Zaha Hadid in het MAXXI-museum in Rome

Posted in Romenieuws on 17 november 2017 by romenieuws

In Rome gaat de tentoonstelling L’Italia di Zaha Hadid zijn laatste weken in. De expo is een eerbetoon aan Zaha Hadid, de beroemde en veelvuldig bekroonde Britse architecte van Irakese afkomst die op 31 maart vorig jaar onverwacht overleed. Het voornaamste onderdeel van de expo is een overzicht van de gebouwen die de architecte in Italië realiseerde. De tentoonstelling is nog tot 14 januari te bezoeken in het MAXXI, het nationale museum voor moderne kunst dat eveneens door haar werd ontworpen en dat verschillende belangrijke prijzen in de wacht sleepte.

De tentoonstelling brengt hulde aan het werk en de stijl van de beroemde architecte, die in Italië haar artistieke en architectonische visie wist te combineren met knipoogjes naar de Romeinse barok, het Italiaanse futurisme en het werk van bekende architecten zoals Luigi Moretti en Pier Luigi Nervi. De tentoonstelling is ondergebracht in de spectaculairste galerij van het MAXXI-museum, de zaal met het enorme buitenraam dat uitkijkt op het binnenplein. Er worden zowel schetsen, 3D-modellen als foto’s getoond. Op een 20 m lange videomuur worden filmfragmenten geprojecteerd.

Een belangrijk onderdeel van de tentoonstelling is gewijd aan de Italiaanse projecten van Zaha Hadid, waaronder de oestervormige scheepsterminal in Salerno, het Messner bergmuseum in Plan de Corones (Dolomieten), de 185 m hoge Generali-toren en de woon-, handels- en zakenwijk City Life in Milaan, het hogesnelheidstreinstation in Afragola (Napels), het Regium Waterfront in Reggio Calabria, het Magica winkel- en ontspanningscentrum en het vijfsterrenhotel met businesscenter in Jesolo, het MAXXI-museum in Rome en het nog te bouwen Nuragische Museum en het Museum voor Hedendaagse Kunst in Cagliari.

Ook het designwerk dat Zaha Hadid voor Italiaanse topmerken zoals Fendi, Alessi, Sawaya & Moroni en Slamp maakte, komt aan bod, zoals zitbanken, stoelen, tafels, lampen, vazen, juwelen en handtassen. Ter gelegenheid van de tentoonstelling werd een catalogus uitgegeven (in het Italiaans en het Engels) onder redactie van Pippo Ciorra en Margherita Guccione.

Het boek bevat foto’s van Hélène Binet en kritische essays van onder anderen Patrik Shumacher, Stefano Boeri, Richard Burdett, Maurizio Gentile, Luca Molinari, Deyan Sudjic en Domitilla Dardi. De expo werd opgebouwd in samenwerking met Zaha Hadid Design, Zaha Hadid Architects en de Stichting Zaha Hadid.

Zaha Hadid werd in 1950 geboren in de Iraakse hoofdstad Bagdad en studeerde wiskunde aan de Amerikaanse Universiteit van Beiroet. In 1977 studeerde ze af aan de prestigieuze Architectural Association School of Architecture in Londen. Na haar afstuderen werkte ze bij het Office for Metropolitan Architecture (OMA) van architect Rem Koolhaas, waarna ze in 1980 voor zichzelf begon. Zaha Hadid werkte volgens de zogeheten deconstructivistische stijl, die ervan uitgaat dat de maatschappij verwarrend en onzeker is. Van een sensueel lijnenspel in haar ontwerpen maakte de architecte haar persoonlijke handtekening.

De architecte vergaarde wereldwijd succes en haar ontwerpen zijn in een groot aantal landen te vinden. Die zijn uitgevoerd in een deconstructivistische stijl. Zaha Hadid ontwierp onder meer het London Olympic Aquatic Centre, het Olympische zwembad in Londen uit 2012, het Al Wakrah-stadion in Qatar, het operagebouw in Guangzhou in China, het Heydar Aliyev Center in Azerbeidzjan, het Rosenthal Center for Contemporary Art in Cincinnati en het nationale museum voor moderne kunst in Rome (MAXXI) waarvoor ze in 2010 de Stirlingprijs ontving.

Die kreeg ze een jaar later nog eens voor de Evelyn Grace Academy in Brixton. In 2015 ontving ze ook de Royal Gold Medal for architecture van het Royal Institute of British Architects (RIBA), de belangrijkste architectuurprijs in het Verenigd Koninkrijk. In 2004 was ze de eerste vrouw die de prestigieuze Pritzker-prize won. Koningin Elisabeth verhief haar in de adelstand. Dit zijn slechts enkele van haar vele realisaties en prijzen.

