een late poging om de opstandelingen hulp te bieden en hij wachtte hen op in Gasteiz-Vitoria. Op dat moment evenwel veranderde Fortuna ieders plannen.

adrianus_VI (13)

Op 30 november 1521 dronk paus Leo X, de grote mecenas van de Hoge Renaissance in Rome, een glas wijn dat bitter smaakte. De volgende dag, 1 december, werd de paus dood in zijn bed gevonden. Was hij vergiftigd? We weten het niet, maar het zou kunnen.

Het onvermijdelijke gevolg van het overlijden van een paus is het conclaaf om zijn opvolger te kiezen en een conclaaf was in die dagen onvermijdelijk een uiterst delicaat en moeilijk proces waarin een kluwen van politieke argumenten, persoonlijke veten en kerkelijke kwesties amper een gelegenheid bood om snel tot een resultaat te komen.

Dat was precies wat er rond Nieuwjaar 1522 gebeurde. De tegenstellingen werden gecompliceerd door de verdeeldheid tussen kardinalen die de Franse koning ondersteunden en de kardinalen die de keizer begunstigden. Geen kandidaat was in staat om de vereiste meerderheid op zich te verenigen. Er ontstond een complete patstelling.

Dan, op 9 januari 1522, stelde kardinaal Giuliano de’Medici, de toekomstige paus Clemens VII, voor om een afwezige kardinaal te kiezen die niet ‘verbrand’ was: Adrianus van Utrecht. De volgende stemronde zag het Habemus papam en Adrianus was verkozen.

adrianus_VI (2)

Waarom kozen ze nu deze man, Fiammingo, mai visto e senza nome? Om te beginnen genoot Adrianus een reputatie van geleerdheid en vroomheid, eigenschappen die een paus nooit misstaan.

Vervolgens had hij een band met de keizer, inderdaad, maar hij had net met succes een opstand bedwongen en hierdoor aangetoond dat hij een geschikte regent was. Omdat het pausschap destijds ook het bestuur van een groot deel van Midden-Italie inhield, was dit zeker een punt in het voordeel van Adrianus.

Bovendien was Adrianus al 62, wat betekende dat men er redelijkerwijs van kon uitgaan dat zijn pontificaat niet al te lang zou duren, zodat de kardinalen het in de tussentijd konden eens worden over de vraag wie nu de echte opvolger van Leo X zou worden.

Op dit moment waren er twee problemen: hoe moest men de nieuwe paus van zijn verkiezing op de hoogte brengen? En: hoe moest de paus naar Rome komen? Een eerste delegatie vanwege de kardinalen kwam niet ter bestemming: slechts de tweede delegatie was in de gelegenheid Adrianus te spreken en hem de fundamentele vraag te stellen, namelijk of hij de verkiezing aannam.

Zo kwam het dat Adrianus pas een maand na zijn verkiezing van zijn nieuwe status op de hoogte werd gebracht, wat betekende dat hij zo ongeveer de laatste was die dit nieuws bereikte. De koning van Frankrijk was razend en weigerde hem te erkennen tot hij gekroond was.

Maar ook na zijn aanvaarding kon Adrianus niet onmiddellijk naar Rome vertrekken. Hij moest zijn functie van gouverneur beëindigen en hij had graag zijn oud-leerling Karel V nog een keer gezien.

Dan waren er nog praktische zaken. Welke route zou de nieuwe paus volgen? Koning Frans I van Frankrijk blokkeerde praktisch de landroute door Zuid-Frankrijk, zodat een weg over zee zich opdrong.

Maar hier bedreigden Moorse piraten het verkeer en zowat het laatste dat christelijk Europa op dat moment kon gebruiken, was een gekidnapte paus.

Bovendien: om over zee te reizen heb je schepen nodig en om schepen te hebben heb je geld nodig en Adrianus had niets van dit alles. Een paus kan niet in een roeiboot reizen: hij dient toch te worden vergezeld door een kleine vloot. De Genuezen, de Venetianen, zelfs Karel V beloofden schepen, maar niemand hield zich aan die belofte. Het werd mei en Adrianus was nog steeds in Tarragona.

Pas half augustus kon Adrianus echt naar Rome vertrekken. In elke havenplaats die men aandeed, verraste Adrianus het gezelschap en de stad in kwestie door meteen naar de plaatselijke kerk te gaan om er te bidden. Een paus die eerst aan godsdienst dacht? Mai visto.

Eind augustus 1522 kwam Adrianus dan in Rome aan en werd op 31 augustus 1522 in de Sint-Pieter gekroond. Het nieuwe pontificaat kon eindelijk van start gaan.

