Vierde New Generations Festival brengt architecten samen in Rome

Posted in Romenieuws on 21 augustus 2017 by romenieuws

De vierde editie van het New Generations Festival, een internationaal architectuurevenement dat de voorbije drie edities meer dan 5.000 architecten, ontwerpers, studenten en lokale autoriteiten van administraties en onderzoeksinstituten bij elkaar bracht, heeft dit jaar van 23 tot 26 september plaats in het Huis van de Architectuur (Casa dell’Architettura) aan de Piazza Manfredo Fanti in Rome. Het festival wordt georganiseerd door Gianpiero Venturini van Itinerant Office voor de culturele vereniging New Generations.

Het evenement krijgt steun van de vereniging OAR (Ordine Architetti, Pianificatori, Paesaggisti e Conservatori di Roma e Provincia) en de CNAPPC (Consiglio Nazionale Architetti, Pianificatori, Paesaggisti e Conservatori) die (landschaps)architecten, ontwerpers, restaurateurs en ruimtelijke planners groeperen en de Nederlandse ambassade in Rome. Eerdere edities van het New Generations Festival vonden plaats in Milaan, Firenze en Genua.

Er worden meer dan vijftig internationale experts en jonge ontwerpers als gast verwelkomd die zullen zorgen voor een compact programma van lezingen, rondetafels, projecties, videovoorstellingen en interviews. Onder hen vermelden we Architecture for Refugees (Zwitserland), Appareil (Spanje), Joni Baboçi (directeur Stedelijke Planning en Ontwikkeling van Tirana, Albanië), Emanuele Bompan (geograaf, La Stampa, Italië), Ricardo Devesa (hoofdredacteur UrbanNext, Actar, Spanje), Enorme Studio (Spanje), Fosbury Architecture (Italië), JoséFran Garcia (directeur IED City Lab, Spanje), Luca Montuori (raadslid Stedelijke Planning en Infrastructuur van de stad Rome, Italië), Orizzontale (Italië), SET Architects (Italië), Jean-Benoît Vetillard (Frankrijk) en U67 (Denemarken).

www.newgenerationsweb.com

www.casadellarchitettura.it

Romeinse marktplaats in Leiden

Posted in Romenieuws on 20 augustus 2017 by romenieuws

Aan het begin van de laatste week van de tentoonstelling Casa Romana in het Rijksmuseum van Oudheden in Leiden (Nederland) verandert de Tempelzaal op zaterdag 9 en zondag 10 september telkens van 10 tot 17 uur in een Romeinse marktplaats.  De toegang is gratis (zonder museumbezoek). Romeinse soldaten en burgers vertellen je alles over hun wapens, kleding en bezigheden. Kom luisteren naar verteller en Asterix-kenner Jaap Toorenaar, of volg een van de speedrondleidingen over Casa Romana. Voor kinderen zijn Romeinse knutseltafels en speurtochten voorzien. De museumshop en de bibliotheek houden dat weekend ook opruiming en een uitverkoop van tweedehandsboeken uit de museumbibliotheek en oude publicaties van het museum.

Een bezoek aan de Catacombe van Domitilla

Posted in Romenieuws on 18 augustus 2017 by romenieuws

Gisteren kon je lezen dat de pas gerestaureerde Catacombe van Domitilla opnieuw toegankelijk is voor het publiek. Vandaag brengen we een bezoek aan deze indrukwekkende plek uit de oudheid.Een bezoek aan de Catacombe van Domitilla is indien gewenst gemakkelijk te combineren met een bezoek aan de Catacomben van San Sebastiano en San Callisto, die zich beiden in de buurt bevinden. Los van de catacomben is de prachtige omgeving van de Via Appia Antica een bezoek of een wandeling hoe dan ook altijd waard.

Het immense gangenstelsel van de Catacombe van Domitilla, het grootste van Rome, zou oorspronkelijk de privé begraafplaats geweest zijn van Domitilla, een nicht van keizer Domitianus (81-96), die tot het rijke geslacht der Flavii behoorde. In 95 werd de man van Domitilla, Flavius Clemens, als christen verraden en op bevel van Domitianus terechtgesteld. Domitilla zelf werd verbannen naar het eiland Pandataria, het huidige Ventotene.