Zaha Hadid tekende ook twee Belgische projecten: het nieuwe station in Knokke-Heist, een project dat echter werd afgeblazen, en het Havenhuis in de Antwerpse haven, waarvoor de architecte in 2012 zelf het startsein voor de bouw kwam geven. De ruimte voor het havengebouw in Antwerpen kreeg als eerbetoon een nieuwe naam en heet nu het Zaha Hadidplein.

Als industrieel vormgever ontwierp Zaha Hadid ook loungezetels, ergonomische kookeilanden, bouwbeslag, een conceptcar en damesschoenen. Voor kunsthandelaar Kenny Schachter bedacht zij een 8 m lange aerodynamische speedboot met asymmetrische vormen. Hadids bureau bedacht ook het decor voor een tournee van de Pet Shop Boys.

L’Italia di Zaha Hadid
Tot 14 januari 2018
Museo Nazionale delle Arti del XXI secolo (MAXXI)
Via Guido Reni 4A, Rome
Open van 11 tot 19 uur, donderdag tot 22 uur
Gesloten op maandag en feestdagen
www.fondazionemaxxi.it/events/zaha-hadid-e-litalia/
info@fondazionemaxxi.it

Advertenties

Italianen blijven (met veel voorsprong) de absolute ijsjes-kampioenen

Posted in Romenieuws on 15 november 2017 by romenieuws

De Italiaanse economie mag het dan nog altijd behoorlijk zwaar hebben, de ijsmakers doen het zeer goed. De Italianen produceerden vorig jaar 595 miljoen liter gelato. Dat is 19% van al het roomijs in de hele Europese Unie, zo blijkt uit cijfers van Eurostat. Duitsland (met ruim 20 miljoen méér inwoners dan Italië) volgt pas als tweede op ruime afstand met 515 miljoen liter.

De Italiaanse ijsberg is goed voor ongeveer 6,8 miljard bolletjes roomijs. De verkoop gebeurt grotendeels via de bijna 20.000 ijsjeszaken in Italië. Dat aantal neemt overigens nog elk jaar toe. Hoewel de meeste ijssalons kleine tot zeer kleine familiebedrijfjes zijn, is de hele bedrijfstak goed voor een omzet van liefst 1,4 miljard euro.

Eigenlijk niet zo verwonderlijk als je bedenkt dat de gemiddelde Italiaan meer dan honderd bolletjes ijs per jaar eet. De meeste Italianen eten er veel meer. Met meer dan 60 miljoen Italianen blijft er niet zoveel Italiaans ijs over om te exporteren. Italië staat op de Europese exportranglijst inzake roomijs dan ook pas op nummer vijf.

In een stad zoals Rome waar je in vrijwel elke straat minstens één ijsjesbar aantreft, mag het duidelijk zijn dat de Romeinse ijsmakers goed vertegenwoordigd zijn in de nationale statistieken. Nergens anders in Italië worden zo’n grote hoeveelheden ijs verorberd dan in Rome. Vrijwel iedere Romein eet er dagelijks wel eentje en de miljoenen toeristen kunnen er al evenmin aan weerstaan. Een ijsje eet je in Rome het liefst uit het vuistje, in een hoorntje of uit een bekertje.

Een tijdje geleden werd ook de finale van het jaarlijkse Gelato Festival gehouden, het belangrijkste evenement dat het ambachtelijke Italiaanse ijs in de kijker zet en jaarlijks op zoek gaat naar het beste Italiaanse ijsje. In een voorronde die begin mei plaatsvond in Rome, haalde Vincenci Lenci van de Bar della Darsena (una gelateria artigianale) in Fiumicino  (gelegen aan de Viale Traiano 133) de eerste plaats; tijdens de finale in Firenze won hij de zilveren medaille.

Deze tweede plaats was zeker verdiend voor de creatie van een ongelooflijke ijssorbet op basis van aardbeien en rode peper. Deze schijnbaar vreemde smaakcombinatie vloeit op een bijzonder aangename manier door je mond, blijft lekker lang hangen en zorgt vervolgens voor een fris, aromatisch en zelfs dorstlessend gevoel. Dit nieuwe ijs werd de voorbije warme zomer in Rome alvast een topper. Hoewel de traditionele smaken zoals vanille en chocolade immens populair blijven, lag ook ijs op basis van gember dit jaar goed in de markt.