Adrianus zag zichzelf geconfronteerd met drie grote problemen, nog afgezien van wat hij zelf zou willen nastreven. Om te beginnen: de politieke situatie. In de vroege 16de eeuw ontstond de politieke constellatie die Europa zou domineren tot 1945 en die gekenmerkt werd door de oppositie (vaak gewapend) tussen Frankrijk en Habsburg (waarbij dat laatste na 1870 opgevolgd werd door Duitsland).

In zekere zin had Adrianus zelf geholpen dat deze constellatie tot stand kwam toen hij de Spaanse erfenis voor Karel V bedong. Met Spanje, de Nederlanden, Milaan, het Duitse Rijk en de Franche-Comte in Habsburgse handen voelde Frankrijk zich (niet geheel ten onrechte) omcirkeld, ingesloten en bedreigd.

Adrianus volgde een verrassende lijn in deze kwestie: hij wilde alle Europese vorsten verzoenen tegen probleem nummer 2: de bedreiging die uitging van het Ottomaanse rijk dat snel terreinwinst boekte in de Balkan.

adrianus_VI (1)

Adrianus slaagde hier niet in. De jeugdige vorsten die Europa beheersten, Hendrik VIII van Engeland, Frans I van Frankrijk en Karel V waren allemaal even onhandelbaar als gevreesd kon worden en na pogingen om een algemeen verbond tegen de Turken vormen, ontdekte Adrianus dat een van de kardinalen met de Franse koning tegen hem samenzwoer.

De Soderini-samenzwering leidde er onvermijdelijk toe dat Adrianus de kant koos van Karel V, Hendrik VIII en Venetie tegen Frankrijk. Ook in de Turkse kwestie slaagde Adrianus niet in wat hij probeerde te bereiken. Er zou geen Europese coalitie tegen de Turken komen en de onenigheid in het Westen zou resulteren in de verovering van Hongarije na de slag bij Mohacs in 1526 en het beleg van Wenen in 1529.

Er was een andere morele autoriteit, Erasmus, die steeds weer de Europese vorsten aanmaande de rangen aaneen te sluiten tegen de Turken en hun onderlinge disputen te vergeten zoals het goede christenen betaamde. Niemand luisterde, behalve Adrianus.

Een andere kwestie interesseerde Adrianus waarschijnlijk meer dan de wereldlijke politiek. De Hervorming van Luther kende een snelle verspreiding. Eigenlijk entten zich allerlei tegenstellingen op de Lutherse kwestie. Daardoor ontstond een radicalisering en polarisatie die buiten ieders controle lagen.

Wie Luthers werken uit 1520 leest ziet dat de tijd voor verzoening al voorbij was. Belangrijker nog: alle energie leek gefocust op de tegenstelling zelf, onder het beruchte principe: ‘Wie niet voor ons is, is tegen ons!’ Wie een hervorming binnen de katholieke Kerk zou durven voorstellen, werd automatisch bij de Lutherse rebellen gerangschikt.

Hoe moet een paus die toch inderdaad bepaalde hervormingen wilde realiseren, te werk gaan? Dat Adrianus bepaalde hervormingen wenste is duidelijk. Vele intellectuelen in Noordwest-Europa wensten dat. Een morele hervorming, een beter onderlegde geestelijkheid, een oprecht godvruchtige en religieuze houding: dat waren min of meer Adrianus’ ideeën, zoals zal blijken uit het befaamde document dat hij ontwierp.

Tegelijkertijd was Adrianus stevig verankerd in bepaalde laatmiddeleeuwse manieren van denken, met name over het belang van de sacramenten voor de weg naar verlossing of liever: als een methode om mensen te helpen op hun weg naar de verlossing.

Zoals ik boven al gezegd heb, waren de Leuvense theologen (naar het voorbeeld van Adrianus) al enige tijd vooral bezig met pastorale theologie, vooral in verband met de biecht, terwijl Luther niet overtuigd was van het belang van deze sacramenten en zijn leer van de redding baseerde op zijn sola fides-leer.

Adrianus zou nooit een Lutheraan, laat staan een Calvinist zijn geweest, zoals sommige personen in Nederland wel eens willen suggereren. Ze baseren zich daarbij op het oude stereotiepe idee van Nederland als een protestantse natie (ook al vormen de katholieken al sinds de jaren 1930 de grootste religieuze groep).

Maar Adrianus stond in ieder geval wel afkerig tegenover de verwereldlijkte leefwijze van een aantal geestelijken of van de carriere-geestelijken. Het is duidelijk dat hij Luther als een bedreiging zag en dat hij het met zijn stellingen niet eens was.