In de grafkelder heeft men inscripties gevonden met de naam Priscilla en van ene Acilius Glabrio die vermeld wordt in de teksten van Suetonius en Cassius Dio. Keizer Domitianus had hem in 91 ter dood veroordeeld om dezelfde reden als Flavius Clemens, de man van Domitilla, namelijk omdat ze ‘res novae’, nieuwe dingen wilden invoeren, wat zoveel betekende als christen zijn.

De catacombe van Domitilla werd herontdekt door de befaamde Italiaanse archeoloog Antonio Bosio (1576-1629). Hij schreef hierover in 1620 de Roma Sotterranea, dat na zijn dood nogmaals werd uitgegeven, in 1634. Hiermee begon eigenlijk de archeologische bestudering van de catacomben van Rome, al zou het nog een paar eeuwen duren vooraleer die studie grootschalig werd aangepakt. Omwille van zijn baanbrekende werk wordt Bosio weleens ‘de Christoffel Columbus van het ondergrondse Rome’ genoemd.

Tijdens de negentiende eeuw gebeurden er intense opgravingen door de Italiaanse archeoloog Giovanni Battista de Rossi (1822-1894) en de Vaticaanse commissie voor sacrale archeologie. De Rossi, die ook in 1848 de Catacombe van San Calllisto had herontdekt, is buitenlands lid geweest van de Koninklijke Nederlandse Akademie van Wetenschappen (KNAW).

Tijdens de vierde eeuw werd een grafbasilica gebouwd boven het graf van de heiligen Nereus en Achilleus. Beide mannen waren soldaten die onder Diocletianus (284-305) de marteldood stierven. Gregorius de Grote hield in deze basilica aan het einde van de zesde eeuw één van zijn beroemde preken waarin hij de ellendige tijd betreurde die Rome onder de dreiging van de barbaren doormaakte. De grafkerk die pas in 1874 ontdekt werd, is in essentie dezelfde als deze ten tijde van paus Damasus (366-384).

Het oorspronkelijke metselwerk is nog bewaard tot een hoogte van zeven meter. Voor de bouw heeft men de galerijen van de bovenste verdieping van de catacombe verwoest. De basilica heeft drie schepen, van elkaar gescheiden door rijen van acht zuilen, die vrijwel alle verschillend van vorm en afmeting zijn, ze werden waarschijnlijk geroofd uit Romeinse tempels. Het metselwerk dat het dak ondersteunt is modern, evenals de inrichting van de kerk. Het licht dringt binnen door brede vensters boven in het middenschip.

De basilica wordt voorafgegaan door een narthex, de twee zuilen die de narthex met de basilica verbinden zijn niet antiek. De narthex, soms ook atrium of paradijs genoemd, is de voorhal of het portaal van een kerkgebouw. Oorspronkelijk was de narthex een voorhal die deel uitmaakte van de galerij om het atrium (voorhof) van vroegchristelijke kerken. Later kreeg de narthex het karakter van een portiek.

Aan de wand hangt een inscriptie, waaruit blijkt dat het terrein eigendom was van de Flaviërs. In de basilica zie je naast het altaar de brokstukken van vier zuilen die het oude ciborium ondersteund hebben. De bewaarde resten laten het martelen van de titelheiligen zien. De rechterwand toont een nog half zichtbare inscriptie en een primitieve afbeelding waarin twee visjes zich vastbijten in een anker. De visjes symboliseren de gelovigen, zij houden zich vast aan het anker, symbool van het kruis.