Italiaanse ijsmakers combineren hun vakmanschap vaak met de ambachtelijke traditie die al werd ontwikkeld door hun ouders, grootouders en soms zelfs hun overgrootouders. Anderzijds staan ze ook open voor alle nieuwe ontwikkelingen inzake techniek en aarzelen ze niet om te experimenteren met nieuwe smaakcombinaties. Ze gebruiken hiervoor bovendien enkel de allerbeste ingrediënten om een fantastisch smakenpallet te bekomen. Het beroep van ijsmaker is in Italië overigens ook geprofessionaliseerd: Italië is waarschijnlijk het enige land ter wereld dat beschikt over een Gelato University.

www.gelatofestival.it

www.gelatouniversity.com

Op zoek naar de subura van Rome

Posted in Romenieuws on 14 november 2017 by romenieuws

In Italië kennen de liefhebbers van spannende thrillers de televisieserie ‘Suburra’ al langer, in België en Nederland was tot nog toe enkel het boek en de gelijknamige film bekend. Sinds kort biedt de streamingdienst Netflix de eerste afleveringen van de tiendelige televisiereeks Suburra eveneens aan. Het misdaaddrama is een soort van prequel op het gelijknamige boek en de bioscoopfilm. Suburra speelt zich volledig af in Rome, waar de katholieke kerk, de lokale maffia en een aantal corrupte politici met elkaar in aanvaring komen.

De naam suburra komt van het oud-Romeinse ‘Svbvra’. Subura was de antieke naam van de vallei aan de voet van de heuvels de Viminaal en de Esquilijn, grofweg het gebied tussen de basiliek van de huidige Santa Maria Maggiore en het Forum Romanum. Martialis schrijft over deze wijk: ‘de Suburra, daar waar het bloed vloeit…’, want aan het einde van de straat werden ook nog eens doodvonnissen voltrokken.

Gewone burgers wilden hier dus echt wel niet vertoeven. De wijk werd doorsneden door het Argiletum, een belangrijke straat in de oudheid. Ze liep van het Forum Romanum dwars door de Subura en was de hoofdroute door deze wijk, voordat ze overging in de Clivus Suburbanus. De route van het Argiletum volgde ruwweg de loop van de Cloaca Maxima. Het eerste deel van de straat werd later gewijzigd in het Forum van Nerva.

Helemaal aan het begin van de Argiletum, dus bij de Curia, stonden de kraampjes van de boekenverkopers, maar naarmate men de Subura naderde veranderde de omgeving. Veel van de bebouwing in de wijk in de Subura was hoogbouw, de zogenoemde insulae. Deze hoogbouw en voornamelijk de bewoners ervan (vooral arme Romeinen) zorgde er onder andere voor dat deze plek al in de oudheid een slechte naam had. Toch woonden niet alleen de arme Romeinen in de Subura, volgens Suetonius woonde bijvoorbeeld ook Julius Caesar er in zijn jeugdjaren.

Inderdaad werd Gaius Julius Caesar op 13 juli 100 v. Chr. in de Subura geboren als telg van een patricische familie die zich erop beroemde af te stammen van Iulus, de zoon van de Trojaanse held Aeneas en via hem van Venus. De vader van Caesar stierf toen hij ongeveer vijftien jaar was, bovendien bleek hij door bepaalde familierelaties in het verliezende politieke kamp te zijn beland. Daarom zocht de jonge Julius Caesar zijn heil buiten Rome totdat de politieke situatie dusdanig tot rust gekomen was dat hij aan een eigen politieke carrière kon beginnen.

Vele klassieke schrijvers beschrijven de Subura in niet mis te verstane termen zoals rumoerig, vies en als verblijfplaats van prostituees. Bovendien kwamen er door de dichte bebouwing vaak branden voor. Deze factoren zorgden ervoor dat keizer Augustus bij de bouw van het Forum van Augustus een hoge muur tussen zijn forum en de Subura liet oprichten.

Als je vandaag, komende vanaf de keizersfora, de Via della Madonna dei Monti inloopt (een straatje dat haast evenwijdig oostelijk loopt met de veel drukkere Via Cavour) volg je vrijwel het traject van de oude Romeinse Argiletum. De straat leidt je eigenlijk recht naar de plek waar de oude Subura-wijk zich bevond, die vooral bekend stond als rovers- en moordenaarshol, kortom, een oord van verderf. Rijkere Romeinen bleven hier best weg, tenzij met een paar stevige lijfwachten als beschermers.

In de smalle steegjes zou zelfs vandaag nog steeds het spook kunnen rondwaren van de zedeloze keizerin Messalina, de derde vrouw van Claudius en de moeder van Britannicus, die hier heimelijk de bordelen bezocht. Het verhaal gaat dat zij zelf ook regelmatig haar intrek nam in een kamertje in de Subura om daar zoveel mogelijk seks te hebben met zoveel mogelijk mannen.

Tegenwoordig is deze omgeving vooral overdag een charmante buurt, met een eigen sfeer en karakter. Vooral in de directe omgeving van de Piazza Madonna dei Monti is het ’s middags aangenaam vertoeven in de buurt van de fontein en met enkele uitstekende eetgelegenheden met buitenterrasjes zoals bv. Gli Angeletti.