Bovendien had de rijksdag van Worms in 1521 Luther veroordeeld. Deze veroordeling moest nu nog geïmplementeerd worden: dat was één van de hoofdonderwerpen op de rijksdag van Neurenberg die in de herfst van 1522 samenkwam.

Adrianus werd vertegenwoordigd door Francesco Chieregati. De officiële brief van de paus die Chieregati in de rijksdag voorlas, ging alleen over het Turkse probleem: de situatie aan de Hongaarse grens was alarmerend en Adrianus smeekte de Duitse vorsten en steden om hulp te sturen. Wat ze niet zouden doen.

Terwijl Chieregati in Neurenberg was, stuurde Adrianus hem een ander document, een prive-instructie over de manier waarop hij te werk moest gaan en wat hij moest zeggen. Het is een opmerkelijk document.

Nadat Adrianus de redenen heeft opgesomd waarom de vorsten zich tegen Luther zouden moeten keren, aangezien deze alle autoriteit (de hunne inbegrepen) onmogelijk maakt, keurig behandeld in verschillende punten, genummerd van 1 tot 7, keert hij naar andere onderwerpen. Of liever: hij mijmert over de interne situatie van de Kerk en schrijft dan:

Scimus in hac Sancta Sede aliquot iam annis multa abominanda fuisse, abusus in spiritualibus, excessus in mandatis et omnia denique in perversum mutata. Nec mirum si aegritudo a capite in membra, a summis pontificibus in alios inferiores praelatos descenderit. Omnes nos (id est praelati) et ecclesiastici declinavimus, unusquisque in vias suas, nec fuit iam diu qui faceret bonum, non fuit usque ad unum. Quamobrem necesse est ut omnes demus gloriam Deo et humiliemus animas nostras ei videatque unusquisque nostrum unde ceciderit et se potius quilibet iudicet quam a Deo in virga furoris sui iudicari velit. Qua in re, quod ad nos attinet, polliceberis nos omnem operam adhibituros ut primum curia haec, unde forte omne hoc malum processit, reformetur. Ut sicut inde corruptio in omnes inferiores emanavit, ita etiam ab eadem sanitas et reformatio omnium emanet. Ad quod procurandum nos arctius obligatos reputamus, quanto universum mundum huiusmodi reformationem avidius desiderare videmus. Nos, uti alias tibi dixisse credimus, pontificatum hunc nunquam ambivimus, immo quantum in nobis fuit, longe maluissemus privatam vitam agere et in sancto otio Deo servire. Et profecto pontificatum ipsum plane recusassemus, nisi Dei timor et sincerus electionis nostrae modus necnon schismatis ex recusatione nostra imminentis metus nos acceptare illum coegisset.

‘Wij weten dat in deze Heilige Stoel al gedurende enkele jaren veel verwerpelijk is geweest, misbruik in geestelijke zaken, overdaad in benoemingen, kortom alles in het tegendeel verkeerd. En het is geen wonder dat de ziekte van het hoofd af naar de ledematen, van de pausen naar de andere, lagere, geestelijken is afgegleden. Wij allen, dat wil zeggen: kerkvorsten en geestelijken, zijn afgeweken, ieder op zijn eigen weg, en al lang was er niemand die iets goeds deed, absoluut niemand. Daarom is het nodig dat wij allen eer bewijzen aan God en onze ziel verootmoedigen, dat ieder van ons ziet waar hij gevallen is en dat hij zich liever zelf beoordeelt dan dat hij zich door God met de roede van zijn toorn laat oordelen. Hierin moet u, voor zover het onszelf betreft, beloven dat wij alle moeite zullen doen om eerst deze Curie, vanwaar misschien heel dit kwaad voortkomt, te hervormen. Zoals daarvandaan het bederf naar alle lagere niveaus is doorgelekt, zo ook zou van hetzelfde punt de genezing en de hervorming van alles moeten doordringen. Wij achten ons des te meer verplicht om dit te bewerkstelligen als we zien hoezeer de hele wereld een dergelijke hervorming dringend wenst. Wij hebben u eerder al gezegd, menen wij, dat wij dit pausschap nooit hebben geambieerd: veel liever, voor zover het van ons zou afhangen, zouden we een teruggetrokken leven leiden en in heilige rust God dienen. We zouden zelfs dit pausschap hebben geweigerd als niet de eerbied voor God en de oprechte wijze van onze verkiezing en de vrees voor een schisma dat door onze weigering dreigde, ons had verplicht de keuze te aanvaarden.’

Mai visto! Gezien de zeer weloverwogen structuur van het eerste deel van dit document neig ik ertoe te veronderstellen dat de Instructio (zoals dit stuk meestal wordt aangeduid) niet is opgesteld door een secretaris, maar door de paus zelf.