De sarcofagen van de twee heiligen stonden oorspronkelijk in de apsis, vlakbij deze van de heilige Petronilla die zich sinds de achtste eeuw in de Sint-Pietersbasiliek bevindt (rechter transept). Ook de beide heiligen kregen toen een nieuw onderkomen, zij het in een nieuwe kleine basiliek aan de Viale delle Terme di Caracalla 28 die paus Leo III dichter bij de stad liet bouwen, de Santi Nereo e Achilleo, vlakbij de de thermen van Caracalla. Aan het einde van de achtste eeuw raakte de grafbasiliek buiten gebruik.

Achter de apsis van de grafbasilica bevindt zich de cubicolo di Veneranda. Tijdens de vierde eeuw wilden vele gelovigen dicht bij het graf van een heilige begraven worden, zo ook een zekere Veneranda. Zij rust ‘in mensa’, dat betekent dat het graf afgedekt werd door een stenen plaat waarrond familieleden samenkwamen voor een maaltijd om de herinnering aan de dode levend te houden, waarbij de afdekkende grafsteen als tafel gebruikt werd.

Veneranda is afgebeeld in de houding van een orante met een sluier op haar hoofd. De orantehouding is een christelijke gebedshouding waarbij men de armen symmetrisch uitstrekt en de geopende handen opheft tot op oorhoogte, terwijl men de ellebogen dicht bij de romp van het lichaam houdt. Deze gebedshouding zie je vaak terug in de vroegchristelijke kunst afgebeeld en wordt ook vandaag gebruikt door priesters.

Veneranda is gekleed in een wijde tot op de voeten neerhangend gewaad met wijde mouwen. Links zinspeelt een bos rode bloemen op het paradijs waarin Veneranda wordt binnengeleid door ‘Petronilla martyr’, in tunica en palla. Petronilla wijst met haar linkerhand naar een schrijn vol boeken. Boven symboliseert een opengeslagen boek de Goddelijke Wet, vervat in de Heilige Schrift.

De cubicolo is overvol met vele loculi, zelfs een gedeelte van de lunet van het arcosolium, de boogvormig afgedekte nis, werd gebruikt als graf voor ene Karisia. De tufstructuur was door de vele graven zo verzwakt geraakt dat ter ondersteuning een muur opgetrokken moest worden. In de andere galerijen zien we enkele grafplaten met verschillende afbeeldingen o.a. van een orante, een duif met olijftak, een zittende herder met een schaap aan zijn voeten… Dikwijls is in fraaie letters de naam van de overledene aangebracht met een heilwens.

Ten noordoosten van de vorige grafbasilica ligt het in 1854 ontdekte ‘ipogeo dei Flavi’. Dit hypogeum, een onderaardse gewelfde ruimte die gebruikt werd voor godsdienstige plechtigheden, situeert zich in het oudste deel van de catacombe dat toebehoorde toe aan een vermogende familie. Bij de ingang bevond zich de ‘sala dei banchetti funerari’, de zaal voor begrafenismaaltijden. In de muren werden talrijke graffiti gekrast.

Tot het complex behoort ook een cubicolo, versierd met een cantharos, een vaas met twee oren, en twee vogels. Heel dicht in de buurt van het ipogeo ligt een cubicolo waarvan de wanden versierd zijn met guirlandes, bloemenmandjes en vogels. In het hemelse paradijs plukken Amor en Psyche bloemetjes en vullen er manden mee. Psyche draagt vlindervleugels.

In de mythologie was Psyche een bijzonder mooi meisje wiens schoonheid de afgunst opwekte van de godin Venus. Deze beval haar zoon Amor het meisje verliefd te maken op een oerlelijke man, maar Amor werd zelf verliefd op Psyche. Hij bracht de nachten met haar door, en had Psyche verboden naar hem te kijken. Psyche hield dat natuurlijk niet vol, door nieuwsgierigheid geprikkeld ontstak zij op een nacht de olielamp en zag Amor liggen in diepe slaap. Verrukt over zowel mannelijke schoonheid hield zij de lamp scheef en een gloeiende oliedruppel viel op de schouder van Amor die verschrikt en woedend wegvluchtte.