Ook ’s nachts valt hier wel iets te beleven, je vindt hier ondermeer de bekende Ice Club, zonder twijfel de koudste plek van Rome. En jawel, de Piazza della Suburra bestaat ook nu nog en verwijst uiteraard naar het beruchte verleden van de buurt. In de vertaling van het Latijn naar het Italiaans is er een ‘r’ bij gekomen, Suburra dus.

Graag komen we nog even terug op de televisieserie Suburra die zoals verteld momenteel via Netflix wordt aangeboden. Het is de eerste eigen productie van de Amerikaanse streamingdienst in Italië. Het verhaal speelt zich volledig af in Rome.

Verschillende partijen strijden om een stuk grond aan de kust van Ostia. De Siciliaanse maffia is geïnteresseerd om hier een nieuwe haven aan te leggen en vervolgens de nieuwe mogelijkheden om cocaïne aan te voeren volop te exploiteren. Ook de aanleg van een gokparadijs behoort tot de mogelijkheden.

De lokale maffiabaas van Rome, de geheimzinnige Samurai, beheerst de volledige criminele wereld van de hoofdstad en zal de deal regelen. Dat is echter niet eenvoudig. Het Vaticaan bezit een deel van de grond, het bestemmingsplan moet worden gewijzigd, een andere projectontwikkelaar aast ook op de grond en een ander deel van het gebied is eigendom van een kleinere maffiabaas in Ostia. De rode draad in het hele verhaal dat zich in amper tien dagen tijd afspeelt, zijn de lotgevallen van drie jongeren die op hun manier allemaal te maken hebben met wat er aan de gang is. Op tien dagen tijd zal hun leven grondig veranderen.

Het zijn voldoende ingrediënten voor een pittig verhaal over de giftige mengeling van corrupte politici, lokale criminelen, zigeuners die azen op een deel van de pot, oude Romeinse adel met machtige vrienden, hoge geestelijken met geldzorgen of zondige verlangens.

In Rome overtreft de werkelijkheid echter vaak de fictie. Dat bleek eind 2014 nog eens toen het verhaal van de serie wel bijzonder profetisch uit de hoek kwam. De scenaristen beweerden onschuldig te zijn. De stad Rome zat blijkbaar al vele jaren effectief in de greep van maffiosi, corrupte politici, omgekochte ambtenaren, foute geheim agenten, ondernemers met gangsterallures en voormalige terroristen.

Die werkten allen mee aan een systeem dat de overheid al sinds het jaar 2000 honderden miljoenen euro’s heeft gekost. Het precieze bedrag valt niet te becijferen. Het netwerk kreeg in de media al gauw de naam ‘Mafia Capitale’. Maffieuze ondernemers of hun stromannen kochten lokale politici en topfiguren bij de stadsdiensten om, met de bedoeling de meest winstgevende aanbestedingen binnen te halen. Het criminele netwerk sleepte flink wat contracten in de wacht.

Interessant waren vooral het groenonderhoud, infrastructuurwerken, het schoonmaken van de straten, de huisvuilophaling en afvalverwerking, maar ook de uitbating van zigeunerkampen en opvangcentra voor vluchtelingen en asielzoekers bleken lucratief. De miljoenen euro’s die de malafide bedrijven op die manier van de stad Rome in handen kregen, werden echter niet besteed aan het uitvoeren van de contracten, maar vloeiden vrijwel uitsluitend naar de bankrekeningen van de criminelen. Verantwoordelijke ambtenaren die betrokken waren bij het systeem en deelden in de winst, moesten uiteraard zwijgen.

De figuur van Samurai uit de televisieserie kan zonder meer worden ingenomen door de inmiddels in het ‘Maffia Capitale’-proces veroordeelde Massimo Carminati. Hij was lid van de Banda della Magliana, een crimineel netwerk dat reeds in de jaren ’70 en ’80 in Rome opereerde. Carminati was er actief als huurmoordenaar. Hij behoorde ook tot de extreemrechtse groep die in 1980 een bomaanslag pleegde op het treinstation van Bologna en 85 doden maakte. Nochtans werd de man nooit voor meer dan een gewone overval veroordeeld en liep hij vele jaren gewoon rond in Rome.

Zoals gezegd: fictie wordt soms werkelijkheid of is het in dit geval andersom gegaan…? Een en ander werd zopas nog maar eens bewezen door een recent artikel in NRC.nl, met als veelzeggende titel: Badplaats Ostia is een maffiahoofdstad geworden. Het kan niet anders of de Italiaanse scenarioschrijvers ware visionairs zijn. Ofwel zijn ze zeer goed geïnformeerd…

Een trailer van de televisieserie Suburra kan je hier bekijken.