Nooit eerder had een paus erkend dat er misstanden waren en nooit zou een paus dit hierna doen tot Johannes Paulus II in de aanloop van het Jubeljaar 2000 of Benedictus XVI toen het schandaal van het seksueel misbruik in de Kerk naar buiten kwam. Beiden zouden trouwens verwijzen naar Adrianus en zijn Instructio.

De reacties waren evenwel niet wat Adrianus gehoopt had. De Katholieken waren verbijsterd: hoe was het mogelijk dat zelfs de paus erkende dat de tegenpartij wel eens een punt zou kunnen hebben? Tegelijk waren de Protestanten enthousiast: als zelfs de paus zegt dat er iets fout is, waarom zouden ze dan nog in de schoot van de Kerk terugkeren?

De tijd voor een positieve reactie, voor een interne hervorming van de (katholieke) Kerk, was nog niet aangebroken. Maar Adrianus was de eerste die probeerde een antwoord te formuleren: morele hervorming, verbetering van de opleiding van de geestelijken, een soberder leven voor de geestelijkheid in het algemeen en voor de hogere echelons in het bijzonder.

adrianus_VI (12)

Aan het begin van augustus 1523 werd Adrianus ziek. Hij zou niet herstellen. Ondanks geruchten van het tegendeel, is het duidelijk dat hij door een natuurlijke doodsoorzaak overleed op 14 september 1523.

Aanvankelijk werd hij begraven in de oude Sint-Pieter, maar in 1532 werd zijn graf overgebracht naar de S. Maria dell’Anima, waar zijn schitterende grafmonument nog altijd te zien is.

Fiammingo, mai visto e senza nome. Fiammingo was Adrianus zeker en dat op verschillende manieren. Zijn morele en intellectuele achtergrond was dat van de IJsselsteden en van de Leuvense universiteit.

Hij was een professionele theoloog met weinig gevoel voor de literaire beweging van het Humanisme of voor de cultuur van de klassieke oudheid. Hij was ook Fiammingo in de zin dat zijn nauwste medewerkers voornamelijk uit de Nederlanden afkomstig waren, vaak met een band met de Leuvense universiteit.

Willem van Enckenvoirt is hiervan het meest prominente voorbeeld. Van Enckenvoirt was Adrianus’ enige kardinaal en hij was verantwoordelijk voor het grafmonument in de S. Maria dell’Anima. Adrianus’ secretaris, Dirk van Heeze of Theodoricus Hezius, was een andere waardige vertegenwoordiger die vermoedelijk dichter bij Adrianus stond dan Van Enckenvoirt.

Hezius keerde naar de Nederlanden terug en werd kanunnik in Luik. Zamen met andere gewezen collega’s realiseerde hij de stichting van het college voor theologiestudenten in Adrianus’ eigen huis in Leuven. Dit Pauscollege is misschien Adrianus’ eigen monument, het gedenkteken dat hij gewenst zou hebben. Niet een gigantisch graf zoals Julius II had gewenst, maar een college, een studiehuis, voor studenten. Mai visto. 

Vaak wordt het pontificaat van Adrianus VI op een negatieve manier beoordeeld. Hij was geen typische renaissancepaus, hij gaf geen opdracht tot grote kunstwerken, hij veroverde niet half Italië. Hij regeerde slechts anderhalf jaar, maar hij deed dingen die geen enkele paus ooit had gedaan.

De moed om fouten toe te geven en verbetering en hervorming van de Kerk te wensen is een blijvend getuigenis van een innerlijke glorie die pas in de laatste 25 jaar echt aandacht heeft gekregen. Fiammingo, mai visto, senza nome.

Adrianus VI. De Leuvense paus
Tot 3 oktober 2022

Gratis toegang
Inkomhal Maurits Sabbebibliotheek
Charles Deberiotstraat 26 in 3000 Leuven (België)

Openingsuren:
van 9 tot 18 uur (weekdagen)
van 9 tot 12 uur (zaterdag)

https://bib.kuleuven.be/msb/over/nieuws-events/berichten/adrianusvideleuvensepaus

2 Reacties to “Tentoonstelling over paus Adrianus VI in de Maurits Sabbebibliotheek in Leuven”

  1. Wouter Delaere Says:

    Zou het kunnen dat de schitterende biografische beschrijving niet volledig werd weergegeven? Ze eindigt nogal bizar

    Groeten

    Wouter Delaere

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s

Deze site gebruikt Akismet om spam te bestrijden. Ontdek hoe de data van je reactie verwerkt wordt.