Psyche vond hem niet meer terug en in haar vertwijfeling wendde zij zich tot Venus. De godin wilde haar wel helpen op voorwaarde dat zij zich zou onderwerpen aan zware beproevingen. Psyché stemde toe, slaagde in de proeven en vond uiteindelijk haar geliefde terug, ze werd met hem in een eeuwigdurend huwelijk verenigd. De symboliek is duidelijk, de ziel (psyche) die de beproevingen van het leven doorstaat, bereikt de onsterfelijkheid.

Ten zuidwesten van de grafbasilica ligt het ‘arcosolio degli apostoli piccoli’, een boogvormige afgedekte nis gewijd aan de boven de lunet in een halve cirkel in klein formaat voorgestelde apostelen. Dichtbij ligt het cubicolo van de doodgraver Diogenes die een leven lang de nissen in de catacombe uitgegraven heeft, aan de rechterwand zien we een mooi fresco van Paulus.

Hij is herkenbaar aan zijn magere gezicht, een lange puntbaard en een kalend hoofd, naast hem staat een foedraal met boekrollen. Dicht in de buurt van Diogenes kan je één van de weinige mozaïeken in de catacombe bewonderen, het toont drie jongelingen midden een vuur verwijzend naar een tekst uit het Oud Testament.

Ten zuidoosten van de grafbasilica vinden we de ‘cubicolo dei Fornai’, van de bakkersgilde die ook ‘cubicolo degli apostoli grandi’ genoemd wordt. Hier zetelt Christus tussen de apostelen die in groot formaat voorgesteld worden. Let op de scènes met werklieden die op de Tiber zakken graan uit de schepen sjouwen om ze op draagbaren naar de molens en bakkerijen te brengen.

Op de achtergrond symboliseert de wonderbare vermenigvuldiging van de broden de waardigheid van het beroep dat meel of brood verschaft voor het eucharistisch offer. Het fresco tegenover de ‘grote apostelen’ stelt de Goede Herder voor tussen vier schapen, symbool van de vier seizoenen.

Ver ten zuiden van de grafbasilica bevindt zich een derde cubicola van de apostelen. Hier bevindt zich het pronkstuk van de catacombe, een zeer jeugdige Christus zonder baard in de rol van leraar te midden van de apostelen. In zijn handen houdt Hij een geopende boekrol. Twee apostelen zijn verdwenen bij het uitvoeren van werkzaamheden in het graf.

De gewelfschildering is nauwelijks christelijk te noemen, we zien putti bezig met de wijnoogst. In het ‘cubicolo di Orfeo’ vinden we Mozes rechts boven Orpheus, terwijl hij op de rots slaat. Links wijst de profeet Micha naar een stad.

Het fresco ‘Maria met het Kind op de schoot’ is bijna geheel verdwenen. De kunstenaar heeft het in vervulling gaan van de profetie willen uitbeelden ‘En Gij, Bethlehem, zijt klein onder de duizenden van Juda, maar uit jou zal voortkomen diegene, die een heerser zal zijn in Israël’.

De catacomben en een bijhorend museum zijn sinds kort opnieuw geopend voor het publiek.  Openingstijden: van 9 tot 12 uur en van 14 tot 17 uur. Dinsdag gesloten. Lees verder

Catacomben van Domitilla gerestaureerd en opnieuw open voor publiek

Posted in Romenieuws on 17 augustus 2017 by romenieuws

De catacomben van Domitilla aan de Via Ardeatina (vlakbij de Via Appia Antica) werden de voorbije jaren gerestaureerd. De werkzaamheden zijn nu afgerond waardoor de grootste ondergrondse begraafplaats van Rome sinds kort opnieuw toegankelijk is voor het publiek. De talrijke fraaie muurschilderingen uit de derde en vierde eeuw werden met lasertechnologie gereinigd en opnieuw zichtbaar gemaakt. Vele afbeeldingen waren verborgen onder een donkere laag eeuwenoud roet. Archeologen benadrukken het belang van deze afbeeldingen die de meest concrete en best zichtbare getuigen zijn van de manier waarop christenen in de eerste eeuwen omgingen met de dood.