Vanaf volgend jaar geen tabak meer te koop in Vaticaanstad

Posted in Romenieuws on 13 november 2017 by romenieuws

In Vaticaanstad zullen vanaf volgend jaar geen sigaretten meer worden verkocht aan religieuzen, diplomaten en mensen die in het ministaatje wonen of werken. Het gaat om ongeveer 600 staatsburgers en zowat 2.000 medewerkers. Het is algemeen bekend dat wie in Vaticaanstad woont of werkt veel goedkoper kan winkelen of tanken, gewoon omdat er geen of weinig taksen worden geheven. Natuurlijk krijgt niet iedereen toegang tot het Vaticaan. Het is niet zo dat, wanneer je toestemming hebt om Vaticaanstad te bezoeken, je dan automatisch ook maar met je auto mag binnenrijden. Je moet uiteraard een toegangspasje hebben dat je binnen de muren van het Vaticaan brengt, maar dat houdt vele Romeinen niet tegen om voor hun familie en vrienden massaal inkopen te doen in de ministaat en tegelijk meestal ook nog eens hun benzinetank vol te gooien.

De beslissing om vanaf 2018 tabak te weren is rechtstreeks afkomstig van paus Franciscus zelf die niet langer praktijken wil toestaan die de gezondheid schaden of ongezond gedrag aanmoedigen. Vaticaanstad is daarmee waarschijnlijk het eerste land ter wereld dat de sigaret volledig bant. De woordvoerder van het Vaticaan geeft toe dat de maatregel ‘enkele miljoenen aan opbrengsten’ zal kosten, maar stelt dat de paus gezondheid belangrijker vindt dan geld.

Mensen vergeten vaak dat Vaticaanstad werkelijk een landje op zichzelf is. Piepklein weliswaar, maar toch een volwaardige staat. Met (bijna) alles erop en eraan. Op een oppervlakte van 44 ha vind je er niet alleen de imposante Vaticaanse Musea en de indrukwekkende Sint-Pietersbasiliek met het immense gelijknamige plein ervoor. Het ministaatje beschikt immers ook over heel alledaagse dingen, zoals een postkantoor, een supermarkt, een apotheek en een benzinestation.

Het is bij alle Romeinen bekend dat in het Vaticaan de aankoop van de meeste en vooral bepaalde goederen (zoals sigaretten en andere tabaksproducten, benzine, parfums en andere producten) erg goedkoop zijn omdat deze weinig of slechts lichtjes worden belast. Zo zijn sigaretten in het Vaticaan standaard al ongeveer 20% goedkoper dan op Italiaans grondgebied. Er worden ook geen BTW of accijnzen op tabak geheven, waardoor vergeleken met vele andere landen een pakje wel heel goedkoop wordt.

Volgens journalist Emiliano Fittipaldi die een boek schreef over de Vatileaks-affaire worden in het Vaticaan iedere maand ongeveer 10 miljoen sigaretten verkocht. Of dat cijfer klopt, is niet duidelijk. Zo hebben bisschoppen en kardinalen het recht om zich maandelijks maximaal 500 pakjes sigaretten aan te schaffen, maar het is niet geweten of ze dat ook allemaal doen.

Bij het benzinestation van Vaticaanstad kan je tanken aan een prijs die minstens 30 tot 50 cent per liter goedkoper is dan wat je in Rome en de rest van Italië aan de pomp betaalt. Net als in de winkels van de ministaat genieten de inwoners en de werknemers van Vaticaanstad van een gunstig prijsklimaat en komen ze heel wat goedkoper uit wanneer ze hier hun boodschappen doen of even bij de apotheker langslopen. Tegelijk kunnen ze natuurlijk vlug even hun benzinetank volgooien.

Paus Franciscus is niet de eerste paus die de verkoop van tabak verbiedt. Paus Clemens XII (geboren in 1652, paus van 1730-1740) deed het hem al eens voor, met dit grote verschil dat de pauselijke macht toen niet beperkt was tot het kleine Vaticaanstad maar zich uitstrekte over de hele pauselijke staat en bij uitbreiding de katholieke wereld.

De paus verbood het roken van tabak omdat hij vond dat wanneer rokers moesten niezen, deze schokkende bewegingen maakten die hem deden denken aan een orgasme… Dat was op zich al een bizarre denkpiste, die nog vreemder wordt als je weet dat deze paus kampte met een voortdurend afnemend gezichtsvermogen en vanaf 1732 zelfs volledig blind werd.