De catacomben van Domitilla zijn een ondergronds complex dat zich uitstrekt over een oppervlakte van meer dan 10 ha en uit vier verdiepingen bestaat. Het gangenstelsel werd doorheen de tufstenen ondergrond gehakt en is meer dan 17 km lang. Er bevinden zich bijna 150.000 graven. De gangen werden gegraven vlakbij een al bestaande ondergrondse ruimte, bekend als het Flavische hypogeum, en die een gang met loculi en sarcofagen omvat.

De gang is met schilderingen versierd. Later werd vlakbij deze gang een Triclinium gebouwd dat werd gebruikt voor de viering van een dodenmaal om de dode te gedenken. Volgens archeologen werden al vanaf de twee eeuw mensen begraven in het complex. De gangen werden uitgegraven vanaf het einde van de tweede eeuw tot het begin van de derde eeuw na Christus. Dat gebeurde onder een stuk grond dat door Flavia Domitilla, de kleindochter van keizer Vespasianus, was geschonken aan de Christenen.

Het belang van deze catacomben nam plots sterk toe toen de pausen hier vanaf de vierde eeuw de verering van de heiligen, onder wie de soldatenheiligen Nereus en Achilleus, bevorderden. Zij lagenbegraven onder de absis van de basiliek vlakbij het graf van de heilige Petronilla , die volgens het volksgeloof de dochter was van de Heilige Petrus.

Paus Leo III (795-816) liet de stoffelijke resten van de heiligen Nereus en Achilleus naar een nieuwe locatie overbrengen, toen de onzekerheid toenam bij de ondergang van het Romeinse Rijk. De paus liet daarvoor aan de Viale delle Terme di Caracalla 28 de Santi Nereo e Achilleo bouwen. De kerk bevindt zich vlakbij de thermen van Caracalla.

Daarna raakten de catacomben van Domitilla in de vergetelheid, tot ze in de zeventiende eeuw werden herontdekt door de befaamde Italiaanse archeoloog Antonio Bosio (1576-1629). Hij schreef hierover in 1620 de Roma Sotterranea, een werk dat na zijn dood nogmaals werd uitgegeven, in 1634.

Hiermee begon eigenlijk de archeologische bestudering van de catacomben van Rome, al zou het nog meer dan een eeuw duren vooraleer die studie grootschaliger werd aangepakt. Pas vanaf de achttiende eeuw begonnen wetenschappers de catacomben voor het eerst grondig te bestuderen. Omwille van zijn baanbrekende werk wordt Bosio weleens ‘de Christoffel Columbus van het ondergrondse Rome’ genoemd.

De belangrijkste voor het publiek toegankelijke catacomben zijn die van San Callisto die de grootste en de meest indrukwekkende is, de catacombe van San Sebastiano die de meest bezochte is, deze van Domitilla die misschien de interessantste is, ze liggen alle drie bij elkaar in de buurt aan de Via Appia Antica.

Ook interessant in Rome is de catacombe van Priscilla die de oudste christelijke begraafplaats is en na deze van San Callisto de belangrijkste, eveneens met prachtige fresco’s. In de catacombe van Santa Agnese ontbreken mooie fresco’s. De catacombe van Ciriaca (ook wel de catacombe van San Lorenzo geheten) onder de San Lorenzo fuori le Mura en de catacombe van San Pancrazio in Trastevere lokken heel wat minder bezoekers, al zijn ze voor geïnteresseerden in dit soort sites toch de moeite waard.

De catacomben van Domitilla zijn de enige met een ondergrondse
basiliek die je kan bezoeken. Alleen al dit gebouw is een bezoek zeker waard. De rijk beschilderde catacomben vertellen het verhaal van de christelijke gemeenschap in de eerste eeuwen na Christus. Een deel van de recente restauratie werd uitgevoerd door Duitse en Oostenrijkse specialisten. Je kan er ook de grafkapel bewonderen, die bekend staat als Cubiculum van Amor en Psyche.

De catacomben en een bijhorend museum zijn sinds kort opnieuw geopend voor het publiek.  Openingstijden: van 9 tot 12 uur en van 14 tot 17 uur. Dinsdag gesloten.

Om veiligheidsredenen mag je de catacomben alleen bezoeken onder leiding van een gids, met uitleg in het Italiaans, Engels, Frans, Spaans, Pools, Portugees en Duits. Boekingsinformatie vind je op de website www.domitilla.info.

Hoe de Catacomben van Domitilla bereiken?

  • Van Stazione Termini bus 714 richting tot Piazza Navigatori
    Volg vanaf dit plein de Via delle Sette Chiese tot nr. 282
  • Van Piazza Venezia bus 160 tot Piazza Navigatori
  • Van Piazza San Silvestro bus 160 tot Piazza Navigatori
  • Van Largo di Torre Argentina bus 30 tot Piazza Navigatori

www.domitilla.info

DiCaprio wordt da Vinci

Posted in Romenieuws on 16 augustus 2017 by romenieuws

Recent raakte nog een ander leuk da Vinci-nieuwsje bekend. Filmacteur Leonardo DiCaprio gaat de rol van Leonardo da Vinci spelen in de nieuwe gelijknamige biopic over het leven van de kunstenaar en wetenschapper. De film is gebaseerd op een biografie van Walter Isaacson, die in oktober verschijnt. Isaacson schreef eerder biografieën over Steve Jobs en Albert Einstein. Leonardo DiCaprio is overigens naar Leonardo da Vinci vernoemd. Het verhaal gaat dat zijn moeder de kleine DiCaprio voor het eerst in haar buik voelde schoppen terwijl ze in het Uffizi Museum in Firenze een schilderij van de renaissance-kunstenaar bewonderde.

Tentoonstelling Leonardo da Vinci nog tot 31 oktober in Brugge

Posted in Romenieuws on 16 augustus 2017 by romenieuws

Leonardo da Vinci (1452-1519) blijft het publiek blijkbaar fascineren. In Rome zijn op verschillende locaties (ondermeer in de Cancelleria, aan Piazza del Popolo, …) uitvindingen en kunstwerken van da Vinci te bekijken en enkele maanden geleden opende zelfs nog een gloednieuwe permanente tentoonstelling over Leonardo da Vinci aan de Via della Conciliazione maar nu kan je dat ook dichter bij huis. In Xpo Center Bruges op de site Oud Sint-Jan in Brugge kan je tot 31 oktober een bezoek brengen aan Leonardo da Vinci – The Inventions of a Genius. Het is een reizende tentoonstelling die na Brugge ook in andere steden wereldwijd zal neerstrijken. De expo toont de uitvindingen van de Italiaanse meester Een gelijkaardige tentoonstelling was in 2008 al eens in Brussel te zien, maar de expo in Brugge is nieuw.

Volgens kunsthistoricus en organisator Jean-Christophe Hubert werd aan deze tentoonstelling vier jaar lang met 22 mensen gewerkt. Van 6.000 tekeningen zijn een honderdtal schetsen gebruikt om maquettes en levensgrote replica’s van de werktuigen en uitvindingen van Leonardo da Vinci te maken.

In totaal omvat de expo zowat tweehonderd objecten, met behalve een honderdtal maquettes van da Vinci’s uitvindingen en machines ook meer dan honderd documenten en manuscripten van da Vinci en enkele tijdgenoten, waaronder Michelangelo) en 3D-voorstellingen. De organisator stelt dat een nieuwe generatie historici op basis van nieuwe ontdekkingen het werk van da Vinci soms anders interpreteren en van daaruit vertrokken zijn.

Brugge kreeg de primeur van de nieuwe tentoonstelling, volgens de organisatoren niet toevallig want het Vlaanderen van eind de vijftiende eeuw zou voor da Vinci een grote inspiratiebron geweest zijn. De expositie is nog tot 31 oktober te zien in Brugge, daarna vertrekt ze naar Istanboel in Turkije. Het is de bedoeling dat deze da Vinci-expo de komende vijf tot tien jaar de wereld rond reist.