Anderzijds was hij toch niet helemaal wereldvreemd. Zo blies hij nieuw leven in de openbare loterij, een fenomeen dat door zijn vooranger Benedictus XIII (1724–1730) was verboden. Hij stelde ook orde op zaken in de financiën van het Vaticaan. De verbeterde financiële situatie stelde hem in staat de kunsten en wetenschappen te bevorderen en gaf hij ondermeer opdracht tot de bouw van de Trevifontein een een nieuwe gevel voor de San Giovanni in Laterano.

De droom van Innocentius X

Posted in Romenieuws on 12 november 2017 by romenieuws

Gisteren maakten we kennis met Giambattista Pamphili (Pamphilj, Pamfili, …) (1574-1655) alias paus Innocentius X, die op de Piazza Navona een imposant familiestulpje liet bouwen: het Palazzo Pamphili. Hij stamde uit een Umbrische familie die zich tijdens de vijftiende eeuw in Rome had gevestigd en vooraleer hij tot paus werd verkozen aan de Piazza Navona een bescheiden paleisje bewoonde. Innocentius X was een bizarre paus, maar wel eentje die net voor zijn dood zijn grote droom heeft kunnen waarmaken: de transformatie van de toen behoorlijk smerige Piazza Navona tot een oord waar de Romeinse elite zich thuis voelde. De grandeur van het plein is na Innocentius X nooit meer verdwenen.

De in Rome geboren Giambattista Pamphili volgde een opleiding als jurist en kwam nadien terecht in de hogere kerkelijke kringen. Hij werd nuntius in Napels (1621) en Madrid (1626) en bracht het tot kardinaal onder paus Urbanus VIII (1627) die hij op 15 september 1644 opvolgde en wiens familie onmiddellijk daarna naar het verblijf van kardinaal Jules Mazarin vluchtte, de opvolger van Richelieu en de latere hertog van Nevers.

Het pontificaat van Urbanus VIII ( Maffeo Barberini, 1568-1644) werd grotendeels beheerst door de problemen van de Dertigjarige Oorlog, waarin de paus – veelal tevergeefs – een bemiddelende rol trachtte te spelen. Hij stond daarbij meestal onder zware druk van Richelieu en raakte bovendien verstrikt in militaire familievetes met de Farneses en in financiële verwikkelingen door zijn ontstellende nepotisme, de buitenmatige begunstiging van verwanten bij het toekennen van ambten, titels, financiële en andere voordelen.

In het verzet tegen jansenisme en gallicanisme in Frankrijk liet hij zich leiden door slechte raadgevers; ook in de kwestie van Galileo Galilei heeft hij, tegen zijn persoonlijke vriendschap met de astronoom-filosoof in, uiteindelijk toegestemd in de veroordeling. Deze Barberini-telg ging dus niet meteen de geschiedenis is als de meest geliefde paus van Rome. Alle hoop ging naar de volgende paus.

Maar zijn opvolger, de nieuwe Pamphili-paus Innocentius X, deed het al niet veel beter. Ook hij verviel haast meteen in eenzelfde nepotisme als zijn voorganger en stond bovendien ook nog eens volkomen onder invloed van zijn heerszuchtige schoonzuster Olimpia Maidalchini, die door de Romeinen al spottend ‘la papessa’, de pausin, werd genoemd. Over deze illustere en machtsgeile dame zo meteen meer.

Innocentius X bevestigde op 26 november 1648 het protest van Fabio Chigi (de latere paus Alexander VII) die hij in 1651 tot zijn staatssecretaris maakte, tegen de Westfaalse Vrede. Hij steunde Mazarins tegenstander, kardinaal de Retz. In de Spaans-Franse spanningen trachtte hij een moeizame evenwichtspolitiek te voeren. Venetië en Polen steunde hij tegen de Turken. Zijn toestemming in de onzorgvuldige, en daardoor alleen reeds onverantwoorde, veroordeling van vijf stellingen, zogenaamd uit Jansenius’ Augustinus op 31 mei 1563, gaf aanleiding tot eindeloze debatten. In de Chinese ritestrijd veroordeelde Innocentius X in 1654 tot nader order de voorouder- en Confuciusverering.

Alleen voor de kunst in Rome leverde het pontificaat van Innocentius X nog een behoorlijke nalatenschap op. Diego Velazquez schilderde in 1650 het beroemd geworden portret van de paus. Het doek krijgt zeker een plaats in de galerij van belangrijke pauselijke schilderijen en benadert soortgelijke werken van renaissanceschilders als Raphaël en Titiaan. De krachtige penseelvoering van Velazquez en de aandacht voor de karakters zijn echter duidelijke kenmerken van de barokschilderkunst. Het portret bevindt zich in de Galleria Doria Pamphili aan de Via del Corso.