De hallen van Xpo Center Bruges worden opgedeeld per thema: aeronautica (helikopter), leger (tank), mechanica (kruisboog op wielen), meetinstrumenten (camera obscura), hydraulica (drijfsystemen), architectuur (draaitrap), schetsen, schriftjes en replica’s (Mona Lisa). Tussen de maquettes zullen verschillende uitvindingen op ware grootte en interactief opgesteld staan. Als bezoeker kan je zelf de mechanismen van deze uitvindingen in werking stellen.

In de binnentuin van de historische gebouwen van de site Oud Sint-Jan, werd de befaamde brug van da Vinci opgebouwd. De bezoeker kan die proberen na te bouwen met behulp van zestien kleine stokken. Leonardo da Vinci bedacht deze brug rond 1480 voor het leger. Het zou de ‘Mona Lisa onder de bruggen’ worden.

De brug moest makkelijk te vervoeren zijn. Ze moest ook snel opgebouwd kunnen worden, stabiel én sterk zijn. Het bijzondere aan Leonardo’s brugontwerp is dat er voor de constructie geen bevestigingsmateriaal nodig is zoals touwen, spijkers of lijm. Ten slotte bevinden zich op de tentoonstelling verschillende schermen waarop da Vinci’s uitvindingen volledig worden uitgelegd en ontleed via 3D-filmpjes.

http://xpo-center-bruges.be/nl/home/

Omstreden Fyra-hogesnelheidstrein gaat tussen Rome en Napels rijden

Posted in Romenieuws on 14 augustus 2017 by romenieuws

De Fyra, de omstreden hogesnelheidstrein die eind 2012 werd gelanceerd als snelle spoorverbinding tussen Nederland en België, zal in de nabije toekomst in Italië worden ingezet in de regio Puglia en op de verbinding tussen Rome en Napels. Het Italiaanse Trenitalia heeft zeventien van de negentien treinen gekocht van de treinproducent AnsaldoBreda, een bedrijf dat intussen werd overgenomen door het Japanse Hitachi. Trenitalia is verantwoordelijk voor de exploitatie van de treinen in Italië. Het bedrijf is onderverdeeld in divisies voor langeafstandsvervoer, regionaal vervoer en goederenvervoer. Trenitalia zelf is een onderdeel van Ferrovie dello Stato (FS).

De Nederlandse Spoorwegen (NS) en de Nationale Maatschappij der Belgische Spoorwegen (NMBS) bestelden destijds negentien Fyra-treinen (zestien voor Nederland en drie voor België), maar die aankoop bleek een miskleun. De eerste Fyra reed eind 2012 tussen Amsterdam en Brussel, maar kampte al meteen met technische problemen. Begin 2013 werden de treinen na amper zes weken van het spoorwegnet gehaald. Er bleken problemen te zijn met de aandrijving, het openen van de deuren en de onbruikbaarheid van de treinstellen bij winterweer. België vaardigde op zijn spoornet een rijverbod uit voor de nieuwe hogesnelheidstrein nadat een deel van het plaatwerk van een Fyra werd gevonden. Dat was van het onderstel van een trein gevallen na sneeuw en vorst.

België en Nederland verbraken het contract, met een maandenlang politiek getouwtrek tot gevolg over wie moest opdraaien voor de financiële gevolgen. De Fyra’s bestemd voor België werden uiteindelijk nooit geleverd en de NMBS kreeg zijn voorschot van 37 miljoen euro netjes terug gestort. Nederland stuurde de treinen terug na een minnelijke schikking met AnsaldoBreda. De NS kreeg toen 125 miljoen euro terug. De Fyra draaide uit op een fiasco omdat de overheid vooral oog had voor de opbrengsten van de snelle trein, concludeerde een Nederlandse onderzoekscommissie die het debacle met de hogesnelheidstrein onderzocht. De commissie was ook teleurgesteld dat de Belgische Staat en de NMBS zich in het dossier niet hebben opgesteld als betrouwbare partners.