Eveneens onder Innocentius X voltooide Bernini het interieur van de Sint-Pietersbasiliek. Borromini herstelde het Lateraan. De Piazza Navona (met het Palazzo Pamphili en de Vierstromenfontein van Bernini) werd door Innocentius gesystematiseerd. Reeds kort na zijn verkiezing tot paus, vatte Innocentius X het plan op het water van de Acqua Vergine, het beste van Rome dat nog steeds de later gebouwde Trevifontein voedt, naar de Piazza Navona af te leiden om er een majestueuze fontein te voeden.

Het werd de aanzet tot een volledige renovatie van het plein, want de paus liet zoals je gisteren kon lezen ook een enorm familiepaleis bouwen. De bedoeling was voor iedere Romein meteen duidelijk: het nieuwe stulpje van de paus moest het nieuwe palazzo van zijn rivaal Urbanus VIII nog overtreffen. Deze laatste had in 1627 opdracht gegeven voor de bouw van het overweldigende Palazzo Barberini. De werken aan het Palazzo Pamphili werden geleid door de toen reeds bejaarde Italiaanse architect Girolamo Rainaldi (1570-1655), bijgestaan door Borromini (1599-1667).

Carlo Rainaldi (1611-1691), de zoon van Girolamo, zou later een belangrijke rol spelen in de verfraaiing van Rome. Hij werkte met zijn vader aan de fraaie Sant’ Agnese in Agone (eveneens op de Piazza Navona, naast Palazzo Pamphili), een project dat nadien door Borromini werd overgenomen. Zijn meesterwerk is de Santa Maria in Campitelli (vanaf 1660), één van de belangrijkste scheppingen van de late barok in Rome.

Ook voltooide hij in 1665 de door Maderno begonnen gevel van de Sant’Andrea della Valle en ontwierp hij de eerste aanleg van de Piazza del Popolo met de twee, later door Bernini en Domenico Fontana voltooide, bijna gelijkvormige centraalbouw-koepelkerken bij het begin van de Via del Corso. Carlo Rainaldi was ook verantwoordelijk voor de uitwendige bekleding van het koor van de Santa Maria Maggiore en de ervoor liggende trappenpartij, die pas in 1673, enkele jaren na zijn dood voltooid raakte.

Toen in 1651 het eerste water uit de centrale fontein klaterde, was het Palazzo Pamphili bijna afgewerkt. Maar de oude paus wilde meer. In 1652 legt hij tot meerdere eer en glorie van de familie Pamphili, naast zijn nieuwe paleis de eerste steen voor een nieuwe, prachtige kerk: de Sant’ Agnese in Agone. Het enorme project, waarbij een enorm kerkgebouw naast zijn deur werd opgetrokken, zorgde ervoor dat de droom van Innocentius X langzaam maar zeker werkelijkheid werd: de Piazza Navona groeide uit tot het kloppende hart van de Romeinse elite.

Maar het leven van de paus kende ook minder leuke aspecten, al draaiden vrijwel al zijn problemen om de voormelde donna Olimpia Maidalchini (1595-1657), de energieke en zeer machtsgeile weduwe van de broer van Innocentius X. Het was weliswaar dank zij haar immense bruidsschat dat de latere paus carrière kon maken aan het pauselijke hof, maar zodra hij tot paus verkozen was, kwam Olimpia de intresten op haar investering opeisen.

Haar invloed en macht werden zo groot dat men haar zoals niet alleen ‘la papessa’ maar ook ‘la regina’ noemde. Er verscheen zelfs een boekje met de titel ‘Het leven van donna Olimpia Maidalchini, hoe ze de Kerk bestuurde gedurende het pontificaat van Innocentius X’. Olimpia was hoe dan ook de drijvende kracht achter de paus. Onder druk gezet schonk de paus haar op zeker ogenblik zelfs zijn fraaie en pas afgewerkte palazzo aan de Piazza Navona. Waarom de paus dit heeft gedaan is eeuwenlang het onderwerp geweest van vele discussies waaruit de nodige complottheorieën ontstonden.

Het was vooral een probleem voor de paus dat de gierigheid en hebzucht van donna Olimpia geen grenzen kende en ook op moreel vlak nam ze het niet al te nauw. Sommigen meenden zelfs dat donna Olimpia de minnares van de paus was. Haar gedrag inspireerde het befaamde sprekende beeld Pasquino tot de uitspraken: ‘Olimpia, olim pia’ (destijds vroom), en ook ‘Olim pia, nunc impia’ (destijds vroom, nu verdorven).

Toen Innocentius X eindelijk doorkreeg dat vrijwel iedereen zich eerst tot Olimpia wendde voor gunsten of om iets gedaan te krijgen en dan pas bij hem aanklopte, als was het louter een formaliteit die moest vervuld worden, werd de schaamteloze intrigante van het pauselijke hof verbannen. Pas kort voor de dood van de paus in 1655 kwam het tot een verzoening tussen beiden. Maar zelfs toen sloeg Olimpia nog toe.

Hoewel Olimpia een groot deel van haar rijkdom en welstand te danken had aan haar pauselijke schoonbroer wilde ze geen cent uitgeven voor zijn begrafenis. Integendeel, nadat de paus overleden was, haalde ze nog vlug de laatste twee koffers met spaargeld onder zijn ledikant vandaan. Toen ze twee jaar later in 1657 zelf aan de pest stierf, werden in Palazzo Pamphili twee miljoen scudi in contanten aangetroffen.

In de Galleria Doria Pamphili staat een prachtige en indrukwekkende marmeren buste van deze dame (de hoogmoed en de hebzucht spatten er gewoon vanaf). Het is een fantastisch beeldhouwwerk van de uit Bologna afkomstige beeldhouwer Alessandro Algardi (1595-1654). Ook van paus Innocentius X maakte Algardi in 1645 een fraai bronzen beeld, het staat vandaag in het Palazzo dei Conservatori (Musei Capitolini). Algardi’s talrijke marmeren portretbustes munten uit door verfijnd naturalisme. Hij was ook de ontwerper van de fraaie parkaanleg van Villa Pamphili, even buiten het centrum van Rome.

Topstukken Vaticaanse Musea tijdelijk naar Chili

Posted in Romenieuws on 12 november 2017 by romenieuws

De Vaticaanse Musea lenen 146 kunstwerken uit voor een tentoonstelling in Santiago in Chili. De werken zijn er sinds dinsdag te zien in een expo met de naam El mito de Roma. Colección Museos Vaticanos (De mythe van Rome – Collectie uit de Vaticaanse Musea).

De tentoonstelling omvat zes secties die een tijdspanne van meer dan duizend jaar overstrijden en bevat kunstwerken die dateren uit de periode tussen de officiële stichting van Rome in 753 voor Christus tot het Edict van Milaan, in 313 na Christus.

Er zijn ondermeer kostbare vazen te bewonderen, evenals enkele belangrijke beelden van beroemde figuren zoals Julius Caesar en de keizers Augustus, Trajanus en Hadrianus, de top van de obelisk van Domitianus (op Piazza Navona), een zilveren ampul met de gezichten van de heiligen Petrus en Paulus en talrijke reliëfs, standbeelden, altaren, mozaïeken en fresco’s.

De tentoonstelling is nog tot 11 maart te zien in het Centro Cultural Palacio La Moneda en werd mogelijk gemaakt dankzij de contacten die de Chileense president Michelle Bachelet in Rome wist te leggen in de marge van een audiëntie bij paus Franciscus. De expo bekroont de samenwerking tussen beide landen en vindt plaats in het vooruitzicht van het bezoek van de paus van 15 tot 18 januari 2018 aan Chili.

De Zaak van Sinterklaas

Posted in Romenieuws on 12 november 2017 by romenieuws

Als rasechte Sint-Niklazenaar presenteert Herman Cole (in 2011 winnaar  van de S.P.Q.R. Romulusprijs) in zijn nieuwe boek ‘De Zaak van Sinterklaas’ een zoektocht naar de patroonheilige van zijn geboortestad.  Hij vond de vooredelstamoudbetovergrootvader van onze Sinterklaas in de vierde eeuw in Turkije, hij kruiste hem op de Middellandse Zee in de elfde eeuw, zag hem op de daken van Amsterdam in de negentiende eeuw en begroette hem in de straten van Küssnacht in de eenentwintigste eeuw.

Als medeoprichter van het Sint-Nicolaasgenootschap Vlaanderen (in 1989) was Herman Cole altijd al gefascineerd geweest in de bisschop van Myra. De auteur beleefde in 2007 voor het eerst de volkse mei-vieringen rond San Nicola in de Zuid-Italiaanse havenstad Bari. Met veel verrassende, leuke, opmerkelijke gebeurtenissen die hem het jongste decennium in het spoor van de Heilige Nicolaas overkwamen, vulde hij het boek De Zaak van Sinterklaas.

Het boek wordt op 14 november om 20 uur voorgesteld in Het Huis van de Sint, Stationsstraat in 9100 Sint-Niklaas (België). Inschrijven voor deze boekvoorstelling is verplicht via allegro2017@colesterolo.be. Na die datum is het boek verkrijgbaar in ’t Oneindige Verhaal, Stationsstraat 68 in Sint-Niklaas. Contact: info@oneindigeverhaal.be.

De Zaak van Sinterklaas
Auteur: Herman Cole
Aantal pagina’s: 208. 

ISBN-nummer 9789090305332
Prijs: 19,95 euro
Info: nicolemus@dezaakvansinterklaas.eu